Hoogleraar op studiedag over de reorganisatie van politie: 'Huidig politiebestel is failliet'

ROTTERDAM, 17 jan. - Door de grotere zeggenschap die het openbaar ministerie over de politie krijgt dreigt deze een maatschappelijk geisoleerde groep criminaliteitsbestrijders te worden. Dit betoogde de Nijmeegse hoogleraar staats- en bestuursrecht mr. H. Hennekens gisteren op een studiedag over de reorganisatie van de politie aan de Erasmusuniversiteit in Rotterdam.

Bij de in gang gezette reorganisatie van de politie - waarbij de huidige rijkspolitie en 148 gemeentelijke korpsen opgaan in een landelijke dienst en 25 regiokorpsen die onder leiding staan van de regioburgemeester en de hoofdofficier van justitie - streeft het openbaar ministerie er naar manager te worden van het gehele strafrechtelijk bedrijf. Het OM is als 'departementale buitendienst' van het ministerie van justitie immers als enige in staat om te zorgen dat de politie efficient aan de slag gaat, zo hield de advocaat-generaal in Leeuwarden dr. D. W. Steenhuis zijn gehoor van officieren van justitie en politie-agenten voor.

Die opvatting betekent volgens Hennekens echter dat het OM kiest voor een “hierarchische en formele opstelling van de politie”. Bovendien dreigt volgens de hoogleraar de rol van Oom agent als hulpverlener in het gedrang te komen door alle aandacht te richten op de taak van de politieman als 'crime-fighter'.

“Een met de gemeenschap meelevende, sociaal geintegreerde politie-organisatie is nodig om de goede eigenschappen van de overheid zichtbaar te maken en begrip aan te kweken bij de burgers voor het politiewerk in het algemeen”, aldus Hennekens. “Het gevaar van afwending door burgers van de politie en toename van norm-ontwijkend gedrag wordt groter naarmate het functioneren van de politie gebeurt in formele kaders, los van de gemeenschap waarin zij werkzaam is”.

Ook dr. L. van Leeuwen, burgemeester van Zoetermeer, hekelde de grote rol die de hoofdofficier van justitie in de nieuwe politie-organisatie krijgt toebedeeld. Het regelen van de democratische controle op de politie-organisatie heeft volgens Van Leeuwen voor een belangrijk deel moeten wijken voor het via schaalvergroting stroomlijnen van de politie. Door de reorganisatie van de politie komt de “lokaal georienteerde politiezorg aan de burgers in de gevaren-zone en dreigt deze nog verder te geraken onder het voor verbetering vatbare niveau waarop zij thans reeds is aangeland”.

Voor de adviseur van het ministerie van justitie en opsteller van de nieuwe Politiewet prof. mr. C. Fasseur staat echter vast dat de huidige plannen noodzakelijk zijn. “Het huidige politiebestel is failliet”, zegt hij. Zonder schaalvergroting van de organisatie “die dateert uit de tijd dat Zoetermeer nog Zoetermeer was”, en een verbetering van de bedrijfsvoering van de politie zullen ook de kosten onbeheersbaar worden, voorspelde Fasseur. De regeling van de democratische controle is ook volgens hem evenwel nog voor verbetering vatbaar.

Organisatie-adviseur drs. H. Anderson rekende het gehoor voor dat de politie op dit moment niet meer dan 35 procent van de beschikbare tijd bezig is met eigenlijk politiewerk. Door regionalisering en schaalvergroting is volgens hem een verhoging van de produktiviteit naar 45 procent mogelijk.

De medewerker van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) drs. F. van Tulder zegt echter geen enkele reden te zien waarom grotere korpsen beter zouden werken dan de paar huidige “allerminst doelmatige” grote korpsen die we nu al in de grote steden hebben. Door de reorganisatie ontstaan korpsen van gemiddeld 1.500 agenten die de zorg dragen voor een gebied van 130.000 hectare en 600.000 inwoners. Qua omvang zijn de te vormen korpsen daarmee te vergelijken met die van Rotterdam, Utrecht en Den Haag.

Niettegenstaande de kritiek van de sprekers betoogde gisteren niemand dat de reorganisatie van de politie niet zou moeten doorgaan. De maatschappelijke integratie van en de controle op de politie moet weliswaar nog worden verbeterd, de wenselijkheid van het opheffen van 148 gemeentekorpsen en de rijkspolitie trekt niemand in twijfel.

Bestuurskundige prof.dr. U. Rosenthal meent dat ondanks de gerechtvaardigde kritiek zelfs haast is geboden. “De reorganisatie dient krachtig ter hand te worden genomen. Daarbij dient ertegen gewaakt te worden dat de politie de touwtjes in handen heeft”, aldus Rosenthal.

Hij waarschuwde voor 'politiecratie'. Rosenthal is bang dat de politie, die als geen andere instantie tijd heeft zich met de reorganisatie bezig te houden, zich “al reorganiserend distantieert van maatschappelijke ontwikkelingen en ten slotte zelf gaat bepalen wat goed voor de samenleving is”.