De geborgenheid van Taize

Het verdwijnen van de volksdemocratieen heeft het voormalige oostblok zowel fysiek als geestelijk toegankelijk gemaakt. Niets en niemand laat de ontstane vacua aan zich voorbijgaan.

In Praag was het met de kerst en de jaarwisseling een drukte van belang. De drukte van koninginnedag in Amsterdam was er een dagelijks tafereel, waarbij winkels als stalletjes fungeerden. Hele volksstammen, voornamelijk Italiaanse toeristen, plunderden de middenstand en liepen er, bepakt met ijshockey-sticks en Boheems kristal, als koelies bij. Een biafranisme zonder weerga. Maar er was meer.

Terwijl de hamsteraars elkaar in winkels verpletterden trokken jongeren hossend 'hallelujah' zingend door straten en over pleinen. Na jaren van veelal ondergronds gefriemel kan het christendom zich in volle omvang laten gelden. De oecumenische broedergemeente van Taize - genoemd naar het dorpje van herkomst in de Bourgogne - had derhalve voor haar jaarlijkse bijeenkomst haar tenten hier voor vijf dagen opgeslagen. 80.000 christelijke jongeren waren er op afgekomen. De nieuwsgierigheid was geprikkeld, maar om deze dubbele hysterie te ontvluchten besloten we een andere dierentuin op te zoeken.

Op weg er naar toe passeren we, op wat daags ervoor nog een plantsoen was, een mensenzee, verzameld rond voedseluitgifteplaatsen en dampende gaarkeukens van het leger. We stappen uit en banen ons een weg door het omgeploegde veld.

In de modder ontmoet ik Francesca, een langbenige brunette uit Toscane. In haar hand heeft ze twee weke bolletjes, een plakje kaas en een merkloos blikje lauw-warme vis. Ze vertelt me dat sinds 1986 Taize rond elke jaarwisseling zo'n oecumenische ontmoeting organiseert. Na Londen, Barcelona en Rome was vorig jaar Wroclaw (Polen) het ontmoetingspunt, waar 50.000 jongeren op af waren gekomen. Dit jaar was voor Praag gekozen om 'de' boodschap verder uit te dragen. Omdat er behoefte aan is, zo zegt zij.

De contacten worden gemaakt via gastgezinnen. De meeste deelnemers bivakkeren echter in scholen. Hossend dragen zij overdag de boodschap uit. De 80.000 zijn hier om de brief van de prior van Taize, Frere Roger, te ontvangen. Zo'n brief behelst de punten waarover men 41 weken lang in Taize terecht kan om erover te praten. Taize wil het samenleven prediken, en problemen van een ieder helpen oplossen. Verder moeten culturele verschillen worden overbrugd. Dat moet gebeuren op basis van armoede, gehoorzaamheid, vrede en onthouding.

Ongelovig kijk ik in de peilloze diepte van haar subtiel opgemaakte ogen, naar haar brede vuurrode mond en haar vergulde oorbellen. Ze moet weer verder en gooit het geopende maar niet genuttige blikje in een vuilniszak waar de weee geur van oude vis uit opstijgt. “Ik kom hier niet om te vermageren.”

Alles blijkt gefinancierd te worden door de deelnemers zelf, waarbij het land van herkomst de draagkracht bepaalt. Op deze manier kunnen zoveel mogelijk Oosteuropese jongeren deelnemen en worden de kosten toch gedekt.

Ik zoek Dirk op, die me vertelt dat er alleen uit Parijs al vijftien bussen zijn aangekomen. Per gemeente is men hier naartoe gegaan, om tweemaal daags te bidden in de kathedraal, in tenten en in twee sporthallen. De locaties zijn via telefoonlijnen met elkaar verbonden, zodat het gebed synchroon kan plaatsvinden. Iedere dag staat er, na een bijbelinleiding door een Taize-broeder, een thema ter bespreking. Dat gebeurt in kleine groepjes. Deze dag staat in het teken van 'Ga je zonder uitstel verzoenen'.

Bij de gaarkeukens komen we Felix tegen, een Nederlandse bebaarde jongen die, gehuld in paardedeken, al acht jaar barrevoets door het leven trekt. “De praatgroepen vormen een overkoepelende dimensie”, zegt hij. “Het is een informele uitwisseling die onofficieel is, het kent derhalve geen strakke structuur. Taize is niet in strijd met de kerk. Integendeel, het is Taize en de kerk.”

Hoe komt het zo groot?''Centraal staat de bewustwording van het leven. Dat het aantal deelnemers zo gegroeid is komt door de onzekere tijden waarin we leven. Taize brengt mensen bij elkaar en geeft geborgenheid.'' In het einde van de koude oorlog ziet hij een duidelijke hand van Taize. Het is dan ook nu de tijd om het Noord-Zuid-probleem aan te pakken. We willen zo'n brief hebben en krijgen een adres van hem. Nadat hij ons een verkeerde tram heeft aangewezen, komen we toevallig bij het tentenkamp terecht.

Tegenover het stadion van Spartak Praag aan de Milady Morakove staan tien enorme tenten die met elkaar verbonden zijn. Ze blijken van binnen te worden verlicht door straatlantaarns. Er liggen, verspreid over met zeil afgedekte planken, groepjes te luisteren naar onverstaanbaar geprevel dat uit grote speakers komt. De om de vijftien meter geplaatste reusachtige fohnen zorgen voor een welkome warmte.

We gaan verder naar het door Felix opgegeven adres. Het blijkt een school te zijn, waar we bij de ingang op tafel de brief, in 30 talen vertaald, vinden. Een modern kerstenings-idee met de zegeningen van de paus, de patriarch van Constantinopel en de aartsbisschop van Canterbury. Je moet de zin van je leven ontdekken door met de dag te leven. Dat dat het beste gaat met Christus is logisch, aldus de brief, want iedere dag is een dag Gods. Door middel van het christendom worden ideologische verschillen overbrugd. Een verzoening die wordt bewerkstelligd door armoede te delen en in gehoorzaamheid en in vrede te leven. Met dat oogmerk zal Taize over anderhalve maand zijn tenten in Manila in de Filippijnen opzetten, waar broeder Roger zelf vier dagen in de sloppen zal wonen, om daarna naar de lekkerste wijnstreek terug te keren. De Europese Taize-deelnemers moeten de door Roger gegeven instructies in de eigen gemeente verspreiden, naar andere kerken en vooral naar niet-christenen.

Met het verdwijnen van de communistische heilsleer ligt het voormalige Oostblok braak, want de meeste mensen zijn er nog atheistisch, als ik een Beiers meisje mag geloven. Wie de jeugd heeft heeft de toekomst, lijkt het wel.

    • Edmond Hofland