Markt is ingezakt, glasvezelfabriek wil produktiviteit verhogen; Silenka Hoogezand schrapt 400 banen

HOOGEZAND, 9 JAN. Bij de glasvezelfabriek Silenka in Hoogezand moeten op korte termijn 417 van de 1300 arbeidsplaatsen verdwijnen. De directie wil een van de drie glasovens half februari stilleggen.

Silenka kampt met te grote voorraden, doordat de markt voor glasvezels is ingezakt. Wereldwijd is sprake van overproduktie van glasvezel, de hoogwaardige kunststof die vooral wordt gebruikt bij de produktie van auto's, boten en computers.

Volgens de directie kwam het bedrijf in problemen omdat er door een te hoge kostprijs niet concurrend kan worden gewerkt. Een hogere produktie per werknemer is noodzakelijk, aldus de directie. Die wil daarom de in 1984 geopende glasoven reviseren en aanpassen aan de nieuwste technologieen, waarna de oudste oven definitief dicht kan. Deze operatie, die 200 miljoen gulden kost, moet in 1993 gereed zijn. Hierdoor verliezen 400 mensen hun baan.

Volgens een woordvoerder van de directie is het stilleggen van een oven “een rigoureuze stap”. “Maar nu is er nog financiele ruimte om de nieuwe technologie te introduceren. Je kunt dan wel doormodderen, maar dan krijg je nog grotere problemen. We moeten door de zure appel heen bijten.”

Districtsbestuurder H. Pol van de Industriebond FNV is van mening dat het voorraadprobleem (normaal heeft de fabriek 6000 ton glasvezel, op dit moment 17.000 ton) kan worden opgelost door het tijdelijk stilleggen van een oven. “Maar de directie wil twee problemen - de hoge kostprijs en het voorraadprobleem - in een klap oplossen met dit desastreuze plan.”

Pol vindt het “onacceptabel” dat er 400 mensen op straat komen te staan. “In het verleden is te snel uitgebreid. Er is te weinig geinvesteerd in high tech in Hoogezand. De werknemers hebben dat vaak aangekaart, het wrange is dat zij nu juist de dupe worden. De markt is ingezakt, maar de directie verwacht dat die in 1992 weer zal aantrekken. Ik vraag me af of er geen alternatieven zijn om die periode te overbruggen, bijvoorbeeld met werktijdverkorting.”

Silenka produceert 54.000 ton glasvezel per jaar en staat daarmee op een vierde plaats in Europa. Het bedrijf, sinds begin vorig jaar volledig eigendom van het Amerikaanse concern Pittsburgh Plate Glass (PPG), werd in 1961 geopend, als een gezamenlijke onderneming van PPG en AKU (nu AKZO). Er werkten 600 mensen. Na de economische recessie in de jaren zeventig, werd de Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij in 1977 aandeelhouder. De NOM gaf Silenka een financiele injectie van tien miljoen. Het jaar daarop werd AKZO-topman T. Herrema aangetrokken als nieuwe directeur. Onder zijn leiding werd een reorganisatie doorgevoerd en in 1979 maakte het bedrijf voor het eerst sinds jaren een kleine winst.

In de jaren tachtig nam het bedrijf een hoge vlucht. Het wist in hoge mate te profiteren van de hoogconjunctuur. In 1982 werd de produktie verdubbeld van 25.000 ton naar 54.000 ton. In 1984 werd een derde oven in gebruik genomen. In de tweede helft van de jaren tachtig steeg het aantal werknemers van 600 naar 1300. In 1989 werd een winst geboekt van 30 miljoen gulden. Door de stijgende vraag naar glasvezel was er zelfs plaats voor een nieuwe fabriek in Spanje, dichtbij de afnemers. De directie verwachtte voor 1991 zelfs een toename van het aantal arbeidsplaatsen met 200.

Vorig jaar herfst kwamen de eerste tekenen dat de bomen niet zo hoog in de hemel groeiden als werd gedacht. Als gevolg van het inkrimpen van de glasvezelmarkt, werd de bouw van de nieuwe Spaanse fabriek opgeschort en de produktie in Hoogezand tijdelijk stilgelegd. De directie kondigde toen aan dat het een tijdelijke maatregel was en dat er geen gedwongen ontslagen zouden vallen.

Districtsbestuurder R. Bil van de Industrie- en Voedingsbond CNV: “Achteraf bekeken kun je stellen dat er geen rustpauze is ingelast. Begin jaren tachtig had Silenka een luxe probleem: hoe kunnen we voldoen aan de steeds maar toenemende vraag. Wij hebben ons afgevraagd of die drastische groei wel zo goed was en of het verstandig was zoveel geld in een nieuwe fabriek te steken.”

Bil zegt “slapeloze nachten” te hebben van het op handen zijnde collectieve ontslag van 400 personeelsleden. “De vraag is hoe we de pijn kunnen verzachten. De laatste vijf jaar is het peroneelsbestand bijna verdubbeld. Vooral jongeren dachten bij Silenka een mooie toekomst te hebben. Er is een sociaal probleem. Je hebt de jonge vent met een tophypotheek en een man die zijn schaapjes al op het droge heeft. Dat soort afwegingen moet je dan maken. Misschien dat we een ouderenregelingen kunnen toepassen.”

    • Karin de Mik