Klinkkunde

Van J. L. Heldring mag ik het woord klinken niet gebruiken als ik als taalkundige wil nagaan of een zin wel of niet goed in elkaar zit (NRC Handelsblad, 4 januari). Hij vindt dat klinkklare onzin. Maar ja, als je wilt weten of een zin goed gevormd is, spreek je hem uit. Met al die klinkers en medeklinkers die erin zitten, is het dan zelfs erg lastig om hem niet te laten klinken.

Heldring geeft absolute alleenrecht aan een regel (een stokpaardje), terwijl die regel blijkbaar sterke concurrentie ondervindt van een andere erkende taalregel. Concurrentie tussen taalregels is voor taalkundigen interessant omdat zij een empirisch feit is en dus informatie geeft over hoe het mennselijke taalsysteem in elkaar zit. Dat leren mijn studenten dan ook.

Overigens semantiek is niet 'de leer van de betekenis van woorden'. Heldring heeft blijkbaar het woordenboek erbij opgeslagen, maar je moet erg oppassen met woordenboeken, want die zijn vaak nogal onnauwkeurig. Semantiek bestudeert de wijze waarop betekenissen van zinnen en woordgroepen worden gevormd uit die van de kleinste bouwstenen, de woorden en woorddelen. Daarbij richt zij zich op de zeer complexe verhouding tussen betekenisstructuur (met eigen wetmatigheden). Mijn analyse van de Heldringiana in Onze Taal was erop gericht om te laten zien dat het regelbegrip van Heldring nogal simpel, en vooral oninteressant is. Dat klinkt hard, maar het is wel zo.

    • H. J. Verkuyl