'Geringe gevolgen economie'; Hoogleraar Pen berekent op briefkaart effect Golfoorlog:

HAREN, 20 jan. - “Eigenlijk zouden we 1991 moeten overslaan, want zelfs zonder Saddam Hussein wordt dit al een moeilijk jaar voor de Nederlandse economie.”

De directe gevolgen van de Golfoorlog voor Nederland zijn volgens prof. dr. Jan Pen “beperkt”. Maar, voegt de Groningse econoom er direct aan toe, “daarbij ga ik uit van twee veronderstellingen: de oorlog in de Golf duurt niet lang en de olieprijsontwikkeling blijft beheerst”.

In zijn tot studeerkamer annex huisbibliotheek verbouwde garage op de uitlopers van de Drentse Hondsrug filosofeert en redeneert de 69-jarige hoogleraar economie over de Golfoorlog. “Economische modellen die bij de beleidsvoorbereiding worden gebruikt kunnen een oorlogssituatie niet 'verwerken'. Het cruciale element is vertrouwen, en dat is niet adequaat te modeleren”, zegt Pen.

Hoe reageren de deelnemers aan het economisch proces op de ontwikkelingen in de Golf? Stellen ondernemers investeringsbeslissingen uit? Zien consumenten af van de aanschaf van duurzame consumptiegoederen?''De computers laten ons in de steek. We zullen het weer moeten doen met de achterkant van de sigarendoos'', zegt Pen schertsend.

Hij laat een berekening zien, die hij op de achterkant van een briefkaart heeft gemaakt. “Vanmorgen las ik in de Volkskrant dat de Nederlandse econoom Arjo Klamer de Amerikaanse oorlogsuitgaven op vijftig miljard dollar schat”, zegt Pen in een toelichting op zijn berekening. Daarna volgt een college macro-economie met als eindresultaat: “De Amerikaanse economie zal als gevolg van de Golfoorlog met ruim een procent groeien”.

Voor de economieen van de Verenigde Staten en Groot-Brittannie komt de Golfoorlog op een 'gunstig' moment. Pen: “De Angelsaksische landen stonden aan de vooravond van een 'nul-groei' en worden nu door de Keynesiaanse bestedingsimpuls opgepept. En Saddam Hussein geeft president Bush het argument om zijn 'read-my-lips'-belofte (geen belastingverhoging in de Verenigde Staten, c.b.) eervol te breken.” Verhoogt Bush de belastingen niet dan kun je daar volgens Pen de conclusie uit trekken dat het beteugelen van het Amerikaanse financieringstekort een prioriteit heeft van “nul komma nul”.

Pen gaat bij zijn 'briefkaart-prognose' van de veronderstelling uit dat de Golfoorlog weken, hooguit enkele maanden duurt. “Duurt het Golfconflict een jaar of langer dan sluit ik een wereldrecessie niet uit.”

Het grote verschil met vorige oorlogen is dat je nu nog geen prijs opstuwende effecten hebt. In het verleden ging een oorlog vaak direct samen met een oplopende inflatie: de extra vraag naar arbeid en kapitaal dreef de prijzen op bij een beperkte produktiecapaciteit. “Nu zie je in de Verenigde Staten en Groot-Brittannie nog geen extra 'oorlogsvraag' ontstaan. Er wordt nog geen oorlogsmateriaal aangemaakt.” Maar als het conflict lang gaat duren dan zal de vervangingsvraag de inflatie aanwakkeren, meent Pen.

Hij wijst er ook op dat de economische impulsen nu minder groot kunnen zijn dan in het verleden. “De ontspanning tussen Oost en West zou kunnen betekenen dat niet alle materiele verliezen van wapentuig weer volledig worden aangevuld. En ook daarbij is het tijdsaspect de cruciale factor.”

Een tweede veronderstelling van Pen is dat hij verwacht dat de olieprijzen zich beheerst zullen ontwikkelen. “En onder de veronderstelling dat de Iraakse raketten geen olievelden zullen treffen, voorzie ik weinig problemen. Immers, de Saoediers staan bij de Amerikanen en de Britten in het krijt en via het laag houden van de olieprijs kunnen ze de rekening betalen. En gezien hun produktiecapaciteit zijn ze daartoe in staat.”

Ook de Nederlandse economie is gebaat bij een stabiele olieprijs. Ondanks de intentieverklaringen die werden afgelegd na de eerste (1973) en tweede (1979-1980) oliecrisis is de Nederlandse economie nog steeds energie-verslindend. Een hogere of instabiele olieprijs heeft daardoor in Nederland een groter effect op de investeringsbeslissingen dan in concurrerende landen. Een 'jojo-olieprijs' leidt tot onzekerheid. En omdat Nederland zo energie-intensief is, zullen de deelnemers aan het economisch proces zo lang mogelijk belangrijke beslissingen uitstellen.

Pen voorziet voor dit jaar een matige economische ontwikkeling. De afnemende groei van de wereldhandel heeft tot gevolg dat in Nederland de groei van de werkgelegenheid tegenvalt. “In lijn met het Centraal Planbureau voorzie ik voor dit jaar een stijgende werkloosheid”, zegt Pen. “Tegenwind voor het kabinet Lubbers-Kok. Immers, bij een tegenvallende economische ontwikkeling zullen arbeidsongeschiktheidsregelingen weer worden 'gebruikt' om werknemers te 'dumpen'. En minder mensen in de WAO is een van de doelstellingen van het kabinet. Maar praten over sociale zekerheid in Nederland geeft mij op dit moment een vreemd gevoel, beseffende dat er een oorlog in het Midden-Oosten aan de gang is.”

    • Cees Banning