Pers in Israel moet zich aan militaire censuur houden; Jordanie wil bemiddelen; Twee minuten na het alarm sloegen de Scud-raketten in

TEL AVIV, 20 jan. - Toen ik gisterochtend om tien minuten over zeven ontwaakte, prees ik me gelukkig na twee slapeloze nachten enkele uren rust te hebben genoten. Nauwelijks had deze gedachte plaats gemaakt voor een bezoek aan de badkamer of de sirenes loeiden.

Weer zat ik nog geen halve minuut later met het gasmasker op in mijn met nylon en plakband afgesloten werkkamer. “Waar zullen de raketten nu vallen”, spookte het door mijn hoofd. Veel tijd om daarover te piekeren kreeg ik niet. Nog geen twee minuten na het alarm sloegen de Iraakse Scud-raketten in: drie zware klappen in het Tel Aviv-district.

Een paar uur later zag ik de ravage die een van de ingeslagen raketten op een paar kilometer van mijn woning had aangericht. Tegen de 200 kilogram aan explosieven was ontploft bij een doel dat ik in strikte opdracht van de militaire censuur niet nader mag aanduiden.

[De Israelische legerwoordvoerder heeft gisteren de buitenlandse pers in zeer scherpe bewoordingen op het hart gedrukt zich aan de regels van de militaire censuur te houden en geen informatie te verstrekken waardoor de Iraakse raketschutters nog betere resultaten zouden kunnen boeken]

Door de Iraakse voltreffers op Israels metropool raakten volgens de legerwoordvoerder gisteren tien mensen licht gewond. Circa honderd appartementen en woningen bij een elders ingeslagen raket liepen grote materiele schade op. Daar gebeurde een “wonder”. De enkele meters diep in de grond geslagen raket ontplofte net boven een ondergrondse schuilkelder waar vijftig mensen sinds vrijdagavond dicht op elkaar gepakt zaten. Na de eerste raketaanval in de nacht van woensdag op donderdag hadden zij het vertrouwen in hun 'veiligheidskamers' thuis verloren en ondergrondse veiligheid gezocht.

Als de raket enkele centimeters dieper zou zijn ingeslagen, zou het fataal zijn afgelopen.

Nauwelijks van de klap bekomen eisten de mensen die uit de getroffen schuilkelder kwamen van hun regering een onmiddellijke lucht-straf-expeditie tegen Irak. “Waarom nog wachten”, zeiden ze, “het gaat om ons leven.”

Na de tweede Iraakse raketaanval overwogen de Israelische autoriteiten het roer van de burgerbescherming om te gooien en de burgers te gelasten bij luchtalarm niet naar hun 'veiligheidskamers' te rennen maar een veilig heenkomen in de schuilkelders te zoeken. Na een lange en diepgaande discussie viel de beslissing ten slotte uit ten gunste van de 'veiligheidskamers' in de huizen en appartementen.

“We moeten er rekening mee houden dat Irak Israel alsnog met chemische wapens en gifgassen zal aanvallen”, zei de legerwoordvoerder gistermiddag. Israelische veiligheidsspecialisten zijn van oordeel dat de 'veiligheidskamers' een betere bescherming tegen deze wapens bieden dan de schuilkelders die niet gas-bestendig worden geacht.

Duizenden inwoners van Tel Aviv vertrouwen noch op de veiligheidskamers, noch op de schuilkelders. Vijfduizend burgers hebben de bedreigde stad verruild voor de badplaats Eilat, in het zuiden van het land, of zij reisden naar vakantieplaatsen in het noorden, in Tiberias en elders. Arkia, de binnenlandse luchtvaartmaatschappij, heeft extra vluchten naar Eilat ingelast om aan de grote vraag te voldoen.

Hoewel de bevolking van Tel Aviv volgens Israels leiders de onzekere veiligheidstoestand in de stad moedig en met het noodzakelijke uithoudingsvermogen verdraagt, zijn de afgelopen dagen 1.200 inwoners met hartaanvallen, hyperventilatie, misselijkheid en andere verschijnselen van angst in ziekenhuizen behandeld.

Tel Aviv blijft ook vandaag en de komende dagen in “staat van oorlog”. De scholen zijn gesloten en alle industrieen en ondernemingen die geen rol spelen in de nationale produktie zullen evenmin draaien. De straten zijn leeg, de cafes gesloten en van tot voor kort uitbundige uitgaansleven is al helemaal geen sprake meer. Geen Israelische leider heeft de ruim een miljoen inwoners van de agglomeratie Tel Aviv kunnen beloven dat de noodtoestand spoedig voorbij zal zijn. Met angst in het hart wacht de stad op nog meer Iraakse raketaanvallen. Bagdad heeft dat beloofd en heeft tot nu toe woord gehouden.