'Ik zag een grote gillende schaduw'

TEL AVIV, 23 jan. - “Uit het oosten hoorde ik een verschrikkelijke fluittoon. Ik zag een groot ding op me afkomen; een grote gillende schaduw uit de hemel.” Zo schetste een verslaggever van radio Israel, die gisteravond vlak bij de inslag van de Iraakse Scud-raket in Tel Aviv was, zijn persoonlijke ervaring.

“Ik zag geen vuurstraal achter het ding. Het kwam met ongelooflijk grote snelheid naderbij. Ik gooide me in de modder en hield mijn microfoon naar de hemel gericht open. Ik hoorde de raket aankomen en over me heen fluiten. Meteen daarop een geweldige ontploffing. De luchtdruk was zo groot dat de microfoon uit mijn hand werd geslagen en brak zodat ik de inslag niet op de band heb. Ik besefte dat de raket enkele tientallen meters van me was gevallen. Even was het stil. Er hing een grote rookwolk boven me. Ik onderzocht mezelf of ik was gewond. Toen hoorde ik schreeuwen, kinderen huilen en zag ik in de duisternis mensen rennen.”

Op de plaats van de inslag, een dichtbebouwde woonwijk in Tel Aviv, brak paniek uit. De raket doorboorde een appartementsgebouw van twee etages dat onmiddellijk daarop instortte. Door de geweldige luchtdruk werden nog twintig omliggende appartementsgebouwen zwaar beschadigd. Binnen tien minuten stonden tientallen ambulances op de plaats van de ramp. Met zwaar materieel werden mensen uit ingestorte woningen gered.

Weer een Hitler

“Ik was in Auschwitz”, zegt de 85-jarige Esther, de schrik nog in haar ogen. “Daar heb ik mensen door gas zien sterven. Waarom overkomt me dat nog een keer? Ik ben al oud. Moet ik het nog een keer meemaken? Komt er hier in het joodse land weer een Hitler die me met gas wil vermoorden? Mijn huis is helemaal verwoest. Er is niets van overgebleven. Alle meubels, al mijn juwelen en alle foto's van mijn in de holocaust omgekomen familieleden zijn in het puin verdwenen. Mijn hele leven speelde zich in mijn appartement af. Ik wil niet meer leven, ik wil sterven. Waar moet ik de kracht vandaan halen om opnieuw te beginnen? Waar ga ik naar toe?”

Irith en Juda hadden net hun gasmaskers opgezet en hun baby van een jaar in de plastic veiligheidstent gestopt toen de raket insloeg. “Ik werd door de luchtdruk tegen de muur geslagen”, vertelde Juda. “Enkele stenen vielen op de tent van ons kindje. Mijn vrouw Irith rende er op af. Gelukkig hebben we hem ongedeerd uit zijn tentje kunnen halen. We renden naar buiten. We roken gas, maar dat was geen gifgas, dat kwam uit fornuizen.”

Kennissen van me die op enkele honderden meters van de plaats wonen waar de Iraakse Scud onheil en verderf zaaide hebben vanmorgen hun koffers gepakt en zijn bij vrienden in een dorpje nabij Tel Aviv ingetrokken. “Ik houd het niet meer uit”, vertelde de vrouw. “Met kleine kinderen in huis is zo'n ervaring een hel. Nog nooit ben ik zo neerslachtig geweest als vanmorgen.”

Vanmorgen kwamen tientallen bewoners naar hun verwoeste huizen terug om nog wat kostbare of dierbare spullen op te halen. Volgens de Israelische televisie hebben plunderaars in de duisternis vannacht in het puin hun slag geslagen.

Ik heb ook deze Iraakse raket gisteravond horen inslaan. Omdat er niet zo ver van mijn huis vandaan ook Patriot-raketten de lucht ingingen heb ik verscheidene ontploffingen gehoord zodat ik niet weet of er meer dan een Scud op Israel is gevallen. De legerwoordvoerder houdt het in ieder geval op een Iraakse Scud, waartegen twee Patriot-raketten zijn afgeschoten.

Ondanks het gisteravond opnieuw bewezen Iraakse raketgevaar is vandaag de economische activiteit hervat alsof Israel niet in staat van oorlog verkeert. Maar de straten zijn wat minder druk dan gisteren, de mensen zien er wat grauwer uit en meer gespannen en de schreeuwende krantekoppen zijn groter dan ooit.

    • Salomon Bouman