Belgie vreest aanslagen Palestijnen

BRUSSEL, 21 jan. - Wanneer Belgie een dezer dagen zou worden opgeschrikt door een spectaculaire terroristische actie, dan zullen de autoriteiten in ieder geval met vrij grote zekerheid weten wie daar achter zit.

Afgelopen woensdagavond hield een oplettende agent van de Brusselse gemeentepolitie in de buurt van de Grote Markt namelijk een Palestijn aan die, naar zijn papieren gevraagd, niemand minder bleek te zijn dan Walid Khaled, de woordvoerder van Fatah Revolutionaire Raad van Abu Nidal en de rechterhand van die terroristenleider.

Fatah Revolutionaire Raad is de groep die de verantwoordelijkheid heeft opgeeist voor de gijzeling van de Belgische arts Jan Cools, die vorig jaar werd vrijgelaten, en voor de gevangenhouding van de 'Silco-gijzelaars', de zeven Belgen en Fransen wier schip enkele jaren geleden in de Middellandse Zee werd opgebracht. Anderhalve week geleden werden de laatste vier Belgische gijzelaars, door bemiddeling van de Libische leider Gaddafi, op vrije voeten gesteld in ruil voor een wegens een moordaanslag op joodse kinderen in Antwerpen tot levenslang veroordeelde Palestijn.

De Brusselse politie moest Walid Khaled echter vrijlaten toen bleek dat de man beschikte over een geldig toeristenvisum dat hem door het Belgische consulaat in Beiroet was verstrekt op 11 januari, de dag voor de Silco-gijzelaars werden vrijgelaten.

Toen eerste-minister Wilfried Martens hoorde van de aanhouding en vrijlating van de Palestijn, tegen wie, zoals de gerechtelijke autoriteiten hadden laten weten, geen opsporings- of aanhoudingsbevel bestond, heeft hij de Belgische Staatsveiligheid opdracht gegeven om de man op te pakken en hem donderdag op een vliegtuig laten zetten met bestemming Beiroet.

Zaterdag werden in de Belgische Senaat kritische vragen gesteld naar aanleiding van de zaak, waaruit grote verwarring binnen het Belgische kabinet bleek. Martens sprak over een “beoordelingsfout” van degene die de beslissing heeft genomen op BZ. Minister van buitenlandse zaken Mark Eyskens zelf verdedigde de aanwezigheid van Walid Khaled met het argument dat het voor de Belgische zaakgelastigde in Beiroet moeilijk was geweest om de Palestijn, zo vlak voor de vrijlating van de Silco-gijzelaars, een visum voor Belgie te weigeren.

De gastvrijheid die Eyskens' ministerie de Palestijn bood is echter nog verder gegaan: om te voorkomen dat Walid Khaled direct bij zijn aankomst op de Brusselse luchthaven Zaventem zou zijn aangehouden is een ambtenaar van het ministerie hem komen ophalen zodat hij de douane niet hoefde te passeren.

Minister van binnenlandse zaken Louis Tobback, de man die met alle middelen probeert op het ogenblik aanslagen te voorkomen, was furieus over het verstrekken van een toeristenvisum aan de man die Belgische staatsburgers jarenlang in gijzeling heeft laten houden. “Ik was totaal onwetend over die zaak”, zo zei hij. Tobback weigerde commentaar op de houding van zijn collega van buitenlandse zaken: “Ik wil er geen persoonlijke zaak van maken, maar sommige dingen in dit land grenzen aan de rand van de waanzin.”

Martens zei gisteren ook nog dat de Palestijn in Brussel was voor een “debriefing”, een afrondend gesprek over de Silco-affaire. Dat hangt dan weer samen met het feit dat de Belgische zaakgelastigde in Beiroet, Jan Camps, luitenant-kolonel is van de SDRA, de militaire inlichtingendienst. Die dienst zou zeer veel interesse hebben gehad voor een gesprek met iemand die, op het moment dat er een oorlog tegen Irak woedt, goed geinformeerd is over de plannen van de Palestijnse verzetsorganisaties.

Dit verhaal stond gisteren in onze extra zondageditie.

    • Frits Schaling