China stuurt voor processen buitenlanders weg

HONGKONG, 23 jan. - Als het China's opzet was om de aandacht van de wereld voor de Golf-oorlog uit te buiten voor de geruisloze berechting van de leiders van de democratische protestbeweging in 1989, dan heeft het met de uitwijzing van een groep mensenrechtenactivisten het tegenovergestelde bereikt.

Twee Britse, twee Amerikaanse en twee Nederlandse activisten, die samen een onafhankelijke “Delegatie van Verontrusten inzake de Mensenrechten in China” hadden gevormd, waren op 17 januari in Peking aangekomen om in gang en op handen zijnde processen van dissidenten bij te wonen. Met uitzondering van een in Amerika woonachtige Chinees reisden de zes op toeristenvisa, maar ze werden niettemin door een aantal regerings- en justitiele instanties ontvangen en beleefd te woord gestaan.

Maandag werd de groep echter door de politie in hechtenis genomen voor een schrobbering. Hen werd verteld dat zij binnen 24 uur China moesten verlaten wegens 'anti-regeringsactiviteiten in strijd met hun status als toeristen'. Ook de Chinees, accountant in Los Angeles, werd met zijn Chinese paspoort in de hand zijn eigen land uitgezet. Hij had eerder te horen gekregen dat hij toestemming kon aanvragen om de processen bij te wonen, maar hij kreeg geen antwoord toen hij naar de procedure informeerde.

De rel is een nieuw voorbeeld van het 'dubbele gezicht' van China. Een aantal overheidsinstanties wil China's kwalijke mensenrechten-situatie en de betrekkingen met de beschaafde wereld wel verbeteren, maar wordt telkens overschreeuwd door xenofobe hardliners. De Nederlandse leden van de groep, sinologe Ardi Bouwers van het mensenrechten-documentatiecentrum 'Steun China Nu' uit Leiden en Lee Man Ling van de groep '4 Juni Democratie Bevordering' uit Eindhoven, meenden dat er ook nog een ander element in het Chinese spel was: de aanwezigheid van een delegatie van de Hongkong Federation of Students, die een sit-in voor de Grote Hal van het Volk wilde houden om toegang tot de rechtszaal af te dwingen. Volgens Bouwers en Lee vreesde de politie dat de twee groepen hun activiteiten zouden bundelen, vandaar dat met de 'buitenlandse' groep eerst korte metten werd gemaakt. De zes werden gisteravond op het vliegveld van Hongkong als helden onthaald.

Vandaag, een dag na de deportatie, is het proces tegen Wang Dan (25), nummer een op de lijst van gezochte leiders van de beweging in 1989 begonnen. De tenlastelegging luidt opruiing en contra-revolutionaire propaganda. De minimum straf hierop is vijf jaar. Inhoudelijke vragen over Wangs zaak werden niet beantwoord, maar op vragen over diens gezondheid vernam de groep dat “geruchten dat hij met een gebroken been zat niet correct zijn”. Het proces tegen Wang Dan is 'openbaar' maar Ardi Bouwers zegt dat de Chinezen openbaar definieren als “toegankelijk voor familieleden en betrokkenen”. Wie betrokkene is maakt de rechter uit; doorgaans zijn dat 'slachtoffers' van de misdadiger. Op zeer korte termijn worden ook processen verwacht tegen de journalisten Wang Juntao en Chen Ziming, die als de “twee zwarte handen achter de contrarevolutionaire rebellie” van 1989 zijn gebrandmerkt. Twee anderen, de cultuur-criticus Liu Xiaobo (35) en Ren Wanding zijn vorige week voor geweest, maar er is nog geen uitspraak gedaan. Liu Xiaobo was een van de vier hongerstakers, die vlak voor de aankomst van het leger op het Plein van de Hemelse Vrede over een wapenstilstand onderhandelde om de resterende studenten de kans te geven 'vrijwillig' het plein te verlaten.

    • Willem van Kemenade