'Niet te positief worden, dat is slecht voor zijn karakter'; A. Melkert: berekenende solist

Een enkeling zag in hem ooit de opvolger van Ria Beckers als leider van de PPR. Het zicht daarop verdween toen hij uitlegde dat de kunst van onderhandelen is “je buurman te verneuken”. Inmiddels is hij de rijzende ster in de PvdA-fractie: Ad Melkert, 34, “een toptalent dat je soms goed bij de oren moet pakken”.

Het PvdA-Kamerlid H. Vos: “Je hoort het steeds vaker in de fractie: verrek, staat die Melkert weer in de krant. Afgunst. Maar voor een deel ook terechte kritiek. In de politiek moet je kunnen doseren, soms anderen de ruimte geven. Dat moet Melkert nog leren. Het is een beste jongen, ik mag hem wel, hij kan ver komen. Maar we moeten niet te positief over hem worden. Dat is slecht voor zijn karakter, dan leert-ie niets meer.”

Weinigen willen het hardop zeggen, maar er zijn meer leden in de Tweede-Kamerfractie van de PvdA die de wonderbaarlijk snelle opkomst van Ad Melkert (34) in de vaderlandse politiek argwanend aanschouwen. Nog geen vijf jaar Kamerlid en al financieel woordvoerder, Midden-Oosten-deskundige, Suriname-zegsman, milieuspecialist - de helft minder en het was ook mooi geweest. Het in 1989 vertrokken PvdA-Kamerlid H. Kombrink: “Hij is daar ook op gewezen, door mij en door anderen. Maar hij heeft niet geluisterd, dat is vrij duidelijk.”

Waar die geldingsdrang vandaan komt? Zijn 57-jarige vader, kapper in Gouderak, vindt het een goede vraag. Hij weet het niet. Ad, de oudste van vier zoons, was een “rustige, makkelijke jongen”. Fanatisme vertoonde hij zelden, hooguit met voetbal, en dan nog met mate. Een toegewijd kind was het, op de basisschool haalde hij hoge cijfers. Daarna volgde het gymnasium, een opleiding die in het geslacht Melkert gewoonlijk niet werd gevolgd.

“Ad”, zegt H. Pelgrom, die Melkert later leerde kennen, “heeft trotse, hardwerkende ouders. Eenvoudige mensen met het hart op de goede plaats. Ad is zich zeer bewust van zijn afkomst, het verklaart zijn keus voor progressieve politiek. En zijn enorme inzet daarin.”

Thuis was politiek geen thema van betekenis, zegt zijn vader. Wel herinnert hij zich dat zijn oudste zoon veel belangstelling voor geschiedenis aan de dag legde. Na afloop van het gymnasium in 1974 wilde hij naar de School voor de Journalistiek. Toen zijn 18-jarige zoon werd uitgeloot, viel de keus “te elfder ure” op een studie politicologie aan de Universiteit van Amsterdam.

Tot verrassing van zijn vader sloot hij zich daar aan bij de PPR. Zijn kamer, gevestigd boven een reisbureau in de binnenstad, zou spoedig tot een “volstrekt archief” uitgroeien. Zo althans herinnert het zich K. van Twist, destijds net als Melkert actief in de PPR, later journalist bij onder meer de VARA en inmiddels werkzaam bij de AVRO. “In de PPR waren Ad en ik mensen die veel aan internationale politiek deden. En Ad was zo'n jongen die overal een keurig mapje van bijhield. Die kamer - een grote werktafel, veel pluche en vol met muizevallen - puilde er van uit.”

Melkert was op een breed terrein actief. De PPR-jongeren, de Amsterdamse PPR, de landelijke PPR, internationale politieke jongerenorganisaties - overal was hij nadrukkelijk aanwezig. Weliswaar een vlakke persoonlijkheid, nooit geemotioneerd, altijd zakelijk, maar inhoudelijk zeer vindingrijk. Radicale standpunten vond hij pas interessant als ze haalbaar waren.

Van Twist: “Hij was veel te oud voor zijn leeftijd - toen al. Dat was geen pose, het was echt. Jongeren werden in die tijd ook veel te serieus genomen. We hadden overal een opinie over en er werd nog naar geluisterd ook. Ed Nijpels, Felix Rottenberg, Ad Melkert, ikzelf ook: we hebben een deel van onze jeugd overgeslagen, waren altijd in de weer met elkaars moties en nota's. Voor een vriendin hadden we geen tijd.”

In de landelijke PPR steeg de ster van Melkert snel, zij het in de beperkte kring van mensen die de partij uit de klein linkse sfeer wilde houden. Tot ongenoegen van Melkert verdampte die mogelijkheid, nadat de PPR in 1977 uitsprak niet meer met het CDA te willen regeren. Veel van zijn politieke vrienden verlieten daarop de partij, Melkert bleef, en ondernam samen met onder meer Jurgens en Van Hulten via de zogeheten Godebald-groep een vergeefse poging de koers van de PPR te verleggen.

H. Waltmans, destijds PPR-Kamerlid: “Hij paste niet in de toenmalige PPR. Niet lullen maar zaken doen - dat heeft hij altijd gehad. Ik zag in hem de opvolger van Ria Beckers, maar de kans daarop was klein geworden toen de Godebald-groep haar nederlaag leed. Bovendien had hij een keer in een interview gezegd dat de kunst van onderhandelen is je buurman te verneuken. Zulke dingen kon je in de PPR niet zeggen.” Dat Melkert in 1981 de partij verliet, werd dan ook door weinigen betreurd. “Hij had een slechte naam, men vond hem arrogant”, zegt oud-voorzitter B. van Ojik.

Melkert stortte zich volledig op het internationaal jongerenwerk. De studie had hij inmiddels afgerond. Zijn doctoraalscriptie behandelde het Nederlandse buitenlandse beleid onder het kabinet-Den Uyl, waarin hij waardering uitte voor het vooruitstrevende gehalte van het beleid van Van der Stoel - in progressieve kring geen onomstreden opinie. Het werkstuk werd door het Genootschap van Internationale Betrekkingen bekroond als de beste scriptie van het jaar 1981.

C. van den Tempel, bij wie Melkert afstudeerde: “Een briljante maar bloedserieuze jongen, die ook destijds al overbodig veel moeilijke woorden in zijn teksten stopte.”

In het internationaal jongerenwerk vertoonde hij eveneens de neiging zich te belangrijk te gedragen. Als voorzitter van de Council of European National Youth Committees schreef hij in 1980 voor deze krant een Hollands Dagboek: “(... ) De pers dringt op. Van Komsomolskaja Pravda tot aan de Hongaarse televisie, die mij langzamerhand als oude bekende kan introduceren. De Nederlandse huiskamers zijn nog lang niet zo ver, maar de toekomst is nog lang.” Zijn (PPR-)vriend G. J. van Oven, inmiddels advocaat-generaal op de Antillen, las het met stijgende verbazing: “Achteraf vond-ie zelf ook dat dit niet de juiste toon was. Aan de andere kant is die arrogantie ook wel logisch. Hij voelt zich vaak beter, gewoon omdat hij beter is.”

In 1984 trad Melkert als directiesecretaris in dienst bij de Derde-Wereldorganisatie NOVIB. “Een te lichte baan voor hem”, zegt NOVIB-directeur H. Pelgrom. “Hij beschouwde dit werk als opstap naar de politiek.” Melkert had zich inmiddels aangesloten bij de PvdA, Pelgrom zag hoe hij zich op zijn nieuwe betrekking voorbereidde: “Overdag zat hij keurig in het pak bij de NOVIB, 's avonds trok hij zijn kloffie aan om partijkrantjes rond te brengen, want dat lag goed bij het partijkader.”

Hij werd in de PvdA snel op waarde geschat. J. van den Berg, destijds directeur van het wetenschappelijk bureau en in 1985 lid van een partijcommissie die Kamerkandidaten met geringe partijervaring, onder wie Melkert, bij de gewesten aanbeval: “Hij was zo pienter in Flevoland te gaan wonen: dan was zijn kans groter in de Kamer te komen.”

In 1986, hetzelfde jaar dat hij in de Kamer kwam, trad hij, 29 inmiddels, in het huwelijk met een Chileense. Het was “zo'n typisch keurige en saaie bruiloft”, zegt Pelgrom. Het paar kreeg inmiddels een kind, wat Melkert volgens bekenden veranderde: hij kan aangenaam ontroerd vertellen over zijn jonge gezinnetje, en dan is hij ineens “gewoon een aardige vent, niet de koele kikker die hij zo vaak lijkt”. Desondanks blijft zijn priveleven ook voor vrienden moeizaam te doorgronden. “Op zijn verjaardag”, zegt Van Oven, “geef je hem een goed boek, ik zou niet weten waarmee ik hem anders een plezier kan doen.”

In de Kamer vragen collega's het zich ook af: what makes Ad run? Heeft hij zoiets als engagement?”Het is oppervlakkige beeldvorming hem als rechts neer te zetten”, zegt oud-partijgenoot en Groen Links-Kamerlid P. Lankhorst. “Uit zijn standpunten op milieugebied blijkt dat absoluut niet. Hij is uit op het haalbare, maar dat wil niet zeggen dat het een rechtse bal is.”

Zijn doorbraak kwam toen de fractie halverwege de vorige kabinetsperiode een nieuwe financiele woordvoerder moest kiezen. Volgens toenmalig Kamerlid Kombrink waren er vier kandidaten: Leijnse, Pronk, Vermeend en Melkert. “Ik heb er twee langdurige gesprekken met Kok over gevoerd”, zegt Kombrink, die zich herinnert dat Kok “een duidelijke voorkeur” voor Melkert had, vooral omdat hij zo goed met Melkert overweg kon. “Dat is voor de fractie de doorslag geweest hem te kiezen.” Wat daarna geschiedde, is volgens Kombrink ook typerend voor Melkert: “Ik zei: jij bent nu eerste woordvoerder, laat Vermeend dan de fractiecommissie financien voorzitten. Maar nee, hij deed het zelf.”

Ad Melkert doet het zelf. En alleen. En berekenend. En foutloos - althans, meestal. Vorige week stelde hij voorafgaand aan het Kamerdebat over de Nederlandse inzet in de Golf dat een besluit over die inzet pas definitief werd als het kabinet, nadat het conflict was uitgebroken, daarover opnieuw een standpunt had ingenomen. Premier Lubbers bestreed dit in de Kamer, Melkert beet in het stof.

CDA-woordvoerder H. Gualtherie-van Weezel: “Hij zat met een verdeelde fractie, ik denk dat hij daarom die uitspraak deed. Het was strategie, geen fout. Melkert maakt niet snel fouten.” Van Weezel is bijzonder te spreken over zijn PvdA-collega: “Hij is geen zwabberaar, niet modieus, hij kent zijn spullen. En hij vraagt zich goed af hoe het met de PvdA verder moet. Hij behoort tot degenen die een langdurige coalitie met het CDA mogelijk kan maken.”

Ook de financieel woordvoerder van het CDA, G. Terpstra, meent dat Melkert in de PvdA “tot de degelijken behoort”. Soms is hij echter zo gematigd dat Terpstra zich afvraagt: “Zal zijn achterban hem steunen?”

De politicus die bij andere partijen meer populariteit geniet dan onder partijgenoten: het is niet zelden een veeg teken. J. van den Berg: “Melkert moet wat oppassen. Als je te veel doet kun je snel opbranden. En laatst had hij een verhaal in Socialisme en Democratie waarvan ik dacht: heel goed, de partij financiele werkelijkheden voorhouden, de koppeling ter discussie stellen, het moet niet verboden zijn. Maar macro-economie, collectieve lastendruk, financieringstekort - reuze belangrijk, alleen denk ik dan: weet de kleine Melkert ook wie de mensen zijn voor wie de koppeling is bedoeld?”

Juist naar aanleiding van dat stuk kreeg Melkert scherpe kritiek in de fractie voor de voeten geworpen. Collega-Kamerlid Vos: “Die jongen is een toptalent, maar soms moet je hem eens goed bij de oren pakken.”