Apotheose in teken van 'tegenstrijdige belangen'

SARAJEVO, 20 jan. - “Iets minder kansloos maar niet kansrijk.” Op de 1500 meter gaf Leo Visser zichzelf en het Nederlandse legioen gisteren rondom de Zetra-ijsbaan in Sarajevo weer een sprankje hoop op de Europese schaatstitel. Na de vijf kilometer, toen Johan Olav Koss een formidabele tijd neerzette, waren die kansen aanzienlijk geslonken. Maar dank zij een overwinning op de schaatsmijl kwam Visser weer een stapje dichter in de buurt van de Noorse wereldkampioen.

De tien kilometer van vandaag levert zodoende toch nog een interessante apotheose op. Daarbij ontstaat wellicht een vorm van 'broedermoord'. Koss kan zich in een directe confrontatie optrekken aan de stayer Veldkamp, die zich gisteren nog niet gewonnen wilde geven. Tussen de Hagenaar en Koss gaapt na de 1500 meter een schier onoverbrugbaar gat van 21 seconden, maar hij gaat nog strijden voor het predikaat 'de beste Nederlander'. De achterstand op Visser van ruim veertien seconden zag Veldkamp niet als een probleem. “Ik vecht altijd, al sta ik vijftig seconden achter”, sprak hij strijdlustig.

Veldkamp kan dus de plannen in de war sturen van Visser die tegen de nog niet geheel herstelde Karlstad rijdt. Coach Ab Krook zal de Europese kampioen geen taktische opdracht meegeven. “Alleen als Koss in de buurt blijft van Veldkamp en Bart kansloos is voor de tweede plaats, dan zou je kunnen overwegen om de handrem te gebruiken. Maar dat beslis je pas tijdens de race.”

BELANGEN

Visser bleef gisteren tamelijk stoicijns onder de ontstane situatie. Het is sterk in z'n voordeel dat het duo Koss-Veldkamp een rit voor hem op het ijs komt. De co-piloot sprak dan ook slechts van “tegenstrijdige belangen”. En over Veldkamp: “Ik zag aan z'n gezicht dat het voor hem nog niet is beslist. Ik ken hem goed genoeg om te weten dat hij nog zal vechten voor een goede klassering.” Visser putte moed uit de indruk die Koss op hem maakte tijdens de 1500 meter. “Er ontbrak iets. Hij reed niet zo sprankelend als een dag eerder op de vijf kilometer. Als Koss op de tien kilometer weer in die vorm verkeert ben ik volstrekt kansloos.”

Visser is naar Sarajevo gekomen om een gooi te doen naar de Europese titel. Maar eigenlijk vormt het EK slechts een tussenstation naar de Olympische Winterspelen. Daar ligt zijn einddoel: goud op de vijf kilometer. Visser wil in Albertville de teleurstelling van zijn leven wegpoetsen. Drie jaar geleden leek hij in Calgary het Olympisch goud op die afstand al in zijn zak te hebben maar routinier Tomas Gustafson stak daar onverwachts een stokje voor. Visser stond na de rit van de Zweed versteend en volledig gedesillusioneerd langs de baan. “Ik heb mij later nog weleens op videobeelden gezien. Dat moment zal ik m'n hele leven niet meer vergeten.”

Na Calgary koos Visser vooralsnog voor een maatschappelijke carriere in de vorm van een piloten-opleiding. Toch won hij in 1989 het wereldkampioenschap. “Leo had nog geen titel”, herinnert zijn toenmalige persoonlijke trainer Arie Koops zich. “Hij was na de teleurstelling van Calgary gebrand op een succesje.”

Plafond

Volgens Koops, die tegenwoordig als conditietrainer van de mannenkernploeg fungeert, is Visser nog niet op zijn niveau van 1989. Dat komt omdat de stilist afgelopen zomer door zijn opleiding menige training heeft moeten missen. “Daarom verwacht ik dat we op het wereldkampioenschap in Heerenveen pas de echte Leo Visser te zien krijgen. Hij is toch de rijder met de meeste techniek en snelheid als er op snel ijs geschaatst moet worden.” Visser beaamt dat hij inderdaad nog niet aan de plafond van zijn mogelijkheden zit. “Maar ik sta wel steviger op m'n schaatsen. Ik raak ze goed. Dat belooft dus wat voor volgend jaar.”

Gezien het feit dat hij dit seizoen met een trainings-achterstand begon, hoeft er niet aan te worden getwijfeld dat Visser in potentie nog steeds de beste schaatser van Nederland is. De talenten die doorbraken tijdens zijn kortstondige afwezigheid ten spijt. Daar komt nog bij dat Visser er soms een vrij laconieke benadering van de topsport op nahoudt. Hij kan tijdens een titeltoernooi rustig om twaalf uur 's nachts nog een pilsje drinken aan de bar. Koops: “Er zijn schaatsers die om tien uur naar bed gaan en dan tot acht uur 's morgens van de spanning geen oog dicht doen. Leo schuift om twaalf uur tussen de lakens en slaapt dan meteen. Het is maar waar je voor kiest.”

In Sarajevo brengt Visser zijn avonden door met kaarten. “Als het dagprogramma erop zit, wil ik in principe niets meer met schaatsen te maken hebben. Dan ga een beetje fietsen, eten en tot een uur of elf kaarten. Je moet de sport kunnen relativeren.”

    • Erik Oudshoorn