De golfoorlog in scenario's

Een strook niemandsland van zestig kilometer scheidt de Iraakse reservist die zich in de frontlinie bevindt van zijn tegenstanders, de beroepssoldaten van de anti-Iraakse coalitie. Een hoge zandwal belemmert zijn zicht op de horizon, vanwaar de vijandelijke eenheden kunnen opdoemen. Behalve zandwallen moeten mijnenvelden, greppels waarin men brandende olie kan laten stromen, 'razor wire' (een uiterst venijnig soort prikkeldraad) en bunkers hem een gevoel van veiligheid geven en Koeweit vrijwaren van een geallieerde intocht.

De Iraakse soldaat zal waarschijnlijk geen vijand zien totdat de eerste aanval voorbij is. Een aanval waarvan het uur U nog onbekend is, maar die met het falen van allerlei diplomatiek overleg steeds dichterbij lijkt te komen.

Sinds Irak in de nacht van 1 op 2 augustus het kleine buurland Koeweit binnenviel en bezette, heeft zich niet alleen een ongekend grote troepenmacht samengetrokken aan weerszijden van de Saoedische grens met Irak en Koeweit, maar zijn ook militaire strategen koortsachtig in de weer om allerlei oorlogsscenario's uit te werken, door te rekenen, tegen elkaar af te wegen en bij te stellen.

Volgens recente schattingen bevinden zich een 540.000 Iraakse troepen in en om Koeweit. Wat zal de iets grotere anti-Irak coalitie (615.000 man) onder leiding van de Amerikanen tegen deze vijand ondernemen, als Irak op 15 januari nog altijd geen aanstalten heeft gemaakt Koeweit te ontruimen? Zal het een Blitzkrieg worden, met selectieve luchtaanvallen op strategische doelen in Koeweit en Irak? Of komen er massale luchtaanvallen op militaire doelen, commando- en controlecentra, de oorlogsindustrie in Irak en zelfs op burgerdoelen? Of zal het een alomvattend offensief worden met tankslagen, bommentapijten, luchtlandingen en amfibische landingen?

Al even onzeker is de reactie van Irak op zulke aanvallen, in hun verschillende gradaties van vernietiging en gruwelijkheid. Het lijkt onwaarschijnlijk dat Bagdad lijdzaam de golven van oorlogsgeweld over zich heen laat komen. Hoe zal Irak zich verweren? Zal Saddam Hussein, zoals hij gedreigd heeft, raketten op Tel Aviv afvuren? Zal hij zijn toevlucht nemen tot terrorisme in het Westen, of zolang het nog kan zijn vijanden op alle fronten tegelijk zoveel mogelijk schade toebrengen - door raketten te lanceren op Saoedische luchtmacht-bases en olie-installaties, vijandelijke marineschepen in de Golf en Amerikaanse legerkampen? En wat als Irak het initiatief neemt?

Aan de hand van gesprekken met militaire deskundigen en de schaarse informatie die vooral van Amerikaanse kant naar buiten is gekomen, valt een aantal mogelijke oorlogsscenario's te schetsen.

PRECISIE-BOMBARDEMENTEN .

In alle scenario's van de Amerikanen en hun bondgenoten, zo menen militaire analisten, zal hun superieure luchtmacht een hoofdrol zijn toebedeeld, zeker in de eerste fase van een aanval. 's Nachts, zo is de verwachting, zullen honderden Amerikaanse oorlogsvliegtuigen van verschillende vliegvelden en vliegdekschepen opstijgen om een offensief te ontketenen. Met bijna 1.300 toestellen zijn de Amerikanen en hun bondgenoten in de lucht in aantal verre superieur aan de Irakezen, die over niet meer dan 400 a 500 oorlogsvliegtuigen kunnen beschikken. De Amerikaanse vliegtuigen zijn in staat met behulp van geavanceerde nachtzicht- en infrarood-apparatuur in het donker hun doelen te vinden en te bombarderen.

De anti-Irak alliantie kan een eerste, harde klap uitdelen door met precisie-bombardementen het formidabele luchtafweersysteem in Irak uit te schakelen, vliegvelden en vliegtuigen te verwoesten en de 'command en control' centra te verlammen. Bij precisiebombardementen fungeert een aantal hoog gespecialiseerde vliegtuigen gezamenlijk als een wapensysteem, dat vanuit de lucht gecoordineerd wordt door AWACS-surveillance vliegtuigen.

Een eerste golf jachtvliegtuigen zou anti-radar raketten op de doelzoekradars van de Iraakse luchtafweerraketten afvuren. Andere vliegtuigen zouden met elektronische stoorsignalen radarinstallaties ontregelen, waardoor anti-vliegtuig raketten van de Iraakse luchtverdediging niet meer gericht kunnen worden. Ten slotte komen jachtbommenwerpers in actie om specifieke doelen zoals landingsbanen onbruikbaar te maken.

Zo zou de alliantie binnen enkele dagen of zelfs uren heer en meester in het luchtruim kunnen zijn en zouden de Iraakse soldaten geen opdrachten meer kunnen ontvangen van hun bevelhebbers.

Tegelijkertijd, of in een volgende fase, kan de geallieerde luchtmacht ervoor kiezen om alle strategische doelen in Irak en Koeweit aan te vallen. De wapenindustrieen, de lange en middellange afstandsraketten en aan- en afvoerwegen worden dan doelwit van hevige bombardementen. Het is niet goed voor te stellen hoe zo'n actie kan verlopen zonder duizenden levens te eisen aan Iraakse kant, en tientallen aan Amerikaanse.

Maar ondanks de geallieerde overmacht in de lucht, de technologisch zeer verfijnde wapentechnologie van de Amerikanen en hun bondgenoten en de zeer gedetailleerde informatie die zij de afgelopen maanden met behulp van spionagevliegtuigen en satellieten over hun doelwit hebben kunnen verzamelen, kan het nooit zeker zijn dat zo'n luchtaanval binnen enkele dagen tot inbinden of zelfs de overgave van Irak zou leiden.

Als het om precisiebombardementen gaat hebben de Amerikanen niet echt een grote reputatie. En de Iraakse luchtmacht is weliswaar kleiner en minder goed toegerust dan die van de vijand, maar Bagdad beschikt wel over de nieuwste Franse technologie op het gebied van luchtafweer, elektronische oorlogsvoering en waarschuwings- en controlesystemen. Daarbij heeft Irak 25 tot dertig exemplaren van de geduchte, van Exocet-raketten voorziene Mirage F-1.

Of de Irakezen hun technologisch hoogwaardige wapens ook kunnen bedienen zonder buitenlandse adviseurs, is zeer de vraag. Reserve-onderdelen zullen ze door het embargo niet kunnen aanvullen.

PRECISIE- EN VERZADIGINGSBOMBARDEMENTEN .

Na of tegelijk met scenario 1 kunnen de geallieerden ook een andere optie uitvoeren, bij voorbeeld als Irak na aanhoudende luchtaanvallen op zijn strategische doelen niet in korte tijd op de knieen kan worden gedwongen. In dit scenario, dat naar verwachting aanzienlijk meer mensenlevens zal eisen, leggen de Amerikanen en hun bondgenoten bommentapijten op de Iraakse troepen en hun stellingen in Koeweit en Zuid-Irak, op alle wegen, bruggen en de hele militaire infrastructuur. Door zulke 'verzadigingsbombardementen' zou Irak niet alleen zware verliezen lijden, maar ook met de mobiliteit van het Iraakse leger zou het in dit scenario snel gedaan zijn.

Wanneer een massale geallieerde luchtaanval met behulp van B 52-bommenwerpers inderdaad zo vernietigend is en volgens plan zou verlopen, dan nog hoeft het geen uitgemaakte zaak te zijn dat Irak zich overgeeft. Het land beschikt op grond van de oorlog tegen Iran weliswaar niet over een grote militaire reputatie, maar heeft wel een aanzienlijke militaire ervaring opgebouwd. Bovendien heeft het leger van Saddam Hussein ruimschoots de tijd gehad zich in Koeweit stevig in te graven en te voorzien van veel artillerie en luchtafweergeschut.

DE VESTING KOEWEIT

De verovering van de 'vesting Koeweit', zo menen militaire experts, zal voor de geallieerde troepen een zware opgave zijn. Zo'n verovering zou de Amerikanen en hun bondgenoten op zeer zware verliezen komen te staan, evenals de Irakezen. Een onderzoeker in de Verenigde Staten schat dat een zware strijd van drie weken 16.000 Amerikaanse slachtoffers kan kosten, onder wie ruim 4.000 dodelijke. Van Koeweit zelf zal na een strijd met tanks, grondtroepen, eventueel lucht- en zeelandingen en zware bombardementen weinig meer overblijven.

In de oorlog tegen Iran hebben de Iraakse grondtroepen bewezen dat hun voornaamste kracht schuilt in de hardnekkigheid waarmee zij vanuit ingegraven posities een statische verdediging kunnen volhouden. Opperbevelhebber van de Iraakse strijdkrachten in Koeweit, generaal Rashid, heeft zijn sporen verdiend met de verdediging van Basra en de herovering van het schiereiland Fao. Deze twee wapenfeiten waren kenmerkend voor Iraks optreden in de oorlog tegen Iran: vanuit een statische verdediging wist men na vele maanden uiteindelijk met snelle uitvallen de vijand te verrassen. Bedacht moet wel worden dat het Iraanse leger toen sterk verzwakt en uitgedund was.

De breedte van de verdedigingslinie die de alliantie scheidt van Koeweit varieert van 800 tot 3.000 meter, aldus het gezaghebbende blad Jane's Defence Weekly in een artikel dat zich laat lezen als een handleiding voor het doorbreken van de Iraakse linies. Het eerste obstakel waar de Amerikaanse grondtroepen en hun bondgenoten bij een frontale aanval op zouden stuiten, is een twee tot vier meter hoge anti-tank zandwal. De bedoeling van dit obstakel is de vijandelijke eenheden in hun opmars te vertragen, en zo de duur van het vuurcontact te verlengen. Bovendien stelt een tank bij het beklimmen van de zandwal eerst zijn kwetsbare onderbuik en vervolgens, tijdens de afdaling, zijn zeker zo kwetsbare geschutskoepel aan vijandelijk vuur bloot.

Eenmaal over de zandwal duiken de overgebleven tanks in een drie tot zeven meter diepe, en zeven tot twintig meter wijde greppel, aldus nog steeds Jane's. Sommige delen van die greppel kunnen de Iraakse troepen met olie laten volstromen en in brand steken. De tanks die uit deze greppel weten te komen moeten door prikkeldraadversperringen heen en een mijnenveld oversteken, alvorens zij de stellingen bereiken waar de eerste Iraakse verdedigers hen opwachten. Westerse militaire deskundigen noemen de Iraakse verdedigingslinie 'naar Navo-normen onderontwikkeld'.

In bunkers en loopgraven zitten mitrailleursnesten om de aanvallende infanterie onder vuur te nemen. Meer dan driekwart van de ongeveer 4000 Iraakse tanks die in Zuid-Irak en Koeweit zijn, bevinden zich in en achter deze stellingen. De alliantie zal met alle middelen, bij voor beeld met honderden anti-tank helicopters waaronder de gevreesde Amerikaanse Apache, proberen die tanks uit te schakelen.

Achter deze linie staat de Iraakse artillerie klaar om alles wat zich tussen zandwal en fortificatie beweegt onder vuur te nemen. Ten slotte moet de achterste linie de grondtroepen van Irak met raketten en luchtafweergeschut beschermen tegen vijandelijke vliegtuigen en helicopters.

DE VEROVERING VAN DE VESTING KOEWEIT

Wanneer precisie- en verzadigingsbombardementen het beoogde doel niet realiseren, de onvoorwaardelijke overgave van Irak, zullen de Amerikanen en hun alliantie zich voor de taak gesteld zien de Vesting Koeweit in te nemen. En al heten de Iraakse linies dan 'onderontwikkeld', na uitgebreide oefeningen in Saoedi-Arabie hebben Britse infanteristen tegenover journalisten verklaard dat zij verwachten dat hen een zeer zware taak te wachten staat.

Speciale bulldozers moeten de anti-tank greppels begaanbaar maken en eventuele oliebranden in zand smoren. Genietroepen zullen paden trachten te banen door de mijnenvelden. Dit alles nadat de luchtmacht een bommentapijt over de Iraakse stellingen heeft gelegd.

Slagen de geallieerde aanvallers erin door alle defensieve linies heen te breken, dan lopen ze het risico te stuiten op in allerijl toegestroomde eenheden van de tactische reserve - veel ervarener troepen dan de manschappen in de eerste linie. In Noord-Koeweit en Zuid-Irak bevindt zich dan nog de zeer beweeglijke strategische reserve. Deze zogeheten Republikeinse Garde bestaat uit ongeveer 50.000 in de strijd geharde troepen, verdeeld over vijf a zes divisies. Zij heeft de beschikking over de geduchte Sovjet T-72 tank en bewaakt de belangrijke noord-zuid route van en naar Basra. Waneer speciale eenheden van de Amerikanen en hun bondgenoten achter de Iraakse verdedigingslinie zouden worden gedropt, kunnen zij deze divisies op hun weg vinden.

Een Amerikaans scenario dat uitsluitend voorziet in een aanval op de vesting Koeweit en niet in aanvallen in Irak, wordt door militaire deskundigen onwaarschijnlijk geacht vanwege een strategische zwakte. Een militair ongeschonden Irak kan met raketten en luchtmacht zijn stellingen in Koeweit blijven verdedigen, en de geallieerde troepen blijven bestoken.

De man die de vesting Koeweit moet verdedigen, generaal Rashid, stond tijdens de oorlog met Iran tegenover een zeer slecht bewapende tegenstander. Hij kon een geslaagde verrassingsaanval uitvoeren omdat hij zich daar maandenlang ongemerkt op had kunnen voorbereiden. Nu zijn de omstandigheden en vooral de tegenstander heel anders. In de oorlog tegen Iran zijn de Irakezen nooit met de vernietigingskracht geconfronteerd waartoe de geallieerden in staat zijn. En, wat misschien belangrijker is, vrijwel al hun wapensystemen kunnen ook 's nachts tegen de Irakezen worden ingezet. Die zullen niet langer in staat zijn onder dekking van de duisternis verdedigers met voedsel of munitie te bevoorraden, versterkingen aan te voeren of geschut te verplaatsen.

Een andere mogelijkheid die de Amerikanen openstaat is, na of in plaats van de eerder genoemde scenario's, een onmiddellijk, massaal offensief in te zetten, met alle krijgsmachtonderdelen op verschillende fronten. Terwijl de luchtmacht op grote schaal bombardementen uitvoert, en de marine een bruggehoofd tracht te slaan en de kustverdediging onder vuur neemt, valt de landmacht met alle macht de vesting Koeweit aan.

Vanuit de Amerikaanse optiek pleit voor dit scenario dat de verwachte overwinning niet opgeeist kan worden door slechts een legeronderdeel. In de sterke concurrentie binnen de Amerikaanse krijgsmacht zijn alle onderdelen er buitengewoon op gebrand deel te nemen aan de strijd. Er tegen pleit dat de tol in dodelijke slachtoffers aan beide zijden naar verwachting buitengewoon hoog zal zijn.

Wanneer tanks en andere mobiele eenheden er in slagen door te stoten, zullen zij contact proberen te maken met paratroepers en mariniers die elders door de Iraakse linies zijn gebroken. De geallieerden hebben de grootste landingsmachtsinds Korea samengebracht. Eventueel zouden ook luchtaanvallen vanuit Turkije uitgevoerd kunnen worden.

Behalve met taai verweer, kan Irak een aanval ook proberen te pareren door het slagveld uit te breiden. Woensdag nog zei minister van buitenlandse zaken Tareq Aziz, dat Bagdad bij een geallieerde aanval op Irak, Israel 'absoluut' bij het conflict zou betrekken.

Irak heeft ook gedreigd met chemische wapens en een tactiek van de verschroeide aarde: bij voorbeeld door het vernietigen, dan wel het onbruikbaar maken van de Koeweitse olievelden, door raketbombardementen of door de installaties met miltvuur-bacterien voor jaren onbegaanbaar te maken. De technische bekwaamheid van Irak om aan zulke dreigementen ook daadwerkelijk uitvoering te geven, moeten echter niet worden overschat. Over de waarde van verhalen als zou het land op korte termijn over een nucleair wapen kunnen beschikken, lopen de meningen van deskundigen sterk uiteen. Bagdad zou volgens sommigen nog slechts enkele maanden nodig hebben om een kernwapen tot ontwikkeling te brengen, volgens anderen nog tien jaar.

UITPUTTINGSOORLOG

Een slepende uitputtingsoorlog verwachten westerse militaire analisten niet. De Amerikanen hebben herhaaldelijk laten blijken een korte maar hevige strijd verre te prefereren boven een geleidelijk in intensiteit op te voeren oorlog. De Amerikaanse publieke opinie en de internationale anti-Irak-coalitie zouden op den duur te zeer onder druk komen te staan.

Irak echter kan juist daarom zijn hoop hebben gesteld op een slepende strijd, waarbij de geallieerde troepen iedere meter van Koeweit moeten bevechten. Alles zou aankomen op de verdedigende capaciteiten en het uithoudingsvermogen van leger en bevolking van Irak. Saddam Hussein zou er dan op mikken dat de Amerikanen en hun bondgenoten zo'n langerekte en bloedige strijd eerder moe zijn. Zolang hij nog een deel van Koeweit in handen heeft, zal ieder aanbod van een vermoeide alliante om het vuren te staken voor hem aantrekkelijk zijn.

HET NACHTMERRIE SCENARIO

Dat Irak voor 15 januari, 'in de laatste minuut van het elfde uur', alsnog zal inbinden, kan niet worden uitgesloten. De mogelijkheid dat Saddam Hussein aankondigt zich uit Koeweit terug te trekken, en dat vervolgens slechts gedeeltelijk doet, wordt in de Verenigde Staten wel het 'nachtmerrie-scenario' genoemd.

Het risico van zo'n uitkomst zou zijn dat er geen vrede door ontstaat, maar slechts de aanzet voor een nog groter conflict. Over de regio zou dan de schaduw blijven hangen van een militair sterk Irak, dat gefrustreerd is in zijn korte termijn doelstellingen en internationaal wellicht lof krijgt voor zijn 'inschikkelijke houding'. Sommige Arabische en islamitische staten, waarvan een aantal door het Westen en de Sovjet-Unie zijn voorzien van de allermodernste wapensystemen, zouden dan wel eens naast, in plaats van tegenover Irak kunnen komen te staan.

De Amerikanen lijken een eventuele oorlog niet te lang uit te willen stellen. In maart begint de temperatuur in de regio tot grote hoogten te stijgen, een omstandigheid die niet alleen de geallieerde manschappen zwaar op de proef stelt, maar ook schadelijk kan zijn voor de effectiviteit van bepaald materieel. En net zoals een lange strijd de steun voor Bush kan ondermijnen, zo zal ook bij een aanval die pas over enkele maanden wordt gelanceerd de Amerikaanse president mogelijk een aantal bondgenoten in binnen- en buitenland moeten ontberen. Als in maart de islamitische vastenmaand Ramadan aanbreekt en medio juni de tijd van de pelgrimage naar Mekka begint, zal het voor de Amerikanen erg moeilijk worden nog aan te vallen zonder zich van hun Arabische bondgenoten te vervreemden.

Wat voor scenario's de militairen ook hebben opgesteld, een groot aantal cruciale onzekerheden zal pas uit de weg geruimd kunnen worden als de strijd al woedt. Het moreel van de eigen manschappen, en zeker ook dat van de vijandelijke troepen, is een factor die moeilijk valt in te schatten en uiteindelijk de balans kan doen doorslaan. Voor de Amerikanen en Europeanen zijn de woestijnomstandigheden zwaar, maar ook de Iraakse troepen in Koeweit vechten, wat Bagdad daarover ook beweert, uiteindelijk niet op eigen terrein. In de oorlog met Iran waren de prestaties van de Iraakse soldaat op vreemd gebied slecht.

Ook de effectiviteit van het materieel van de alliantie, waarvan een deel nog nooit in een oorlogssituatie - laat staan onder woestijnomstandigheden - is beproefd, kan voor verrassingen zorgen. En functioneert de commandostructuur van de anti-Irak-coalitie wel doelmatig, als behalve Amerikanen ook Britten, Fransen, Saoediers en wellicht ook Egyptenaren aan een aanval deelnemen?

Over de aantallen verliezen - in manschappen en materieel - die van de verschillende militaire opties te verwachten zijn, lopen de gissingen uiteen van enkele honderden tot vele tienduizenden. Het onzekerst lijkt ten slotte het militaire antwoord dat men kan verwachten van een aanval op Irak, een land wiens leider heeft bewezen voor het Westen bijzonder onvoorspelbaar te zijn.

    • Juurd Eijsvoogel Hans Moll