Stofjes die verre reizen maken

Long Range Transport of Pesticides. D. A. Kortz (editor). Lewis Publishing, Chelsea, Michigan, USA. ISBN 0-87371-168-8, fl. 145, 00.

Toegepaste chemicalien blijven niet altijd zitten waar ze zitten. Sommige chemicalien leggen na gebruik zeer grote afstanden af. Het spectaculairste voorbeeld daarvan zijn vermoedelijk de chloorfluorkoolwaterstoffen die zich na benutting naar Antarctica verplaatsen en daar een bijdrage leveren aan de aftakeling van de ozonlaag.

Er zijn meer chemicalien die lange reizen maken. Gaat men boven de oceanen, ver van het land, de samenstelling van de atmosfeer na dan kunnen diverse door landgenoten gebruikte chemicalien worden aangetroffen.

Daartoe behoort in de eerste plaats een aantal chloorkoolwaterstoffen. Volgens metingen van Atlas en Schaffter boven het noordelijk deel van de Stille Oceaan, komt tetrachlooretheen onder deze stoffen in de grootste hoeveelheid voor. Tetrachlooretheen of 'per' wordt gebruikt bij de chemische reiniging van kleding en voor de ontvetting van metalen.

Maar ook polychloorbifenylen (PCB's), tri- en hexachloorbenzeen en veel gebruikte gechloreerde insektenbestrijdingsmiddelen zoals hexachloorcyclohexaan (lindaan) worden boven de oceanen in aanmerkelijke hoeveelheden gemeten. Daarnaast zijn boven de oceanen flinke hoeveelheden te vinden van een aantal verbrandingsprodukten en omzettingsprodukten daarvan. Daartoe behoren diverse van de continenten afkomstige polycyclische aromaten en organische nitraten.

PESTICIDEN

Long Range Transport of Pesticides analyseert vooral het lange-afstandstransport van bestrijdingsmiddelen (pesticiden). Auteurs uit Noord-Amerika en Japan leverden daarvoor de bijdragen. Verplaatsing via de lucht neemt bij het lange-afstandstransport van bestrijdingsmiddelen een belangrijke plaats in. De bestrijdingsmiddelen in kwestie dampen na bespuiting gedeeltelijk weg uit de bodem of van de bespoten planten. Ook is er nogal eens sprake van dat pesticiden bij bespuiten op drift raken. De betrokken middelen maken vervolgens een luchtreis, aan het einde waarvan ze uitzakken of uitregenen.

Uit het ontvangende water of uit de ontvangende bodem kunnen ze in een aantal gevallen opnieuw vervluchtigen. Zo kunnen diverse pesticiden over grote afstanden hip-hoppen.

Spectaculaire verplaatsers via de lucht zijn de organochloorbestrijdingsmiddelen. Deze tegen insekten bedoelde stoffen kunnen inmiddels in alle uithoeken van de aarde worden aangetoond. Onder meer in het arctische gebied van Noord-Amerika zijn de hoeveelheden van deze verbindingen en naaste chemische verwanten als PCB's in vissen en zeezoogdieren hoog opgelopen. Zo hoog, dat ze volgens Richards en Baker bij consumptie door de plaatselijke bevolking een gevaar kunnen vormen. En dit terwijl de toepassing van de stoffen in kwestie op zo'n 1500 kilometer en meer van de plaats des onheils plaatsvond.

Diverse auteurs wijzen er op dat de vervluchtiging uit water een belangrijke rol speelt bij het overbruggen van zulke grote afstanden door organochloor-verbindingen. Het meest opvallend is in dit verband een studie van Strachan en Eisenbreich. Deze berekenen voor de grote meren op de grens van Canada en de Verenigde Staten, dat de hoeveelheid PCB's die uit de meren verdampt drie- tot twaalfmaal zo hoog is als de hoeveelheid die uit de lucht deze meren in valt.

Niet alleen organochloor-bestrijdingsmiddelen, zoals lindaan, kunnen zich over grote afstanden verplaatsen. Ook diverse onkruidbestrijdingsmiddelen (herbiciden) kunnen na toepassing grote afstanden overbruggen. Ook in dit geval speelt verplaatsing via de lucht een belangrijke rol. Herbiciden zoals chloorfenoxyzuren, dicamba, de triazinen, triallaat, trifluralin en EPTC kunnen na verspuiting in aanmerkelijke hoeveelheden wegdampen uit de bodem. Ook vervliegen ze voor een deel bij het spuiten. Maar, zoals Baker en Richards stellen, het axioma dat wat omhoog gaat ook weer naar beneden komt gaat ook in dit geval op.

SPUITSEIZOEN

In, en niet al te lang na, het spuitseizoen worden in Noordamerikaans en Europees regenwater aanmerkelijke hoeveelheden herbiciden aangetroffen. Concentraties die de EG-drinkwaternorm overschrijden zijn daarbij eerder regel dan uitzondering. Daarnaast vindt een aanzienlijk uit- en afspoeling plaats van verspoten bestrijdingsmiddelen naar het oppervlaktewater. Dit leidt tot een aanmerkelijke belasting van - en verplaatsing via - beken en rivieren. Uit in Long Range Transport of Pesticides vermelde metingen blijkt dat in veel Noordamerikaanse beken en kleine rivieren de EG-drinkwaternorm ver wordt overschreden. De gemeten hoeveelheden herbiciden zijn zo groot, dat een ongewenst effect op het plantenleven in beken en rivieren aannemelijk is.

De beoordeling en toelating van bestrijdingsmiddelen is traditioneel gebiologeerd door de gevolgen in de naaste omgeving van de bespuiting. Ook daarover heeft het onderhavige boek het een en ander aan interessants te bieden. Zo wordt in veldproeven gevonden dat bestrijdingsmiddelen nogal eens onverwacht snel door de bodemlaag heen gaan waar afbraak plaatsvindt. Hetgeen weinig goeds belooft voor het grondwater.

Maar de voornaamste boodschap van Long Range Transport of Pesticides is toch dat als men pakweg in Nederland bestrijdingsmiddelen toepast ook gelet moet worden op de mogelijke gevolgen daarvan voor de ver-affe oceanen en poolgebieden.

    • Lucas Reijnders