Engeland stuurt alsnog een kunstenaar naar de Golf

LONDEN, 22 jan. - De man die voor het Britse Imperial War Museum officieel de oorlog in de Golf moet vastleggen, de schilder John Keane, vertrekt na bijna een half jaar wachten deze week alsnog naar Saoedi-Arabie.

Keane was half augustus al uitverkoren als Groot-Brittannie's 'official war artist' voor de Golf, maar hij kon steeds niet op reis omdat het Britse ministerie van defensie andere prioriteiten meende te hebben dan het verlenen van een visum aan een oorlogsverslaggever van het artistieke soort.

Nadat het Imperial War Museum en het ministerie na Kerstmis eindelijk een compromis hadden bereikt, bleek niemand aan een verzekering voor Keane te hebben gedacht. De schilder was niet van plan zelf een derde deel van zijn honorarium aan premie af te dragen. De kwestie dreigde uit te groeien tot een schandaal, maar uiteindelijk verklaarde een krant zich bereid garant te staan. “Het is belachelijk”, zei Keane eerder deze week over de vertraging. “Ik had er natuurlijk al lang moeten zijn”.

Het conflict zou niet zo hoog zijn opgelopen indien de Britse regering aan het eind van de Tweede Wereldoorlog niet was opgehouden zelf kunstenaars uit te zenden naar brandhaarden in de wereld. In de jaren 1940-'45 waren enkele tientallen kunstenaars nog vrijwel continu in opdracht van de regering werkzaam en daarnaast werden nu en dan anderen belast met speciale taken. Het idee van de officiele oorlogs-kunstenaar dateerde uit de Eerste Wereldoorlog: het ministerie van propaganda zond toen kunstenaars uit om het gewapend conflict vast te leggen. In ruil voor een honorarium schonken de kunstenaars, zo lang de oorlog duurde, het copyright van hun werk aan het ministerie. Wat zij tentoonstelden en later verkochten was gebonden aan de beperking dat geen lijken mochten worden afgebeeld.

Toen de Britse overheid geen kunstenaars meer engageerde, nam het Imperial War Museum het initiatief tot op zekere hoogte over. Er zijn geen officiele kunstenaars-verslagen van de strijd in Korea, Maleisie en Borneo - om maar enkele post-imperiale brandhaarden te noemen - maar Noord-Ierland werd door het museum in 1972 wel een officiele opdracht waardig geacht. En de laatste echte oorlog waarin Groot-Brittannie was verwikkeld, die in de Falklands, werd geportretteerd door de schilder-tekenares Linda Kitson.

John Keane is uitgekozen op grond van tentoonstellingen van eerder werk over onder meer Noord-Ierland en Nicaragua. Met het museum is afgesproken dat hij 10.000 pond ontvangt en dat het Imperial War Museum het gemaakte werk eenmaal ten toon kan stellen. Het museum heeft bovendien het recht een schilderij uit te kiezen voor zijn verzameling. Op deze afspraak kwam kritiek: sommigen vinden dat het museum er met een schilderij bekaaid af komt. Officiele opdrachten aan oorlogsschilders als Keane leiden ongetwijfeld tot grotere belangstelling en dus hogere prijzen voor zijn werk. Linda Kitson, die als voorganger van Keane de Falklands heeft vastgelegd, popelt om ook naar de Golf te mogen. “Ze zouden tientallen kunstenaars moeten sturen, niet een. Ik vind het verschrikkelijk dat ik niet ook ga.”

    • Hieke Jippes