Geld voor duinen op 'Neeltje Jans'

MIDDELBURG, 8 jan. - Gedeputeerde Staten van Zeeland willen 300.000 gulden uittrekken voor de aanleg van een duinlandschap op het voormalige werkeiland Neeltje Jans in de Oosterschelde. Het experiment om het werkeiland om te bouwen tot een natuurlandschap is daarmee vrijwel zeker gefinancierd. De kosten bedragen ruim 1, 5 miljoen gulden.

Gedeputeerde Staten van Zeeland verbinden aan de subsidie voor het duinlandschap de voorwaarde dat de rijksoverheid voor 31 december dit jaar ten minste de aanleg van een slufter (een geul) op Neeltje Jans voor haar rekening neemt. Het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij heeft inmiddels een bedrag van 920.000 gulden gereserveerd. Met die slufter moet de invloed van de getijden en daarmee de verscheidenheid aan flora en fauna worden gestimuleerd.

Rijkswaterstaat legde vlak na de voltooiing van de stormvloedkering aan de Oosterschelde-zijde van het werkeiland al een deel van het duinlandschap aan. De duinen die de provincie Zeeland wil financieren, moeten hierop aansluiten. De aanleg ervan zou op korte termijn moeten beginnen omdat het duinlandschap dan nog profijt kan hebben van de verstuivende werking van de te verwachten voorjaarsstormen.

Het duinlandschap (in totaal 47 hectare), de slufter en een vogeleiland vormen onderdeel van een project onder de naam 'Neeltje Jans, het karwei afmaken', dat eind 1987 is opgesteld door de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten en de stichting Het Zeeuwse Landschap, de beheerders van het voormalige werkeiland.

Door wandelpaden wordt het duinlandschap toegankelijk voor recreatie. Volgens Rijkswaterstaat zal het toerisme op het eiland beperkt blijven omdat er geen verharde wegen worden aangelegd. Vorig jaar trokken het eiland en de stormvloedkering 425.000 bezoekers.