'Stijging lastendruk niet door WAO-ers'

ZOETERMEER, 17 jan. - Het is een misverstand te menen dat de stijging van de collectieve lastendruk (belasting en sociale premiedruk uitgedrukt als percentage van het nationaal inkomen) wordt veroorzaakt door de groei van het aantal arbeidsongeschikten. Dat zei vanmiddag de voorzitter van de Sociale Verzekeringsraad (SVR) prof. mr. W. Fase van de Sociale Verzekeringsraad in zijn nieuwjaarsrede in Zoetermeer.

Uitgedrukt als percentage van het nationaal inkomen dalen de uitgaven voor arbeidsongeschiktheid van 4, 9 in 1983 naar 4, 1 vorig jaar, aldus Fase, die zo een 'nuancering' wilde aanbrengen in de “beeldvorming die vanuit het politieke circuit wordt opgeroepen in de strijd tegen groeiende arbeidsongeschiktheid”.

Hij voegde daar aan toe dat de SVR er alles aan zal doen om “competentiegevechten” tussen de vele instanties die zich bezighouden met het bestrijden van het probleem te voorkomen. De percentages tonen volgens Fase aan dat binnen de kabinetsdoelstelling van het stabiel houden van de collectieve lastendruk, de sociale verzekering “geen bedreiging van de overheidsuitgaven vormt (... ) Tenzij de bedoeling bestaat om besparingen op in de sociale verzekeringen op te strijken voor andere beleidsdoeleinden.”

Fase hekelde het zwaaien met het cijfer van straks wellicht een miljoen WAO'ers. “Dat cijfer doet geen recht aan de problematiek en daaraan behoort men dan ook geen politieke gevolgen te verbinden”, zo zei hij. De politiek zou er beter aan doen eens te kijken naar de bewegingen achter dit cijfer: de in- en uitstroom, het aantal uitkeringsjaren (lager dan “het aantal wao-ers”, door de vele gedeeltelijk arbeidsongeschikten) en de gemiddelde tijd dat men in de WAO zit.

Hij noemde het “circuit van de arbeidsongeschiktheid” bij uitstek het onderdeel van de sociale verzekering waar sociale partners (en de instituties waarin zij deelnemen) er voor kunnen zorgen dat het beroep erop slechts “tweede keus” is. “Zij beschikken, anders dan de overheid, ook over de mogelijkheden”.

Hij hekelde “misverstanden in de publieke discussie”, waartoe hij ook de discussie over beroepsgebonden risico's en ongevallen in de prive-sfeer rekende ('risque professionel' tegenover 'risque social'). “Het probleem zou er optisch aanmerkelijk door verminderen, aangezien 38 procent (mede) door werk arbeidsongeschikt wordt. Miskend wordt echter dat de grens moeilijk valt te trekken en bewijsproblemen geeft.”