Tomahawk-kruisraketten gaan secuur op doel af

ROTTERDAM, 20 jan. - Een missile is een brandstoftank met een bom aan een kant en een motor aan de andere kant, schrijft een handboek. Dat mag waar zijn voor een Scud-raket, het geldt niet voor de Tomahawk-kruisraket: die heeft twee brandstoftanks en twee motoren. Een Tomahawk is dan ook geen 'missile' maar een 'cruisemissile', een kruisraket. Kruisraketten zijn eigenlijk onbemande vliegtuigen.

Vanaf de Amerikaanse oorlogsschepen 'Wisconsin' en 'Missouri' zijn de laatste dagen vele tientallen Tomahawks op Irak afgevuurd. Met succes: waarnemers die ze vanuit hun hotel in Bagdad zagen voorbijkomen zeggen dat ze secuur op hun doel afgingen. BBC-journalist John Simpson, een van de laatste verslaggevers die de afgelopen dagen nog in Bagdad was, zei in een van zijn berichten: “In de straat naast mij zag ik zojuist op dertig voet hoogte een kruisraket voorbijkoersen”.

Kruisraketten worden gewoonlijk (gezien nucleaire lading en bereik) als strategische wapens beschouwd maar er zijn, zoals inmiddels duidelijk is, ook kruisraketten met conventionele lading. Hun kracht schuilt in hun 'radar-onzichtbaarheid', die langs twee wegen bereikt wordt. De kleine raketten reflecteren erg weinig radarstraling en vliegen bovendien zo laag dat ze gewoonlijk volkomen buiten het bereik van radarinstallaties blijven.

De Verenigde Staten hebben, op initiatief van de hardnekkig gescheiden opererende luchtmacht en marine, een aantal verschillende kruisraketten ontwikkeld. De huidige kruisraketten kunnen zowel vanaf de grond, vanaf een vliegtuig of vanaf een schip (ook een onderzeeboot) gelanceerd worden.

De Tomahawk is een Sea-Launched-Cruise-Missile (SLCM: 'slickem') die door General Dynamics geproduceerd wordt. Hij dankt zijn diameter (53 centimeter) aan de torpedobuizen van de onderzeeboten waarvoor hij begin jaren zeventig werd ontworpen. Er is inmiddels ook een Ground-Launched versie (GLCM) die vanaf een vrachtwagen wordt afgevuurd. De Tomahawk is 6, 4 meter lang.

De Tomahawk blaast zich zijn lanceerbuis uit met een raketmotor die vaste brandstof gebruikt. Binnen enige seconden na het afvuren openen de 'flip out'-vleugels en wordt de taak van de 'rocket booster motor' overgenomen door de tweede motor: een turbofan ('fanjet'). Dat is een min of meer conventionele vliegtuigmotor. Op tv-opnamen van Tomahawk-lanceringen is het wisselen van de wacht goed te zien.

De turbo-fan is een 'air-breathing' motor: hij gebruikt vloeibare brandstof die hij met gewone lucht verbrandt. Dat kan omdat de raket extreem laag vliegt, een kruishoogte van minder dan 10 meter is niet bijzonder.

Dank zij de notoir zuinige turbofan, het gebruik van luchtzuurstof en de betrekkelijk lage kruissnelheid (885 kilometer per uur) is de reikwijdte van de Tomahawk extreem hoog: afhankelijk van het lanceerplatform (trailer of schip) en de gekozen explosieve lading tot meer dan 2.800 kilometer.

De Tomahawk krijgt zijn doel vooraf ingeprent en kan dus niet onderweg van bestemming veranderen. Er wordt ook niet meer gecommuniceerd met de raket. Boven land zoekt en vindt een kruisraket zijn, vaak met opzet grillige, weg met hulp van het TERCOM-systeem (Terrain Contour Matching). In essentie worden daarbij de contouren (het relief) van het terrein, zoals de raket dat elektro-optisch waarneemt, voortdurend vergeleken met een digitaal vastgelegde beschrijving van dat landschap die met hulp van satellietfoto's is verkregen. Boven zee faalt TERCOM natuurlijk. Tomahawks die vanaf een schip worden gelanceerd vliegen tot aan de kust uitsluitend op een traagheids-navigatiesysteem (met gyro-tollen en versnellingsmeters). Boven land komt daar TERCOM bij.

    • Karel Knip