Ser: aanvullende uitkeringen voor werklozen handhaven

DEN HAAG, 11 jan. - De uitkeringen voor oudere en arbeidsongeschikte werklozen (de IOAW en de IOAZ) moeten niet worden afgeschaft. Dit zegt de commissie sociale verzekeringen van de Sociaal Economische Raad (SER) in een ontwerp-advies dat volgende week vrijdag wordt vastgesteld.

Staatssecretaris Ter Veld (sociale zaken) had de raad om dit advies gevraagd. De staatssecretaris vond de aanvullende IOAW- en IOAZ-uitkeringen niet meer nodig vanwege haar plan de 'inkomenstoets' in de bijstandswet te verruimen: personen met een bijstandsuitkering hoeven hun vermogen minder snel 'op te eten'.

De IOAW en de IOAZ zijn aanvullende uitkeringen die oudere arbeidsongeschikte werklozen en ex-zelfstandigen op een bijstandsniveau moeten brengen. Het bijzondere van deze uitkeringen is dat het eigen vermogen niet in aanmerking wordt genomen. Nu met de verandering van de arbeidsongeschiktheidswet AAW veel ex-arbeidsongeschikten in de bijstand zullen komen, wil Ter Veld bijstandsgerechtigden de kans geven een groter eigen vermogen op te bouwen.

De SER vindt een versoepeling van de vermogenstoets niet nodig, omdat het in de door de raad voorgestane AAW-voorziening om een kleine groep mensen gaat. Dit in tegenstelling tot het plan van Ter Veld. De SER is dan ook tegen afschaffing van de IOAW en de IOAZ.

Het kabinet wil in de AAW het beginsel van inkomensderving versterken. Dat wil zeggen dat uitsluitend op basis van het laatst genoten inkomen een AAW-uitkering wordt verstrekt. Alleen vroeg-gehandicapten hoeven niet aan dit beginsel te voldoen. De SER is het hiermee in principe eens, maar vindt dat ook studenten en zogenoemde sanctiegevallen (in de werkloosheids- en ziektewet) voor AAW in aanmerking moeten kunnen komen.