Kabinet: boycot Irak niet afdoende

DEN HAAG, 11 jan. - Er zijn geen aanwijzingen dat het handelsembargo tegen Irak op enige schaal wordt ontdoken. Maar de werking ervan is “uiterst langzaam en betrekkelijk”. Irak kan nog van vele economische gemakken worden beroofd voordat een breekpunt te verwachten is. Bovendien heeft het embargo “tot nu toe op geen enkele zichtbare wijze invloed gehad op de nog steeds rigide, afwijzende politieke opstelling van de Iraakse president”.

Dit schrijft minister Van den Broek (buitenlandse zaken) in een notitie die hij gisteravond naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Het kabinet concludeert dan ook dat sancties noodzakelijk zijn, maar geen afdoend middel lijken om Irak te dwingen de resoluties van de Veiligheidsraad na te leven en zijn troepen uit Koeweit terug te trekken. Intussen, zo staat in de notitie, gaat de schending van de internationale rechtsorde in de vorm van de bezetting van Koeweit door, gepaard met plundering van het land en een voortdurende ernstige schending van de mensenrechten. Bovendien staat, aldus de brief, “niets minder op het spel dan de geloofwaardigheid van de Verenigde Naties, waarvan de categorische en eensgezinde uitspraken volstrekt worden genegeerd”.

Nauwkeurige cijfers over de effecten van het embargo zijn er niet. Op grond van rapportages van buitenlandse missies in Irak blijkt dat de invoer van het land is afgenomen tot vijf a tien procent van het niveau van voor de crisis. De uitvoer, die voor 98 procent uit olie bestond, is vrijwel volledig stil komen te liggen, waardoor de bron van buitenlandse deviezen is opgedroogd. Het effect van het embargo is het grootst, zo staat in deze evaluatie, in de (niet-olie) industriele sector en de bouwsector. “Tekorten aan grondstoffen, onderdelen en geschoolde arbeid hebben in ieder geval de niet-essentiele industriele produktie in moeilijkheden gebracht.”

De olie-industrie is echter voldoende in staat de binnenlandse economie en zeker de militaire sector te voorzien. Substantiele tekorten aan voedselprodukten zijn er ook niet, al zijn ze wel veel duurder geworden. Pas bij een gewapend conflict verwacht de regering dat in het bijzonder voor het Iraakse militaire apparaat vervanging van voorheen geimporteerde onderdelen problemen zal opleveren.