Storen van radio en radar cruciaal in oorlog in de Golf; 'Jammen' kan tot eigen ontdekking en vernietiging leiden

ROTTERDAM, 18 jan. - De oorlog in de Golf is de oorlog van de elektronische tegenmaatregelen, Electronic Counter Measures (ECM), voor het storen (jamming) en het misleiden van radioverbindingen en radars.

Radar (RAdio Detection And Ranging) werkt door korte radiopulsen de ether in te sturen en na te gaan hoelang het duurt voordat ze worden teruggekaatst. Door de radarantenne te laten draaien, kan de omgeving rond de radarinstallatie met een smalle bundel worden afgetast.

Radar werkt met zeer hoogfrequente radiogolven; ze liggen in het gebied dat loopt van 300 megahertz tot 100 gigahertz. In dat gebied werken tal van radarzenders en de bestrijding van radars begint bij een zoek-ontvanger die aan boord van een verkenningsvliegtuig (de Boeing RC-135 bijvoorbeeld) de radarbanden afzoekt.

Wanneer een radarsignaal wordt gedetecteerd, is de eerste vraag of het hier om een bevriende dan wel een vijandelijke radarzender gaat.

Deze vraag is moeilijker te beantwoorden naarmate er in een gebied meer radarinstallaties zijn. De gebruikte frequentie en de richting van waaruit het signaal komt verschaffen een indicatie, maar de exacte positie is daarmee nog niet achterhaald. Andere belangrijke aanwijzingen zijn het ritme en de lengte van de radarpulsen, en de herhaling waarmee ze - door de draaiende zendantenne - terugkomen. Als van de eigen en bevriende radarinstallaties een goed overzicht bestaat, kunnen de vijandelijke installaties snel (met computers) worden geidentificeerd.

Storen van radarsignalen gebeurt meestal door het uitzenden van een continu ruis-signaal op dezelfde frequentie als die waarop de radar werkt. De teruggekaatste pulsen verdrinken dan in de aanhoudende ruis en kunnen niet meer worden gedetecteerd. In oorlogstijd zal een radarinstallatie periodiek van frequentie veranderen (frequency agility) en de stoorzender zal in een breed frequentiegebied moeten werken.

Het risico van storen is dat de storingsbron zelf uitgepeild en vernietigd kan worden en dus maar beter zeer beweeglijk kan zijn. Mobiel storen is het specialisme van de in Irak met succes ingezette Amerikaanse EF-111A vliegtuigen.

Uitschakelen van de radar wordt vanouds ook op een andere manier gedaan: door strookjes zilverpapier (chaff) in de lucht te brengen. Vliegtuigen werpen het uit, schepen schieten het in de lucht. Deze 'chaff' leidt tot verwarring en misleiding. Het enige dat duidelijk wordt is dat er iets gaande is. Misleiding van radars wordt ook veel toegepast, maar die techniek is meestal veel moeilijker dan storen. Een vliegtuig dat door een vuurleidingsradar wordt ontdekt, kan de radarpulsen op sluwe wijze verminken, vertragen of vermenigvuldigen, waardoor de radar de indruk krijgt dat het vliegtuig bijvoorbeeld verder weg is of deel uitmaakt van een heel eskader.

Zeer geraffineerd is de techniek waarbij een naderend vliegtuig zelf een sterke radarpuls uitzendt op het moment dat de radarantenne al in een andere richting kijkt. Als de puls maar sterk genoeg is, wordt hij door een zijlus in de richtkarakteristiek van de radarantenne gedetecteerd. De radaroperators zullen in dat geval het vliegtuig op een andere plaats vermoeden dan waar het in werkelijkheid is. Voorwaarde voor deze misleidingstechniek is wel dat de belangrijkste eigenschappen van de radarinstallatie bekend zijn. Radar-expert ir. G. H. Heebels van het TNO Fysisch en Elektronisch Laboratorium heeft zijn twijfels over de effectiviteit van deze laatste techniek.

Het storen van radioverbindingen van de vijand is in de Golf-oorlog een van de belangrijkste strijdmiddelen. Ook hier geldt dat de frequentie waarvan de vijand gebruik maakt, eerst bekend moet zijn voordat er effectief gestoord kan worden. En ook hier wordt gebruik gemaakt van zoekontvangers die in een breed frequentiespectrum de ether in de gaten houden (instantaneous frequency measurement receivers).

De detectie van vijandelijke radiozenders is moeilijker dan die van radarpulsen. Het radioverkeer is zeer intensief en geavanceerde modulatietechnieken (zoals de in militaire kringen ontwikkelde spread spectrum techniek) zijn in staat vele radioverbindingen tegelijk over een breed frequentiegebied uit te smeren en deze zo voor de vijand te verbergen in de ruis. Ook hier is de remedie een stoorzender die in een breed frequentiegebied stoort, maar daar is veel energie voor nodig.