Klimatologen oneens over gevolgen oliebranden Koeweit

ROTTERDAM, 23 jan. - De rookwolken in het zuiden van Koeweit komen volgens veel berichten van opgeblazen olie-installaties, aangestoken door de Irakezen om een rookgordijn te leggen waardoor de bombardementsvluchten op Iraakse troepen worden bemoeilijkt.

Andere bronnen betwijfelen of er olie-installaties branden; het zouden ook aangestoken of in brand gebombardeerde oliedrums in de tankgrachten in de Iraakse verdedigingslinies kunnen zijn.

Vrijwel zeker zijn de dikke rookwolken die nu over Zuid-Koeweit drijven nog niet het begin van de grote brand in Koeweit. Saddam Hussein heeft vaak gedreigd alle oliebronnen in Koeweit te zullen laten ontvlammen als hij de bezetting zou moeten opgeven.

Voor de oorlogvoerenden in het Golfgebied zal het voorkomen van een milieuramp op het ogenblik waarschijnlijk geen prioriteit hebben. Sommige klimatologen denken echter dat de enorme rookwolken die van brandende oliebronnen komen tot langdurige weersveranderingen zullen leiden. Die zouden een grote hongersnood in Azie tot gevolg kunnen hebben. Daarbij kunnen, volgens sommige bezorgde onderzoekers, meer doden vallen dan tijdens een oorlog in de Golf.

De mogelijkheid van een veel minder ernstige ramp verontrust de militairen op dit ogenblik misschien meer. Bij vernietiging van raffinaderijen en opslagtanks aan de kust kan veel olie in zee komen. Dat gebeurde ook tijdens de oorlog tussen Iran en Irak in 1983. Meer dan twee miljoen vaten olie vloeiden toen in de Golf en spoelden langs de kust van Saoedi-Arabie, Bahrein en Qatar (bij de ramp met de Exxon Valdez in Alaska kwamen ruim tien miljoen vaten olie vrij). Ontzoutingsinstallaties (die drinkwater uit zeewater maken) en elektriciteitscentrales (die redelijk schoon koelwater nodig hebben) moesten worden stilgelegd. Gebeurt dat nu weer dan staan de geallieerden voor extra logistieke problemen.

Koeweit produceerde, voor het Iraakse leger daar in augustus binnentrok, twee miljoen vaten olie per dag. De ambassade van Koeweit in Nederland zegt dat er ongeveer 900 oliebronnen zijn. Uit bijna al die bronnen spuit de olie vanzelf omhoog door de druk van het eveneens aanwezige gas. Alleen uit de bronnen in het Al-Wafra-veld, waar nu iets lijkt te branden, moet de olie omhoog worden gepompt. Deskundigen achten een langdurige brand daar uitgesloten. Een zelfwellende oliebron kan echter, als blussen niet lukt, jaren branden. De Koeweitse olie brandt goed want er zitten veel lichte componenten in. Blussen is gevaarlijk, tijdrovend en gespecialiseerd werk en wordt nog moeilijker als veel bronnen vlak bij elkaar branden. In 1964 brandde na een ongeluk een bron in het noordelijke Burqan-olieveld zes weken lang met een vlam van 150 meter hoogte. Uiteindelijk werd de brand geblust.

De Koeweitse ambassade-attache weet niet hoe de bronnen, voorafgaand aan de Iraakse inval, zijn afgesloten. Het kan beperkt zijn gebleven tot het dichtdraaien van afsluiters - volstorten van het boorgat met dikke modder is een meer afdoende maatregel. Een goed beveiligde bron is op grote diepte voorzien van veiligheidskleppen die automatisch sluiten als de druk aan het oppervlak wegvalt. Dat is het geval als de olie vrij uitstroomt en verbrandt. Het onbevestigde gerucht gaat dat vrijwel alle installaties op dit moment door de Irakezen van mijnen zijn voorzien. Of bij opblazen ook de diepe afsluiters worden vernietigd is onbekend.

Meteorologen en ecologen vragen zich bezorgd af wat er gebeurt als Koeweit brandt. Op conferenties, begin januari in Londen en op 12 januari in New York, waar gedeeltelijk dezelfde sprekers optraden, liepen de voorspellingen uiteen van een 'nucleaire winter' op het hele noordelijk halfrond en een verdere aantasting van de ozonlaag tot plaatselijke afkoeling.

De verschillende scenario's ontstaan omdat de onderzoekers ieder hun eigen rekenmodel hebben. Verder weet niemand hoeveel olie zal verbranden, hoeveel roet daarbij ontstaat en hoe hoog die rookdeeltjes in de atmosfeer terechtkomen.

De somberste voorspelling kwam van prof. Paul Crutzen van het Max Planck Instituut in Mainz. Crutzen voorspelde enkele jaren geleden dat na een grote kernoorlog de wereld getroffen zal worden door een nuclaire winter, een periode van extreme kou als gevolg van de afscherming van zonlicht door stofwolken die hoog in de stratosfeer blijven hangen. Crutzen denkt dat wanneer in Koeweit tien miljoen vaten olie per dag in vlammen opgaan er zich binnen 100 dagen een uitgebreide roetwolk boven het noordelijk halfrond ontwikkelt waardoor de gemiddelde temperatuur met 5 tot 10C zal dalen.

Collega's van Crutzen betwijfelen deze uitkomst. Richard Turco, een belangrijke Amerikaanse klimaatonderzoeker die Crutzens idee van de nucleaire winter heeft uitgewerkt en genuanceerd, en de chemicus John Cox, adviseur van een grote staatsoliemaatschappij in de Golf, houden het op drie miljoen vaten die per dag zullen verbranden en schatten dat daardoor per maand 500.000 ton rookdeeltjes niet erg hoog in de atmosfeer zullen komen. Ze denken dat er zeker honderdmaal zo weinig rookdeeltjes in de atmosfeer komen als bij een grote kernramp, maar sluiten niet uit dat dit grote gevolgen zal hebben voor de oogst in omringende, vooral oostelijk gelegen landen omdat de heersende winden die kant op waaien. Een vertegenwoordiger van British Petroleum, B. R. R. Butler, vindt de schattingen van Cox en Turco echter veel te hoog. Hij verwijst naar het ongeluk met de Koeweitse bron in 1964: die brandde erg fel en er kwam weinig roet vanaf.

Cox blijft voorlopig bij zijn pessimistische conclusie. Zelfs een kleine temperatuurverlaging zou in de Golf en op het Indiase subcontinent al grote gevolgen hebben. Cox denkt dat de moesson erdoor uit zal blijven, met dramatische gevolgen voor de voedselproduktie. Hij toonde zich tegenover de Washington Post overigens ongelukkig over het effect van zijn ongerustheid: “Ik probeerde gegevens aan te dragen zodat men Saddam Hussein zou kunnen waarschuwen dat een grote brand in Koeweit de landbouw in Irak zou verwoesten. Maar toen begonnen allerlei idioten te roepen: 'Maak je geen zorgen, het is niet zo erg, blaas gerust al die olievelden op, het geeft niets'.”

    • Wim Köhler