Verwijzingen naar oude dansmuziek in voorstelling Un Ballo van NDT 2; Gepatenteerde bewegingen van Kylian

Voorstelling: Un ballo, door Nederlands Dans Theater 2. Choreografie en decor: Jiri Kylian; muziek: Maurice Ravel; begeleiding door het Nederlands Balletorkest o.l.v. Christof Escher. Gezien: 17-1 AT en T Danstheater, Den Haag. Daar nog te zien: 18, 19, 22 t-m 26 en 31-1; verder 29 en 30-1 Rotterdam; 1, 2 en 3-2 Amsterdam.

Het jongerengezelschap van het Nederlands Dans Theater bestaat onder verschillende benamingen - Springplank, Junioren en nu NDT 2 - al dertien jaar en heeft in de loop van de jaren regelmatig choreografieen van de artistiek leider van Dans Theater, Jiri Kylian, gedanst. Un Ballo, dat donderdagavond in premiere ging, is echter het allereerste ballet dat Kylian speciaal voor die groep creeerde. Het werd bovendien niet gepresenteerd in een van de eigen programma's die NDT 2 verzorgt, maar binnen een voorstelling van het grote gezelschap waarin Kylians indrukwekkende Psalmensymfonie, fascinerende No more play en luchtige Sechs Tanze werden uitgevoerd.

Twee zaken sprongen daarbij in het oog. De dansers van NDT 2 mogen dan jonger en minder ervaren zijn dan hun 'grote groep'-collega's, wat professionaliteit, inzet, uitstraling en kunnen betreft doen zij nauwelijks voor hen onder. En er werd weer eens benadrukt dat een groot toneel niet automatisch een groot verslindend decor behoeft om te imponeren.

Voor Un Ballo had Kylian als toneelbeeld acht, achter elkaar hangende zogeheten trekken uit de kap laten zakken, waarop brandende kaarsen waren gemonteerd. Een prachtig alternatief voor de kaarsenkronen die zo horen bij de oude, sierlijke en statige hofdansen zoals het Menuet en de Pavane. Kylian had namelijk composities van Maurice Ravel gekozen, geinspireerd op die dansvormen: het Menuet uit Le Tombeau de Couperin en Pavane pour une infante defunte.

Ook in de sobere kostumering (van Joke Visser) was een verwijzing te vinden naar een voorbije tijd waarin strenge etiquette nog een belangrijke rol speelde. Diep zwarte, lange jurken, gecombineerd met even zwarte maillots en schoenen voor de meisjes, zwarte hesjes, zwarte kniebroeken en donkergrijze tricots voor de jongens. De blote armen en halzen contrasteerden fraai bij al dat zwart.

In het Menuet introduceert Kyli an elkaar afwisselende paren. De opeenvolgende duetten zijn rijk aan de immer boeiende, doorvloeiende doch steeds krachtige beweging waar Kylian het patent op heeft. In de Pavane zet hij zeven paren neer die steeds bij elkaar blijven en nauwelijks in de ruimte verplaatsen. Op papier lijkt dat statisch, in de praktijk blijkt dat geenszins het geval. De choreograaf weet zoveel verrassende inventiviteit in de beweging aan te brengen dat het spannend blijft en de formele opstelling accentueert op een natuurlijke wijze de hoofse sfeer die uit de muziek naar voren komt. Zelf beschrijft Kylian Un Ballo als “dans op muziek, meer niet. Het is voor de dansers een oefening in gevoeligheid voor de muziek en voor elkaar”. Iedere jonge danser mag zijn handen dichtknijpen als er zulke oefeningen voor hen gemaakt worden. Zij bieden een les voor het leven en een norm voor de toekomst.

    • Ine Rietstap