Prijs van huizen tijdens Golfcrisis naar beneden

ROTTERDAM, 11 JAN. De gemiddelde prijs van woningen is afgelopen twee kwartalen voor het eerst sinds 1985 flink gedaald. In het tweede kwartaal kostte een huis 180.300 gulden, in het vierde kwartaal lag de prijs 8.200 gulden (4, 5 procent) lager. De verkoop van nieuwbouwwoningen is vorig jaar met ongeveer een vijfde verminderd.

Dit blijkt uit vanmiddag gepubliceerde huizenprijzen van de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) en onderzoek naar nieuwbouw door het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten, de grootste bouwer van nieuwe woningen.

De huizenprijzen daalden vooral in het derde kwartaal (gemiddelde prijs 174.000 gulden) toen Irak Koeweit binnenviel. De daling van het aantal nieuwbouwwoningen houdt gedeeltelijk verband met strengere criteria bij het toekennen van individuele subsidie. Het Bouwfonds houdt rekening met een verdere daling.

Het verschil tussen vraagprijs en betaalde prijs steeg voor de bestaande woningen van 7, 1 procent in 1989 naar 7, 5 procent in 1990. De koper had keuze uit iets meer woningen die gemiddeld 102 dagen te koop stonden, een dag langer dan in 1989. Dat wijst volgens de NVM “op een mogelijke verschuiving van een verkopers- naar een kopersmarkt”. Het aantal verkopen nam ten opzichte van 1989 af met drie procent. Ongeveer tweederde van de transacties op de huizenmarkt verloopt via de leden van de NVM.

De NVM stelt dat aan kwartaalcijfers niet al te grote waarde gehecht dient te worden en kijkt liever naar de gemiddelde verkoopprijs over het gehele jaar. Deze steeg met anderhalf procent, van 171.600 gulden in 1989 naar 174.500 gulden vorig jaar.

Het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten schat desgevraagd dat het aantal verstrekte gemeentegaranties in december met ongeveer een derde is gedaald ten opzichte van de voorgaande twee maanden. Dat zou wijzen op een aanhoudende wijfelende opstelling bij de huizenkopers. Een aanzienlijke daling van het aantal gemeentegaranties in het tweede kwartaal ging vooraf aan de scherpe daling van de huizenprijzen in het derde kwartaal vorig jaar.

Deskundigen van NVM, Bouwfonds, Centraal Planbureau en Vereniging Eigen Huis laten zich niet uit over de vraag of de huizenprijzen dit jaar verder zullen dalen. Ze achten de afloop van de Golfcrisis een te onzekere factor om betrouwbare voorspellingen te doen.

De NVM registreerde ten opzichte van 1989 de grootste prijsstijgingen (zes tot acht procent) in Zeeland en Flevoland. In beide provincies lagen in 1990 de prijzen nog 12 tot 14 procent beneden het landelijk gemiddelde. Utrecht is nog steeds de duurste provincie met huizenprijzen die gemiddeld veertien procent boven het landelijk niveau liggen.

    • Tom Buijtendorp