Escalatie voorkomen

MET DE NODIGE coalitie-acrobatiek is de Tweede Kamer vannacht in grote meerderheid akkoord gegaan met een uitbreiding van de taak van de Nederlandse fregatten in het Golf-gebied als daar oorlogsomstandigheden ontstaan. Daarmee is de bereidheid uitgesproken dat Nederland de uiterste consequentie - betrokken raken in een oorlog - wil aanvaarden. Voor een dergelijk ingrijpend besluit kan de consensus niet groot genoeg zijn. Het is daarom verheugend dat de Kamer zich op de fractie van Groen Links en de leden De Visser (PvdA) en Tommel (D66) na achter het kabinetsvoornemen heeft geschaard.

“De inval van Irak in Koeweit is een flagrante schending van de internationale rechtsorde”, zei koningin Beatrix op de derde dinsdag van september in haar Troonrede. “De handhaving van de rechtsorde weegt zwaar. Nederland kan niet afzijdig blijven”. Dat gebeurde dan ook niet. Ongeveer tegelijkertijd arriveerden twee Nederlandse schepen in het crisisgebied om toe te zien op het door de VN ingestelde embargo tegen Irak. De eind november aanvaarde resolutie 678 van de Veiligheidsraad die het gebruik van geweld toestaat als Irak na 15 januari nog steeds niet van plan is Koeweit te verlaten, is ook door de Nederlandse regering onderschreven. Vervolgens terugdeinzen voor de volgende stap, te weten het eventueel daadwerkelijk gebruik maken van geweld als alle overige inspanningen zijn mislukt, kan dan niet meer. Dat zou volledig ten koste gaan van de geloofwaardigheid van een land. Nederland doet mee, ook als het echt ernst wordt.

DE PARLEMENTAIRE goedkeuring is gisteren niet zonder slag of stoot verlopen. Over de vraag of de Nederlandse schepen mogen worden ingezet bij gewelddadige acties was weinig verschil van mening. In die zin is het politieke klimaat vergeleken bij tien jaar geleden aanzienlijk veranderd. De laatste sentimenten van PvdA-zijde naar die tijd waren geconcentreerd in de vraag of Nederland feitelijk al besloten heeft actief te worden in een oorlogssituatie of dat daarvoor nog een apart besluit door kabinet en parlement moet worden genomen als het zover is. De PvdA wilde voor alles de indruk vermijden dat nu reeds een escalatieverhogend besluit was genomen.

Gelukkig is er op dat punt van de zijde van het kabinet gisteren helderheid verschaft. Als de situatie op het diplomatieke vlak ongewijzigd blijft en het na 15 januari tot oorlogshandelingen zou komen hoeft er niet nog eens een apart besluit te vallen over de rol van de Nederlandse schepen. Op die duidelijkheid hebben de bemanningen aan boord van de schepen en de andere aanwezige landen recht.

Terecht heeft een eveneens grote meerderheid in de Tweede Kamer zich op het standpunt gesteld dat het besluit van het kabinet zich niet leent voor een verenigde vergadering van de Staten Generaal zoals artikel 96 van de grondwet voorschrijft. Het herstellen van de internationale rechtsorde in VN-verband leent zich niet voor een oorlogsverklaring in klassieke zin. Natuurlijk moet ook de Eerste Kamer zich over het kabinetsbesluit kunnen uitspreken. Dat gebeurt dan ook. Een oorlogsverklaring is echter niet aan de orde. Dat zou pas echt escalerend werken.