Conducteur op de tram: verbazing en veel extra kaartjes

AMSTERDAM, 15 jan. - “Volgende keer pak ik gewoon de negen”, reageert een passagier van de Amsterdamse tramlijn vier laconiek. Geheel onverwacht blijkt hij zijn ritje van de Dam naar het Rembrandtsplein te moeten betalen. Hij is niet de enige. De terugkeer van de conducteur op de tram leverde gisteren, op de eerste dag van het experiment, veel verbaasde reacties op en veel extra verkochte kaartjes.

Lijn vier - van het Centraal Station naar station RAI - is voor het experiment uitgekozen, omdat deze tram het grootste deel van de route alleen verzorgt. De reizigers zijn afhankelijk van lijn vier en kunnen dus niet, om de conducteur te ontwijken, een andere lijn nemen. Zo kan een zuiver beeld worden gekregen van wat de conducteur oplevert.

Aan het eind van zijn eerste ochtend als conducteur constateert J. van der Vliet dat hij bijna zestig kaartjes heeft verkocht, dat hij er de oorzaak van is dat veel mensen bij nader inzien “toch maar liever gaan lopen” en dat vooral oudere mensen blij blijken met zijn aanwezigheid. Trambestuurder H. W. Nijveld kan zich voor het eerst beperken tot het besturen van de tram en het controleren van de abonnementen, omdat hij geen kaartjes meer hoeft te verkopen. “Nu al zestig kaartjes verkocht op mijn tram? Duidelijker kan het niet dan. Ik verkocht op maandagmorgen hooguit twintig kaartjes.”

Hoewel in alle trams de eerste ochtend duidelijk meer kaartjes worden verkocht dan normaal, zegt gemeentevoorlichter H. van den Berg dat het experiment bedrijfseconomisch eigenlijk niet is verantwoord. De ombouw van dertien trams kostte 775.000 gulden, de personeelskosten van 35 conducteurs worden met toestemming van de minister van verkeer en waterstaat betaald uit het budget Veiligheid, Informatie en Controle. De verwachting is dat ruim zes ton zal worden terugverdiend uit de verkoop van extra kaartjes. “Het is een principekwestie. De kosten verdienen we niet terug, maar het zwartrijden kwam voorheen ook op rekening van de overheid. Het gaat erom dat iedereen betaalt voor de diensten die hij gebruikt.”

Instappen kan voortaan alleen maar achterin, waardoor iedereen langs de conducteur moet. Klaphekjes zorgen ervoor dat bij de overige deuren alleen kan worden uitgestapt. Een extra controleur die voor de eerste paar weken op elke tram van lijn vier is ingezet, heeft zijn handen vol aan het geven van aanwijzingen aan passagiers en aan het terugroepen van hen die de conducteur negeren.

De bedoeling van het experiment is dat - naast het terugdringen van het zwartrijden - de veiligheid toeneemt en de reistijden worden verkort. Dit laatste blijkt de eerste dag nog niet, omdat de bestuurder voortdurend moet wachten tot iedereen doorheeft dat echt alleen achter kan worden ingestapt. Wat de veiligheid betreft blijken vooral ouderen het experiment toe te juichen. De conducteurs erkennen unaniem de geringe mogelijkheden om die veiligheid te waarborgen. Bij echte problemen kan met behulp van een noodknop de bestuurder te hulp worden geroepen. Verder zullen de conducteurs het vooral van hun tact moeten hebben. “Maar voor een gevoel van veiligheid kunnen we wel zorgen en dat is voor veel mensen het belangrijkste.”

Voor een oudere vrouw die slecht ter been is gaat dit zeker op. “Ik durfde 's avonds nauwelijks nog met de tram, terwijl het voor mij de enige verbinding met het centrum is. Met een conducteur erbij voel ik me veiliger. “

In het algemeen zijn de reacties van de trampassagiers positief. R. Kipping, student, prijst het experiment luidkeels. “Ik vind het geweldig en precies op het goede moment. Ik reed altijd zwart, de tram is niet te betalen. Nu ik een OV-jaarkaart heb, mogen ze het zwartrijden aanpakken.”

Conducteur Van der Vliet merkt op dat dank zij het experiment ook de zogenaamde grijsrijders worden ontdekt. “Er zijn mensen die - vaak omdat ze niet beter weten - te weinig stempelen.” Een tram later wordt deze bewering bevestigd. Een oudere vrouw schrikt hevig als ze hoort dat ze een strip te weinig heeft gestempeld. “Dat doe ik dan al jaren, ik heb altijd gedacht dat het zo moest.” Als ze is gaan zitten zegt ze zichtbaar beschaamd tegen haar buurman: “En dan te bedenken dat ik me altijd zo heb zitten opwinden over die zwartrijders.”