Weer een gen voor borstkanker gevonden

Franse onderzoekers hebben een gen geidentificeerd, dat vermoedelijk een rol speelt bij het uitzaaien van borstkanker. In ons land sterven jaarlijks zo'n 3000 vrouwen aan borstkanker - niet aan kanker in de borsten zelf, maar aan de uitzaaiingen naar andere organen. Als men eenmaal weet hoe tumorcellen zich naar gezond weefsel verspreiden, biedt dat aanknopingspunten om dit proces te blokkeren.

Pierre Chambon van de Louis Pasteur Universiteit in Straatsburg heeft het steunweefsel rond de tumorcellen onderzocht. De weefselmonsters van uitzaaiende tumoren werden vergeleken met goedaardige tumoren. Dat gebeurde met behulp van zogenaamde 'DNA-probes', stukjes enkelstrengs DNA met een bekende basenvolgorde, die zich aan bijbehorend DNA in het weefselmonster binden.

Hieruit bleek dat een gen aktief was in alle kwaadaardige tumoren en wel uitsluitend in het omringende steunweefsel. In goedaardige tumoren was het gen nooit aktief. Volgens de onderzoekers is activatie van dit gen nodig bij het uitzaaien van een borsttumor.

Het gen blijkt te zorgen voor de aanmaak van het enzym stromelysin-3, lid van de familie van metalloproteinases. Van deze enzymen was al bekend dat zij betrokken zijn bij de uitzaaiing van andere soorten tumoren.

Vermoed wordt dat de borsttumorcel zelf een bepaalde hormoonachtige substantie afscheidt, waardoor het gen wordt aangeschakeld en stromelysine-3 gaat produceren. Dit enzym zorgt dan voor het verteren van het omringende weefsel.

Bekend was al dat stromelysine-3 aktief is in de baarmoeder en de foetus, waar het zorgt voor vormverandering van weefsels. Daarbij wordt de werking blijkbaar nauwgezet gecontroleerd en zonodig geblokkeerd door bepaalde stoffen. Misschien biedt dat aanknopingspunten voor een therapie, die uitzaaiing in een vroeg stadium kan tegengaan. (Nature 20-27 dec.)