PLO wil verzet tegen agressie, Syrie geeft Saddam alle schuld

TUNIS- DAMASCUS, 17 jan. - Iraks naaste bondgenoot, de Palestijnse Bevrijdings Organisatie, heeft vanochtend opgeroepen tot een wereldwijde reactie tegen de Amerikaanse “agressie” tegen Irak. Syrie, dat tot de anti-Iraakse coalitie behoort, stelde de Iraakse president, Saddam Hussein, persoonlijk voor de oorlog verantwoordelijk.

Het Palestijnse leiderschap beschuldigde in een in Tunis uitgegeven verklaring de “Amerikaans-zionistisch-Europese coalitie” van “lafhartige agressie”. De PLO richtte haar oproep tot verzet tegen deze “agressie” tot “de Arabische natie, de islamitische natie, de volkeren van de Derde wereld en alle vrije en nobele mensen en aanhangers van vrede”. “Het is een zwarte dag in de geschiedenis van de mensheid”, aldus de PLO.

Maar Al-Ba'ath, het orgaan van de in Syrie regerende Ba'athpartij, stelde dat “niemand een traan kan vergieten voor dit regime, dat zijn ogen en oren voor alle broederlijke oproepen had gesloten”. Syrie, dat al 20 jaar in vijandschap met Irak leeft, heeft met 20.000 man troepen aan de anti-Iraakse coalitie in het Golfgebied bijgedragen.

De officiele Syrische krant Tishreen schreef dat er geen oorlog zou zijn geweest als de Iraakse leider Saddam Hussein “het geduld van de wereld niet voor zwakte had aangezien”. “De verantwoordelijkheid voor deze rampzalige toestand in Irak en het Golfgebied wordt gedragen door Saddam persoonlijk en hij dient de prijs en de prijs voor alle andere misdaden die hij heeft begaan tegen ons volk in Irak en tegen de Arabieren te betalen”.

Iran, dat in de jaren tachtig acht jaar oorlog tegen Irak heeft gevoerd, heeft vanochtend alle oorlogvoerende partijen verboden zijn grondgebied te gebruiken. De Iraanse president, Rafsanjani, betreurde het uitbreken van de vijandelijkheden. “Dit conflict vormt een zware slag voor het menselijk leven en de hulpbronnen van de regio”, zei hij. Iran heeft de afgelopen maanden aan de ene kant de buitenlandse militaire opbouw in het gebied veroordeeld, maar aan de andere kant herhaaldelijk onderstreept geen genoegen te zullen nemen met territoriale concessies aan Irak. (Reuter, AFP, AP)