Stroomlijn

Een haring en een rode poon hielden een zwemwedstrijdje ter hoogte van Scheveningen. “Verdikkie, dat valt me tegen”, mopperde de haring, “het kost me moeite om je bij te houden. En dat terwijl je nog wel zo'n logge, dikke kop hebt die het water tegenhoudt!” “Ha, ha, dat had je gedacht”, antwoordde de rode poon, “die kop van mij is juist mijn geheim. Hij ziet er misschien niet snel uit, maar hij maakt dat ik veel beter gestroomlijnd ben dan jij!”

Vandaag gaan we de vlam van een kaars naar ons toebuigen door juist van ons af te blazen. We maken een gestroomlijnde vorm. We hebben nodig: een kaars, een vlak stuk karton van ongeveer 10 bij 10 centimeter, een stuk dun karton van ongeveer 10 bij 50 centimeter en een stukje plakband.

Houd het stukje vlak karton voor de kaarsvlam, blaas en let op wat er met de vlam gebeurt. Je zult zien dat de vlam niet in de blaasrichting afbuigt, maar juist de andere kant op, tegen de richting van de stroom in. Dit komt door luchtwervelingen vanachter het kartonnetje. Het karton is een remmend obstakel voor de luchtstroom. Maar het remt niet omdat het de lucht tegenhoudt, maar doordat het vanachteren wordt teruggeduwd. Hoe komt dat? De geblazen lucht glijdt om het kartonnetje heen. Precies achter het kartonnetje is geen lucht en daar ontstaat een onderdruk. Door die onderdruk wordt de lucht teruggebogen en duwt hij vanachteren tegen het kartonnetje terug.

Buig nu het andere stuk karton tot een druppelvorm en plak de einden met een stukje plakband tot een scherpe punt. Zet de kartonnen 'druppel' met de scherpe kant naar de kaars en blaas tegen de stompe kant. Je zult nu zien dat de kaarsvlam wel gewoon in de blaasrichting afbuigt. Dat komt omdat de druppel gestroomlijnd is: hij is zo gemaakt dat de luchtwervelingen niet optreden en de lucht gewoon langs de druppel afglijdt. Voor de lucht is het bijna alsof de druppel er niet is.

Alle moderne schepen, auto's, vliegtuigen, treinen en andere voertuigen die zich door lucht of water verplaatsen zijn gestroomlijnd, zodat ze veel minder weerstand ondervinden en daardoor ook veel minder benzine of stroom gebruiken. De natuur heeft het trucje al een paar miljard jaar geleden uitgevonden. Denk maar aan de stompneuzige vissen.