Produktschap wil einde aan vogelschade bij visserij

RIJSWIJK, 15 jan. - Voorzitter D. Langstraat van het produktschap voor Vis- en Visprodukten (PVV) wil dat paal en perk wordt gesteld aan de schade die vogels toebrengen aan de visserij. Eidereenden in de Waddenzee en aalscholvers in het IJsselmeer vormen in toenemende mate een bedreiging voor de visserij, constateert Langstraat.

De Zeeuwse mosselkwekers in de Waddenzee hebben naar verwachting het komende seizoen nauwelijks of geen inkomsten, omdat eidereenden de mosselen opeten. Op korte termijn kunnen geen maatregelen worden genomen tegen de beschermde eidereend, aldus Langstraat. Hij doet een beroep op minister Bukman (visserij) de mosselvissers schadeloos te stellen.

Aan de schade die het groeiende aantal aalscholvers in het IJsselmeer aanricht, wordt ook te gemakkelijk voorbijgegaan, aldus Langstraat. Hij vraagt zich af “of het nog langer maatschappelijk aanvaardbaar is dat een sector daar voortdurend het slachtoffer van moet worden”. Langstraat zegt dat het hoog tijd is voor een discussie tussen de overheid en belanghebbende organisaties over de grenzen die moeten worden gesteld aan de aantallen wat hij noemt schadelijke vogels.

Langstraat heeft felle kritiek op de Europese Commissie in Brussel. De invloed van de zuidelijke EG-lidstaten op het visserijbeleid wordt steeds groter, constateert hij. Zo heeft de Commissie voorgesteld de boomkorvisserij in de Golf van Biscaje te verbieden. Een maatregel die volgens Langstraat uitsluitend is ingegeven door politieke motieven.

Volgens hem is het levensgevaarlijk in te stemmen met het voorstel. Dit leidt ertoe dat visserijtechnieken kunnen worden geweerd, omdat vissers uit het betreffende zeegebied ze niet toepassen, aldus Langstraat. “Dit geeft automatisch de mogelijkheid tot geleidelijk nationaliseren van onze communautaire wateren.”

De Nederlandse vissers brachten vorig jaar voor meer geld vis aan land. De aanvoerwaarde van de via de visafslagen verhandelde vis steeg van 685 miljoen gulden in 1989 naar 750 miljoen gulden. Een groter tongquotum en een hogere scholprijs waren daar de oorzaak van.

De exportwaarde steeg met ruim 200 miljoen gulden naar 2, 4 miljard gulden. Met name de haringexport nam toe. Dit was te danken aan de hereniging van de beide Duitslanden. (ANP)