Spreekkoren ontbreken op 'teach in'

AMSTERDAM, 15 jan. - Zonder protestliederen, zonder spreekkoren en met slechts een enkel spandoek en af en toe een interruptie verliep gisteravond in de Amsterdamse Beurs van Berlage een druk bezochte 'Teach In' over de crisis in de Golf. In een ruim vier uur durend programma belichtte zo'n twintig sprekers de crisis vanuit verschillende invalshoeken en politieke visies. Het publiek - dicht opeengepakt in de uitverkochte zaal, zittend en liggend in de gangpaden en voor het podium - luisterde geduldig en ogenschijnlijk ontspannen toe.

In andere Europese hoofdsteden is massaal gedemonstreerd tegen oorlog in de Golf, constateerde F. Rottenberg, een van de organisatoren van de avond en directeur van het politiek-cultureel centrum De Balie in Amsterdam. Maar in Nederland, waar in de jaren tachtig honderdduizenden de straat op gingen om te demonstreren tegen de plaatsing van kruisraketten, lopen niet meer dan enkele duizenden mensen mee in protestdemonstraties tegen een Golfoorlog. Dat niettemin zo'n 1.500 mensen naar de Beurs waren gekomen, en dat nog eens honderdduizenden anderen via de regionale radio de 'Teach In' konden volgen, zou volgens Rottenberg een begin van een breder engagement kunnen zijn.

Een veteraan van de vredesbeweging was de eerste spreker: drs. L. Wecke, hoofd van het Nijmeegse Studiecentrum voor Vredesvraagstukken. Wecke sprak in klassieke actie-retoriek over het Westerse vijandsbeeld en de redenen om geen oorlog te voeren, maar vooral over de Partij van de Arbeid, die volgens hem bloed aan de handen heeft. Het publiek klapte beleefd.

Dr. J. Jansen, docent Arabisch en islam in Leiden, toonde het wat afstandelijker gezicht van de academie. Hij gaf een compact college over de tegenstrijdige sentimenten die de Arabische wereld verscheuren. Hij besloot met de woorden: “Sinds de Iraakse inval in Koeweit is er al oorlog. Het gaat er om of de andere partij dat ook beseft.”

Nieuwsuitzendingen van het ANP onderbraken de reeks sprekers zo nu en dan met berichten over de oplopende spanning in de wereld, ruim dertig uur voor het verstrijken van het VN-ultimatum aan Irak. Bovendien had de organisatie haar eigen nieuwsdienst, met een knipoog Beursnieuws genoemd. De journalist J. Jansen van Galen hield het publiek op de hoogte van het jongste Franse vredesinitiatief, de laatste uitspraken van de ministers Baker en Van den Broek en de weersgesteldheid in de Saoedische woestijn.

J. de Miliano, directeur van de hulporganisatie Artsen zonder Grenzen, hekelde de selectieve verontwaardiging van de wereldgemeenschap. Hij beschreef hoe hij kort na de Iraakse gasaanval op de stad Halabja de dodelijke slachtoffers 'in Pompei-achtige houding' had aangetroffen en hoe de wereld dat schandaal had geaccepteerd omdat dat nu eenmaal zo uitkwam. De Miliano verweet in het bijzonder de pers geen oog te hebben voor de burgerslachtoffers die bij een Golf-oorlog zullen vallen. “De burgers van bijvoorbeeld Irak hebben geen gasmaskers.”

Dr. B. Knapen, hoofdredacteur van NRC Handelsblad, sprak over de Amerikaanse dilemma's in het Golf-conflict. Daar de Koude Oorlog voorbij was, ontbrak het de VS aan nationale doelstellingen toen het land op 2 augustus opeens voor de vraag stond: ingrijpen in de Golf of negeren? Hoewel de Amerikanen een enorme troepenmacht naar de Golf hebben gestuurd, is de keuze tussen isolationisme en expansionisme nog niet definitief gemaakt. Voor de Amerikanen is het nodig dat een oorlog snel beslist wordt, betoogde Knapen. “Als dat niet lukt, zal deze oorlog niet zozeer de eerste confrontatie van de VS na de Koude Oorlog zijn, als wel de laatste.”

Het socialistische Tweede-Kamerlid B. Stemerdink (oud-minister van defensie) zei te rekenen op “een ordinaire smerige oorlog”. Aanwezigen die teleurgesteld waren in de opstelling van de Partij van de Arbeid in het Kamerdebat over de Golf, vrijdagnacht, verzekerde hij: “U kunt ervan op aan dat er een tweede debat komt.” Dit debat zou eind deze week kunnen worden gehouden. Het publiek had er blijkens het luide gefluit en boe-geroep weinig vertrouwen in.

Terwijl de zaal allengs rommeliger werd door het onderling pratende en heen en weer wandelende publiek, spraken een Palestijnse, een rabbijn, een medewerker van De Nederlandsche Bank, een oliedeskundige, een vakbondsleider, een milieudeskundige en enkele journalisten.