Van boekenworm tot bevrijdingstheoloog

De filmbiografie van Oscar Romero, de in 1980 door de militaire machthebbers vermoorde aartsbisschop van San Salvador, is waarschijnlijk de eerste Hollywoodfilm geproduceerd door een priester. Maar de eerwaarde Ellwood Kieser, oprichter van de produktiemaatschappij Paulist Pictures, behoort dan ook tot de Congregatie van de Missionarissen van St. Paulus, een weinig bekende orde die zich richt op het dienen van niet-gelovigen. Onder meer dank zij giften van Amerikaanse religieuze instanties kon Romero genieten van een budget van 4 miljoen dollar en heeft zelfs Dustin Hoffman enige tijd kandidaat gestaan voor het vertolken van de titelrol. Uiteindelijk werd de iets minder beroemde ster Raul Julia uitverkoren om gestalte te geven aan de in 1977 tot aartsbisschop gewijde heilige van de bevrijdingstheologie.

Het lijdt geen twijfel dat Romero een hagiografie is, gemodelleerd naar Richard Attenboroughs Gandhi. De in Mexico opgenomen produktie, geregisseerd door de Australier John Duigan, telt nogal wat massascenes met bezonnebrilde macho-officieren, barrevoetse campesinos en priester-activisten met een reusachtig houten kruis om de nek. De uitstekende acteur Raul Julia tracht Romero genuanceerd te spelen, maar is uiteindelijk niet opgewassen tegen het uit wierook opgetrokken scenario. Dat laat Romero, aanvankelijk een bedachtzame boekenworm, benoemd als compromis tussen radicale en behoudende krachten in de rooms-katholieke kerkprovincie van El Salvador, langzaam uitgroeien tot een toonbeeld van solidariteit met de verdrukten. Hij kent zijn zwakke momenten, maakt zelfs een bezoeking door in de lavawoestijn, maar offert uiteindelijk bewust zijn leven voor de goede zaak. Het slotcommentaar trekt de nieuwtestamentische parallel zelfs nog verder door en meldt dat Romero na zijn dood is wederopgestaan in het volk van El Salvador.

Effectief in de Hollywoodtraditie is bijvoorbeeld de scene waarin de militairen een altaar met een mitrailleur aan flarden schieten en vervolgens Romero, zwijgend gevolgd door een snel groeiende kolonne vastberaden omstanders, door wilskracht en geloof de soldaten voorbij loopt en zo weer de kerk in bezit neemt. Ook het verwijt van de vrouw van een grootgrondbezitter, dat hij haar klasse verraden heeft door haar kind te willen dopen in dezelfde plechtigheid als Indiaanse baby's, maakt iets duidelijk over de verhoudingen in een Middenamerikaanse frontstaat. Voor het grootste deel gaat de film echter de achtergronden van het politieke conflict uit de weg: guerrillastrijders komen nauwelijks in beeld, evenmin als Noordamerikaanse adviseurs.

Ook wie oprecht overtuigd is dat bidden voor vrede helpt, zal toch Romero als een lange zit ervaren, waarin te veel tijd uitgetrokken wordt om een karakter op te bouwen uit ideologische in plaats van psychologische motieven. Dan was Oliver Stones Salvador, hoewel gemaakt vanuit het gezichtspunt van een buitenstaander, toch een heel wat informatievere, en uiteindelijk politiek meer geladen film over imperialisme en bevrijding.

    • Hans Beerekamp Romero. Regie
    • Claudio Brook. Amsterdam
    • Richard Jordan
    • Raul Julia
    • John Duigan. Met