'Dertien. Ik heb het van mijn broer geleerd. Alle kinderen op Tiengemeten kunnen autorijden.'

Ingrid Veerman, (17, 1e klas MEAO) woont op Tiengemeten en zit in Oude Tonge op school. Zij is de kampioen ingewikkeld reizen.

“Om zes uur word ik wakker, dat gaat vanzelf, dan heb ik geen zin meer om te slapen. Ik sta om half zeven op en ga de pony's voeren. We gaan om tien over zeven de deur uit, mijn broer en ik, dus heb ik ook nog tijd om thee te drinken met mijn moeder. Die maakt 's ochtends het brood klaar voor iedereen. Dat kan ik best zelf, maar ze wil het nu eenmaal, dan heeft ze wat te doen. Mijn broer en ik gaan met de auto naar de pont. Op Tiengemeten hoef je geen rijbewijs te hebben.”

Hoe oud was je toen je leerde autorijden?

“Dertien. Ik heb het van mijn broer geleerd en ook van mijn vader en moeder. Alle kinderen op Tiengemeten kunnen autorijden. Er zijn er niet zo veel hoor. Mijn broer reed toen hij elf was, eerst in een Daf, die had hij van een kennis gekregen. Op Tiengemeten rijden we allemaal met afgekeurde auto's, die kun je niet vergelijken met de auto's aan de overkant, het zijn hele rare auto's. Sommige moet je ruw mee rijden, anders slaan ze af. Als je zo doet met een gewone auto, moer je alles.”

Vind je dat kinderen tot hun achttiende moeten wachten tot ze een rijbewijs mogen halen?

“Aan de overkant is het verkeer veel drukker, dus daar is het misschien wel goed dat ze het niet mogen. Bij ons is bijna geen verkeer, je komt haast nooit iemand tegen. Als iedereen aan de overkant zomaar zou beginnen, kwamen er brokken van. Tegen de tijd dat wij een rijbewijs gaan halen, moeten we alle fouten weer afleren. Want ik zet de richtingaanwijzer echt wel aan als ik afsla, dat doe ik echt wel, maar ik kijk niet goed in de spiegels, zoals het hoort.”

Wie rijdt?

“Meestal mijn broer, want hij zit altijd het eerst achter het stuur en hij vindt dat ik irritant rij, hij geeft altijd commentaar op hoe ik het doe. Ik laat hem meestal maar rijden, dan houdt hij tenminste zijn mond. Als ik eerder uit ben, rij ik later terug om hem van de pont op te halen.”

Hoe gaat de reis naar school?

“We gaan met de pont naar Nieuwendijk, daar staan onze brommers in de garage. Als het koud is liften we naar Zuid-Beijerland en nemen vandaar de bus, maar meestel nemen we de brommer tot het viaduct van Numansdorp. Daar zetten we de brommers neer bij een boer, anders worden ze gestolen of gesloopt. Mijn broer had aan die boer gevraagd of onze brommers bij hem in de schuur mogen staan. We kennen hem niet, ik heb hem zelfs nog nooit gezien, maar het mocht, dus dat is fijn.”

Is het koud op de bromfiets?

“Ik heb een winterjas aan en hele dikke handschoenen. Die heb je wel nodig, als je je handschoenen vergeet, is het niet echt lekker. Koud! Als het te koud is voor de brommer, moet ik met de bus en dan haal ik op de terugweg de pont van vier uur net niet en moet ik drie kwartier wachten. Dan ga ik meestal in het cafe zitten, daar een beetje zitten klieren. Het is wel hartstikke gezellig hoor, maar twee keer in de week is te veel. Dat wordt wel erg tijdverspilling. Ik moet ook nog huiswerk maken. Als er niemand in het cafe is, begin ik daar vast aan mijn huiswerk.”

Een cafe met niemand erin?

“Het cafe hoort bij de pont, het is een familiebedrijf. Die jongen van de pont brengt ook de post rond op de Nieuwendijk en op Tiengemeten en zijn vader vaart soms met de pont en zijn broer ook.”

Vind je het reizen heel erg?

“'s Winters denk ik wel eens: laten we alsjeblieft ergens anders gaan wonen, het maakt niet uit waar, als ik maar niet meer met de pont hoef. Altijd als je uit wilt, moet je ergens anders blijven slapen. Het lijkt me zo heerlijk om uit te gaan en dan 's avonds in je eigen bed te slapen.

Maar 's zomers is het hartstikke fijn op Tiengemeten, je kunt er lekker zwemmen en paardrijden en surfen. We wonen vlakbij de haven, dat is echt wel leuk. En ik heb mijn pony's. Als die weg zouden moeten, werd ik echt helemaal gek. Ik had eerst alleen die ene, een merrie, die stond bij de buren in de wei en daar stond ook nog een hengst. Die was pas een jaar, zei de buurman, die doet nog niks, maar mijn pony werd steeds dikker en nou heb ik er twee.

Soms zou ik wel ergens anders willen wonen, maar de andere keer wil ik het niet. Tiengemeten is hartstikke leuk, het is heel klein, Tiengemeten is niks, negen boerderijen en een heleboel weekendhuisjes. Geen disco die is er niet. Daarom hebben al die mensen weekendhuisjes op Tiengemeten, die mensen komen voor hun rust. Ze hebben door de week genoeg cafes aan de overkant.''

Brieven en reacties naar Yvonne Kroonenberg, NRC Handelsblad, Paleisstraat 1, 1012 RB Amsterdam.

    • Yvonne Kroonenberg