Voor Aziz en Baker 120 kamers in Geneve

GENEVE, 8 jan. - Honderden politiemannen, patrouilleboten op het Meer van Geneve, helikopters in de lucht, en pantservoertuigen bij de luchthaven zien erop toe dat geen incident morgen de ontmoeting tussen de Amerikaanse en Iraakse ministers van buitenlandse zaken, James Baker en Tareq Aziz, verstoort.

In de loop van de avond worden beide ministers op de luchthaven Cointrin verwacht. Vandaar zal een gewapend escorte hen naar het nabijgelegen Hotel Intercontinental begeleiden, voordat, zoals voorzien, morgenochtend om half elf het overleg begint.

Uit de VS zijn 500 journalisten overgekomen. Alle netwerken zijn vertegenwoordigd. In het Internationale Conferentie Centrum, waar de pers is gehuisvest, struikelen journalisten over de wirwar van draden en televisiekabels. Buiten blokkeren mobiele grondstations voor de satellietverbindingen de toegang tot het gebouw.

Bij gebrek aan echt nieuws grijpen cameralieden elke demonstratie aan om plaatjes te schieten. Gisteren betoogden hooguit 400 vredesactivisten op de trappen van de schilderachtige Sint-Pieterkathedraal, met leuzen als “Geen bloed voor olie”, en “Voor een vreedzame oplossing van de Golfcrisis”. Emilio Castro, secretaris-generaal van de Wereldraad van Kerken, betoogde, op persoonlijke titel, ook mee.

La Suisse, een plaatselijke krant, heeft de doorgaans weinig politiek betrokken inwoners van Geneve opgeroepen een witte (vredes)vlag uit te hangen, er is een gebedswake aangekondigd, katholieke kerken dragen speciale missen op, en een Geneefse actiegroep wil dat alle automobilisten morgen met groot licht rijden.

Ditmaal zijn weliswaar geen zwaargewapende Emmenthalers opgetrommeld, zoals bij Arafats 'historische' toespraak tot de speciale Algemene Vergadering, twee jaar geleden, maar de autoriteiten laten niets aan het toeval over. Gepokt en gemazeld in het surveilleren van topconferenties controleren Geneefse veiligheidsagenten minutieus alle hoeken en gaten van het hotel waar beide ministers vanavond een presidentiele suite betrekken. Voor hun entourage van in totaal 180 medewerkers zijn 120 kamers gereserveerd, in totaal zes verdiepingen.

Tareq Aziz, geen onbekende in dit hotel waar hij gedurende het vredesoverleg met Iran vele malen logeerde, bezet met zijn gevolg de twaalfde etage, de Amerikanen hebben de dertiende tot de achttiende verdieping gereserveerd.

Opmerkelijk is het ruimteverschil tussen de suites: James Baker beschikt over 250 m, ingericht in Chinese en Italiaanse stijl, terwijl Aziz zich, in een 19de eeuws Engels decor, met een schamele 80 m moet behelpen. Herbert Schott, manager van het hotel, heeft de verzamelde pers, enkele duizenden journalisten, op het hart gedrukt geen conclusies te trekken uit de kamerverdeling: het is louter een kwestie van persoonlijke voorkeur. En van de grootte van de beurs, voegde hij er minzaam aan toe.

De Zwitsers zien niets over het hoofd. Om de Irakezen niet in verlegenheid te brengen is de persruimte in het hotel omgedoopt van 'Persian' tot 'Swiss room'. Niettemin springt bij alle Zwitserse organisatiedrift een detail hinderlijk in het oog: Aziz heeft vanaf zijn verdieping direct uitzicht op een opvallend gebouw, de permanente vertegenwoordiging van Koeweit bij de Verenigde Naties.