Cruijff vindt zich nog te jong om full-time bondscoach te worden

BARCELONA, 19 jan. - Tot vanavond, in elk geval, gaat het Johan Cruijff uitstekend in Barcelona. Het succes van zijn elftal, acht punten voorsprong op Real Madrid, heeft hem geen streep veranderd. Hij heeft zijn meningen geen draadje bijgesteld en komt er rond voor uit. Hij praat nog met vuur over voetbal en doet dat via de logica dat een plus een twee is en dat elf keer een een elftal moet vormen en dus een eenheid waarin ieder naar zijn mogelijkheden kan spelen.

Dat laatste heeft niets met FC Barcelona te maken, maar alles met het Nederlands elftal. Cruijff namelijk kan wel op afstand zijn, hij kan niet afstandelijk oordelen, daarvoor is hij te zeer betrokken bij de spelers met wie hij in het veld heeft gestaan, die hij voor een deel heeft opgeleid.

“Wanneer Marco van Basten de overwinning op Griekenland aan mij opdraagt, beschouw ik dat als een unieke opmerking, maar ik vind het niet echt belangrijk. Het enige dat telt is dat de ploeg weer terug is op zijn beginpunt en dat je vooruit kunt.”

“Wanneer je goede aanvallers hebt, moet je niet verdedigend spelen. Als je kwaliteit in huis hebt, behoor je er op de best mogelijke manier gebruik van te maken. Als er zes of zeven Ajacieden in de ploeg staan, dan moeten die kunnen spelen zoals zij altijd doen. Witschge is op links gewend aan een buitenspeler voor hem, wanneer je die weghaalt, moet hij denken wat er gebeuren moet. Je haalt de automatismen weg, de speler gaat dus meer tijd gebruiken, maar die is er niet aan de top.”

“Mijn filosofie is dat voetbal in wezen heel eenvoudig is en dat je als coach in de eerste plaats moet proberen er geen moeilijkheden aan toe te voegen. Witschge zonder linksbuiten is precies hetzelfde als sigaretten zonder een aansteker, daar heb je niets aan.”

Cruijff heeft zich zelden direct geuit in de maanden dat het Nederlands elftal niet draaide. “Het zou niet verstandig zijn geweest er in die periode over te praten. Het heeft mij verbaasd dat er op een bepaalde manier werd gevoetbald. Dat wel, maar Johan Cruijff hoeft niet altijd te zeggen wat hij er van vindt, er zou alleen maar meer onrust van gekomen zijn. Er zijn situaties waarin het schijnt dat je prikkelt om te prikkelen en dat is niet de bedoeling.”

Een contract voor twee extra jaren Barcelona heeft Cruijff niet verder van het Nederlands voetbal gebracht, vrijwel zeker wel verder van de post van bondscoach. “Ik ben nog te jong voor een baan waarin je zo af en toe eens iets concreets van je werk kunt laten zien. Die toernooien zijn leuk, wereld- en Europees kampioenschap, maar de tijd daartussen is niets voor mij.”

“Er is natuurlijk ook nog iets anders dan het gegeven dat een bondscoach in feite geen voetbaltrainer is. Bondscoach is namelijk niet een ding, maar een ongelooflijke hoeveelheid taken. Mijn denkwijze laat zich moeilijk inpassen in de bestaande situatie. Voor mij heeft voetbal slechts een basis, dat is techniek. Het betekent dat je daar moet beginnen, dat je trainerscursussen anders moet aanpakken, dat je de hele lange weg moet uitstippelen voor je je op het eind daarvan kunt richten. Ik denk dat ik dan heel erg veel problemen zou tegenkomen.”

“Bij Barcelona heb ik iets afgedwongen en ik heb de gedachte van een manager naar voren gebracht, mogelijk dat wij er na dit seizoen over praten. Het zal gemakkelijker gaan, wanneer wij kampioen zijn. Hervormen doe je beetje bij beetje.”

“Dit is net zo'n club als Ajax, alleen iets groter. In alle opzichten. De begroting loopt tegen de honderd miljoen gulden, iets meer dan de helft daarvan gaat naar de voetbalafdeling, maar die zorgt wel voor 85 procent van de inkomsten. De duurste speler van Barcelona is geen voetballer, maar de basketballer Montero, maar basket speelt maar voor 5000 mensen. Voetbal levert dus op, de andere sporten kosten.”

“Er zijn veel belangen en meningen, dus ook veel tegenstellingen, er zijn bestuursleden met veel prestige. Dat weegt niet zwaar als het goed gaat, wel als het minder loopt. Je moet er rekening mee houden dat Spanjaarden emotionele mensen zijn. Er is geen gulden middenweg. Goed is snel geweldig, iets minder is onontkoombaar slecht. En als het niet goed gaat, zullen meer mensen zich ermee bemoeien, nog veel meer dan bij welke Nederlandse clubs ook en dan blijkt hoeveel invloed er van buiten inwerkt en de onrust groeit alleen maar.”

Barcelona heeft zijn beperkingen. Ook financieel. “Wij moeten heel lang overwegen of wij een speler van het niveau en de prijs van Koeman kunnen aantrekken. Een miljoen gulden is ook in Barcelona een miljoen gulden en dat kun je maar een keer uitgeven. “Onze positie is lang zo gemakkelijk niet als die van een topclub in Italie, of zelfs Frankrijk. Dat komt door de fiscale situatie.”

Desondanks speelt Barcelona nog altijd zonder shirtreclame en dat is toch een miljoenenzaak. “Dat is ook Catalonie. Het is de trots van het heilige shirt, het heeft ook te maken met zelfstandigheid, met koppigheid zo men wil. Misschien is dat ook de reden dat wij in dit land niet goed vallen. Je ziet het zelfs in spelsituaties. Barcelona krijgt nooit het voordeel van de twijfel. Wij voetballen meer dan welke club ook op de helft van de tegenstander, wij hebben in het hele seizoen een strafschop gehad. Mijn gezonde verstand zegt dat zoiets niet kan.”

Daarom moet Barcelona van Real Madrid winnen. “Dan staan wij tien punten voor, dat lijkt onoverbrugbaar. Het klinkt onwezenlijk, maar het is met de oorlog in het midden-Oosten goed dat wij tegen Real spelen. Ieder is zo op die wedstrijd gericht, dat zelfs de belangrijkste zaken naar de achtergrond gedrongen worden. Barcelona wil eerst tien punten voorstaan, dan komt het andere.” (ANP)