Oorlogsmuziek

Op Dag Tien van de countdown van de oorlog tegen Saddam Hoessein zond de BBC een documentaire uit over de componist Iannis Xenakis, even later gevolgd door Francis Coppola's Vietnamfilm Apocalypse Now. Een adequatere programmering was nauwelijks denkbaar. Omdat die kwaliteit voor de BBC eerder regel dan uitzondering is en in Hilversum systematisch ontbreekt zal het Nederlands nog eerder in onze huiskamers dan op onze universiteiten door het Engels vervangen zijn, maar dit ter zijde.

De film over Xenakis begon met zijn herinneringen aan de Hitleroorlog: luchtgevechten, nachtelijke bombardementen, het gedaver van ontploffingen, branden en honderden zwaaiende zoeklichten aan de hemel. Zij vormden, zoals hij zei, de inspiratie voor zijn latere opzienbarende orkestwerken. Voor het realiseren van zijn 'stochastische' sonische erupties ontwikkelde hij uiterst complexe wiskundige methodes, die erop gericht waren de werking van de natuur op moleculair niveau na te bootsen.

De resultaten logen er niet om, het is inderdaad 'alsof de aarde zich opent', zoals een luisteraar zei. Samen met stukken als Carre en Momente van Stockhausen vormt het werk van Xenakis de meest indrukwekkende verbeelding van de moderne, totale oorlog: op elkaar botsende toonmassa's, het bederf en de ontbinding van jankende glissando-sirenes, de altijd onverwachte inslagen van het zware slagwerk - te hard, onbestaanbaar hard.

In 1957, toen ik in dienst moest, was deze muziek nog niet beschikbaar - de voorlichtingsfilms waarmee de soldaat gehard moest worden voor het moderne slagveld werden toen nog begeleid door fragmenten uit Strawinsky's Sacre. Van een paar dagen voor de Duitse inval herinner ik mij een radiouitzending waar mijn ouders en een groepje bakkers uit het bedrijf ontdaan naar stonden te luisteren. Het voor mij onbegrijpelijke en vooral te harde geschreeuw van een mannenstem moet dat van Hitler geweest zijn, realiseerde ik mij veel later. Ook herinner ik mij hoe de boerderij waarheen wij voor het oorlogsgeweld gevlucht waren ontruimd moest worden omdat de moffen een ernaast gelegen bunker wilden opblazen. Het geluid van die alles platslaande klap zal ik nooit vergeten: het was gewoon te hard, onverdraaglijk, onbestaanbaar hard.

Toch is het werk van Xenakis meer dan een illustratie van oorlogsgeweld, het is fundamenteler: de tonen zelf voeren hier oorlog, een oorlog tegen het toonsysteem en tegen de individuele toon waarop onze gelijkzwevende rationele, toonstemming gebaseerd is. De innerlijke samenhang ervan, de tonaliteit, wordt door Xenakis klankmassa's radicaal vernietigd, de harmonische samenleving opgeheven, waardoor de archaische oergrond van alle muziek bloot komt - “alsof de aarde zich opent”. Het doet er in feite niet meer toe welke tonen precies gespeeld worden. Zelfs op de piano, waar zij het meest onwrikbaar in een systeem vastliggen, wordt iedere toondefinitie in razende toonwolken opgelost. Dit is inderdaad oorlogvoeren: tot in de meest onzinnige details perfect georganiseerde waanzin, opgestuwd door de meest extreme opwinding, in de gedaante van de chaos.

In Apocalypse Now (gebaseerd op een roman van Joseph Conrad) maakt captain Willards een geste naar het schimmenrijk van de dood, naar de Hades, waar de oorlogsgod Kurtz zich verbergt. Een donkere Charon voert hem over de doodsrivier. Vlak voor dat deze eigentijdse veerman, ook tot zijn eigen opperste verbazing, door een archaische speer gedood wordt, krijgt de soundtrack van de film (muziek: Carmine en Francis Coppola) uitgesproken Xenakis-achtige trekken - de kijker wordt op het ergste voorbereid.

Als Willards Kurtz eindelijk ontmoet zegt hij: They told me your methods were insane. But I don't see any method.

De geflipte fotograaf vraagt hem: Why do you want to kill a genius? Kurtz weet dat Willards hem zal doden, maar ook dat hij voor de buitenwereld zijn enige getuige is. Daarom laat hij hem begaan. Want meer dan de dood vreest hij de vergetelheid. Zijn 'famous last words': HORROR, the HORROR.

Iannis Kurtz Xenakis is muzikaal in deze gruwel afgedaald. Het is het laatste, het diepste punt - niet wat de overdonderde luisteraar misschien zou denken: de muziek van de toekomst. Oorlogsmuziek is geen toekomstmuziek - de oorlog kan nooit onze toekomst zijn. Want als wij hem niet afschaffen zal hij het ons doen.

    • Peter Schat