Klassieke talen

1 Afgezien van de mooie titel 'Europese beschaving vereist contact met klassieken', zijn we nogal terleurgesteld over het artikel van de hoogleraar Grieks professor C. M. J. Sicking (NRC Handelsblad, 10 januari). We vrezen dat het adviseurschap bij het ministerie van onderwijs, dat hij naast zijn hoogleraarschap bekleedt, zijn kijk op het geheel ietwat subjectief heeft gemaakt. De basisvorming als een reele zaak voor het gymnasium en het klassieke onderwijs aanprijzen gaat ons te ver.

Zoals bekend heeft staatssecretaris Wallage in zijn basisvormingsvoorstel uitgerekend in de vrije ruimte zitten snoeien, zodat er in de eerste 2 leerjaren nog maar 3 echt vrij te besteden uren overblijven. Hoe we daarin naast levensbeschouwelijke vorming de derde moderne taal (heel belangrijk voor het Europa '92) en de klassieke talen kunnen onderwijzen is ons een raadsel. Het programma klassieke talen is inderdaad, zoals Sicking zegt, in veel opzichten verbeterd, maar dit houdt niet in dat we nu met veel minder uren uit kunnen komen.

Hierbij komt dat Sicking, als academicus, de praktische problemen niet kent. Zo is hij blijkbaar niet op de hoogte van het feit dat staatssecretaris Wallage van plan is voor de scholen, die niet bereid zijn in brede scholengemeenschappen op te gaan, maar die zelfstandig willen blijven een extra korting op de lessen toe te passen. Hierdoor zal er van de voorgespiegelde 32 wekelijkse lesuren niets terecht komen. Meer vakken dus, met minder uren.

Bovendien is ons bekend dat zelfstandige gymnasia die hoog op de nieuwbouwlijst stonden weer ervan zijn afgevoerd omdat er nu andere prioriteiten gelden.

Alles bij elkaar maakt dat de basisvorming voor de zelfstandige gymnasia een nogal sombere zaak wordt. Op zichzelf hebben we ons altijd constructief en realistisch over de basisvorming proberen op te stellen. Zoals de staatsecretaris en zijn adviseurs het echter willen raken we wel erg ver van onze idealen verwijderd.