'Bemesting' van oceanen helpt niet tegen

Een tot de verbeelding sprekend antwoord op het broeikaseffect is het 'bemesten' van de oceanen rond Antarctica met opgelost ijzer. Hierdoor zou men de groei van plankton in het water sterk bevorderen. Daarvoor is kooldioxide (CO) nodig, dat door het plankton aan het water wordt onttrokken en vervolgens vanuit de atmosfeer weer aangevuld. Dat zou dan leiden tot een daling van het CO-gehalte in de atmosfeer.

IJzer is een onmisbaar sporenelement voor alle levende wezens. Omdat ijzer, dat in het water is opgelost, allerlei reacties kan aangaan, is dit element in het water doorgaans schaars en vooral de wateren rond Antarctica zijn zo arm aan ijzer, dan dit de beperkende factor is voor de planktongroei.

Volgens computerberekeningen zet deze aanpak echter geen zoden aan de dijk. T.-H. Peng van het Oak Ridge National Laboratory en W. S. roecker van Columbia University becijferen, dat zelfs honderd jaar succesvolle ijzerbemesting het CO-gehalte in de atmosfeer met hooguit 15 procent zou doen dalen.

De bottleneck is de snelheid waarmee CO-rijk water wegstroomt en door vers water wordt vervangen. Met behulp van computersimulatie van de stromingspatronen, gebaseerd op proeven met radioactief gemerkt water, hebben de onderzoekers aangetoond dat de oceaan maar een beperkt vermogen heeft om kooldioxide op te nemen. Zelfs als de ijzerbemesting perfect wordt uitgevoerd dan nog, zeggen de onderzoekers, wordt er nauwelijks oppervlaktewater door water van grotere diepte vervangen. In eerste instantie, zal het CO-gehalte in het oppervlaktewater worden gehalveerd. Maar daarna wordt de watercirculatie de beperkende factor. (Nature 17 januari)