Het eeuwige gelijk van de huurder; De huurder als terrorist

Pacific Heights. Regie: John Schlesinger. Met: Michael Keaton, Melanie Griffith, Matthew Modine. In 18 theaters.

Het betrekken van een oud huis brengt vaak ongemakken met zich mee, die kunnen varieren van kakkerlakken en verbouwingsperikelen tot mysterieuze buren en klopgeesten, zo leert ons menige recente Hollywoodhit. Voor het jonge stel Melanie Griffith en Matthew Modine, dat in Pacific Heights (een Victoriaanse buitenwijk van San Francisco) een kolossaal pand betrekt is de grootste bedreiging aanvankelijk de hoge hypotheek. De koopsom van 750.000 dollar gaat iets boven hun begroting, maar door de benedenverdieping voor een evenmin kinderachtige prijs te verhuren moeten zij zich de luxe kunnen permitteren. De gebruikelijke zorgjes worden al snel overschaduwd door een echt probleem. Nog voor zij de kredietwaardigheid van de glad pratende, op het eerste gezicht tot de hoogste welstandsklasse behorende aspirant-huurder Michael Keaton goed en wel hebben kunnen controleren (dat schijnt in Amerika een standaardprocedure te zijn), heeft deze al zijn intrek genomen in het appartement. Vanaf dat moment maakt de man geen enkele aanstalte meer tot betaling en begint zelfs zijn huisbazen te terroriseren. De wet staat immers aan zijn kant: om een malafide huurder te verwijderen moet je in Californie van goede huize komen en flink investeren in een goede advocaat.

Het deels op eigen ervaringen berustende scenario van de debuterende auteur Daniel Pyne exploiteert de angsten van huiseigenaren door ze te transformeren tot een nachtmerrie. Werkelijk alles zit het sympathieke paar tegen: barse politieagenten bij een burenruzie, een niet zo vreselijk competente advocate, een ongeinteresseerde rechter en een tegen elk rechtvaardigheidsgevoel indruisende wetgeving. Het systeem kiest altijd partij voor de underdog, ook al is deze een evidente psychopaat en oplichter. Ras wordt duidelijk dat Keaton (in een van zijn beste rollen tot nu toe) bewust tracht zijn huisbazen tot wanhoop te brengen en ze vervolgens te ruineren.

De thriller van de Engelse regisseur John Schlesinger, hoe verzorgd en uitgekiend ook, strandt op de inconsequentie van het scenario, dat de schurk twee motieven tegelijk toeschrijft. Hij is zowel een sadistische gek, die plezier schept in het naar de afgrond drijven van minder getroubleerde zielen, als een gewone economische delinquent met het oogmerk de eigenaren weg te pesten, zodat hij het pand voor een zacht prijsje kan overnemen. Uiteraard hoeven beide aspecten van een crimineel brein elkaar niet uit te sluiten, maar in dramatisch opzicht zitten ze elkaar wel in de weg. De film wankelt daardoor tussen een misdaadkomedie en een psychologische thriller, die helemaal slagen in de lucht doet, wanneer slordig uitgewerkte suggesties opduiken over een erotische fascinatie van Griffith voor haar kwelgeest.

In een strakkere, misschien minder chic vormgegeven thriller zouden dergelijke psychologische motieven beter tot hun recht zijn gekomen. De gecompliceerde familieachtergrond van Keaton, die zijn wraakzucht moet verklaren, maakt nu een overbodige indruk, terwijl ook de sullige kwetsbaarheid van Modine - geen man waarmee het kennelijk beoogde yuppiepubliek zich graag zou identificeren - alleen maar vraagtekens oproept. De afhandeling van de plot, waarin Griffith stijlvol wraak neemt en er zowaar nog even tot weer een ander genre behoren grof geweld geintroduceerd wordt, lijkt nog het meest op een noodgreep om de film niet te snel te laten eindigen.

Of het nu komt door de verschijning van regisseur Schlesinger als 'dikke man in de lift', door de ontroerende gastrol van Melanie Griffiths moeder Tippi Hedren (The Birds), of door de locatie van Vertigo, steeds moest ik denken wat voor film de stilist Alfred Hitchcock nog uit een zo rammelend scenario had kunnen halen. Schlesinger is een onpersoonlijke ambachtsman, die zijn kwaliteiten wel vaker ten dienste heeft gesteld van modieuze thema's. Kennelijk ligt de doodsangst van boven hun stand levende huizenbezitters met een schuldgevoel nu goed in de markt.

    • Hans Beerekamp