Perez heeft 'geen werkelijke hoop'; Topman VN: geen vooruitgang in Irak

PARIJS, 14 jan. - VN-secretaris-generaal Javier Perez de Cuellar heeft gisteren geen vooruitgang geboekt in zijn gesprek met de Iraakse president Saddam Hussein. Hij zei dit vanochtend na afloop van een 50 minuten durend onderhoud met de Franse president Francois Mitterrand. Morgen loopt het ultimatum van de Veiligheidsraad van de VN aan Irak af.

“Ik heb geen reden optimistischer te zijn dan voor mijn vertrek naar Bagdad. Ik zie geen reden om werkelijke hoop te hebben”, zei Perez tegenover journalisten bij het Elysee.

Op een vraag of Saddam de mogelijkheid van een terugtrekking uit Koeweit had genoemd antwoordde Perez de Cuellar: “Als hij het woord noemde, was dat niet in de zin van een bereidheid zich terug te trekken”. Hij zei voorts niet te geloven dat er nog mogelijkheden zijn voor een diplomatiek initiatief.

Perez de Cuellar had voor hij naar New York vertrok, waar hij vanavond de Veiligheidsraad zal inlichten over zijn ervaringen in Bagdad, nog een gesprek met de Luxemburgse minister van buitenlandse zaken Jacques Poos die dit half jaar voorzitter is van de EG-ministerraad. De ministers van buitenlandse zaken van de Twaalf kwamen vanmiddag in Brussel bijeen voor spoedoverleg over de crisis in de Golf en die in Litouwen.

In Parijs wordt verwacht dat de Franse minister van buitenlandse zaken, Roland Dumas, toch nog met een plan komt voor een Frans-Arabisch of Europees-Arabisch initiatief inzake de Golf. Dumas toonde zich gisteren pessimistisch in een tv-gesprek. “Het scheelt een haar of we hebben oorlog, een reden temeer om zich tot de laatste minuut in te zetten voor de vrede”, aldus Dumas, die niet wilde uitsluiten dat hijzelf naar Bagdad gaat.

President Mitterrand voerde dit weekeinde telefonisch overleg met de Libische leider Gaddafi en met de Canadese premier Mulroney. Dumas besprak de Golfcrisis in Marokko met koning Hassan en in Parijs met de ministers van buitenlandse zaken van Tunesie en Egypte.

Michel Vauzelle, de Franse parlementarier en vertrouwensman van Mitterrand die ruim een week geleden vier uur lang met Saddam Hussein sprak, zei er gisteren van overtuigd te zijn dat Frankrijk en de Arabische landen “nog iets kunnen ondernemen” als de missie van Perez de Cuellar op een mislukking zou uitlopen.

Pag. 5: .

De Italiaanse minister De Michelis (buitenlandse zaken) sloot gisteren niet uit dat de EG-'trojka' (de ministers van buitenlandse zaken van Luxemburg, Italie en Nederland) naar Bagdad zou gaan voor een ontmoeting met Saddam Hussein. Volgens de Italiaanse bewindsman is de meerderheid van de EG-landen bereid een datum in 1991 vast te stellen voor een internationale conferentie over het Midden-Oosten als Irak zich uit Koeweit terugtrekt.

Dumas erkende gisteren dat de Verenigde Staten niet bereid zijn een koppeling tussen de kwestie-Koeweit en de Midden-Oostenconferentie te aanvaarden, maar hij zei dat ook voor Frankrijk geldt dat “er geen directe band tussen de twee” bestaat. Tot zover onze correspondent.

“Ik ben noch optimistisch noch pessimistisch”, had Perez de Cuellar nog gezegd voor hij uit Bagdad vertrok. Op een vraag op een persconferentie of het oorlog dan wel vrede zou worden antwoordde hij: “Dat is een vraag waarop het bijna onmogelijk is te antwoorden. Dat is een vraag waarop alleen God antwoord weet, als je in God gelooft. Als je niet in God gelooft, wie weet het dan?”

Perez de Cuellar wilde geen bijzonderheden geven over zijn besprekingen met de Iraakse president en zijn ministers, “omdat het een regel is van de Verenigde Naties dat de secretaris-generaal verslag uitbrengt aan de Veiligheidsraad.” Maar “ik kan zeggen dat ik een heel goed idee heb van hun positie”. Ook de Iraakse minister Aziz, die Perez de Cuellar naar de luchthaven bracht, weigerde een verklaring af te leggen. De Iraakse pers maakte pas melding van het bezoek na het vertrek van de secretaris-generaal, en dat ging niet veel verder dan dat “er een diepe dialoog over de situatie in de regio” was gevoerd.

PLO-leider Arafat, een naaste bondgenoot van Saddam Hussein, had eerder op de dag na een ontmoeting met Perez de Cuellar nog gezegd dat er geen oorlog in het Golfgebied zou zijn. “15 januari is een dag als alle andere”, zei hij, maar hij legde niet uit waarop hij zich baseerde.

Zowel de Verenigde Staten als Groot-Brittannie hebben het afgelopen weekeinde aangekondigd Iraakse diplomaten uit te wijzen. In beide landen mogen nog vier Iraakse diplomaten overblijven. Washington en Londen willen op deze manier het Iraakse vermogen verminderen om terreuraanslagen te organiseren in geval van oorlog in het Golfgebied. (Reuter, AP, AFP)