Golfoorlog 1

Is de op 16 januari begonnen militaire actie tegen Irak een VN aangelegenheid of een Amerikaans initiatief met een VN-sausje?

Aanvankelijk speelde de Veiligheidsraad de eerste viool; resolutie 661, waarbij de blokkade werd ingesteld, sprak van: “The Security Council decides that all States shall... .”. Vervolgens zwakte de Veiligheidsraad zijn beslissingen af. Resolutie 665, een verzoek om de blokkade met zeestrijdkrachten te handhaven, was beperkt tot een oproep aan: “those Member states co-operating with the Government of Kuwait”. En bij resolutie 678 machtigde de Veiligheidsraad “those Member States to use al necessary means”. In feite wentelde de Volkerenorganisatie hier de verantwoordelijkheid over het gebruik van geweld af op de Verenigde Staten in plaats van zelf te beslissen zoals art. 42 van het Handvest uitdrukkelijk voorschrijft.

Het ware overigens beter geweest als een fractie van de huidige materiele inspanning voor het op de been brengen van een strijdmacht van een half miljoen koppen was gebruikt voor een efficiente blokkade. Een denktank, VN-agentschappen in de Irak omringende landen alsmede grensbewaking te land en in de lucht rondom Irak hadden in dit opzicht Saddam Hussein het regeren behoorlijk zuur kunnen maken. Thans kunnen we slechts hopen op een spoedig succesvol einde van de Golfoorlog.

Maar er is ook een niet te verwaarlozen kans dat een dergelijk einde nog lang niet in zicht is en dat de crisis escaleert tot een enorme wanorde in het Midden-Oosten. In dat geval zal de wereld weer vol verwachting naar de Verenigde Naties staren. Daarom behoort de Nederlandse regering thans het gezag van de Verenigde Naties te verstevigen en haar onvoorwaardelijke steun aan de Verenigde Staten kritisch te bezien.

    • G. J. van de Griendt
    • Bestuurslid Vereniging Juristen voor de Vrede