TROFEE

The America's Cup

door Beken of Cowes, met een inleiding door Olin Stephens

192 blz., geill., Collins Harvill 1990, f 145, 60

ISBN 0 00 272077 9

De America's Cup is een zilveren bokaal, waarvan de stuitende lelijkheid alleen wordt overtroffen door de hebzucht die hij kennelijk bij gefortuneerde volwassenen opwekt. Het bezit van de America's Cup wil alleen zeggen dat de eigenaar een zeilboot heeft bekostigd die enkele seconden sneller was dan een andere zeilboot, maar het feit dat overigens zo gewiekste zakenlieden als theemagnaat Sir Thomas Lipton, vliegtuigfabrikant T. O. M. Sopwith, Bic-ballpointkeizer baron Bich en conglomeraatheersers Sir Frank Packer en Alan Bond hele vermogens hebben vergooid aan het najagen van deze trofee, typeert wel de mythische roem waarmee de race om de America's Cup is omgeven.

Oorspronkelijk heette de America's Cup de One Hundred Guinea's Cup, bedoeld voor de winnaar van een vriendschappelijke zeilwedstrijd tussen de jachten van de Britse adel op een parcours rond het eiland Wight. De eerste de beste keer dat de race werd verzeild, in 1851, werd de Cup echter gewonnen door een Amerikaans jacht, de verbluffend snelle schoener America. Met de America verdween ook de beker in kwestie naar de Verenigde Staten.

Sindsdien hebben de Britten talloze pogingen gedaan om de Cup, die bekend kwam te staan onder de naam America's Cup, terug te winnen. Telkens werden aan beide zijden van de Atlantische Oceaan nieuwe, steeds duurdere en meer geavanceerde jachten gebouwd, en werden nieuwe wedstrijdregels geformuleerd om de strijd te kunnen voeren. Later deden ook Canadezen, Nieuwzeelanders, Italianen, Zweden, Fransen en Australiers een gooi naar de Cup, maar de Amerikanen wisten heel lang alle aanvallen af te slaan. In de jaren tachtig kwam de Cup kortstondig in het bezit van Australie, maar inmiddels is het ding weer terug in de VS.

Aan de races om de America's Cup zijn al talloze boeken gewijd en alle facetten ervan zijn tot vervelens toe uitgemolken: de jachtontwerpen, de tactiek, beschrijvingen van elke wedstrijd afzonderlijk, de 'kleedkamerverhalen'. The America's Cup daarentegen wil alleen maar mooie plaatjes laten zien van de schitterende jachten die sinds 1851 om de America's Cup hebben gestreden.

Om die foto's, grotendeels gemaakt door telgen van het bekende zeilfotografengeslacht Beken of Cowes, goed tot hun recht te laten komen, heeft het boek een groot formaat gekregen en is het op duur papier gedrukt. Dat is aan de prijs te merken, maar daar staat tegenover dat de liefhebbers met bladeren en kijken niet meer zullen kunnen ophouden, zo overdonderend mooi zijn de foto's gereproduceerd. Dat wil niet zeggen dat de foto's ook nu pas voor het eerst zijn gepubliceerd. Ik bijvoorbeeld kende van de honderd in het boek afgedrukte foto's van jachten in actie er vijfentwintig al uit eerdere publikaties. Maar nogmaals, dat stoort helemaal niet, want zoals de foto's hier worden gepresenteerd, zal nauwelijks iemand ze elders hebben gezien.

Het boek bevat een uitgebreid, zakelijk geschreven voorwoord van Olin Stephens, partner in het beroemde jachtontwerpbureau Sparkman and Stevens en zelf ontwerper van enige America's Cup-jachten, die de geschiedenis van de race vanuit ontwerptechnisch perspectief de revue laat passeren. Achterin zijn uitgebreide toelichtingen op de foto's opgenomen, die ook de echte race-freaks zullen bevredigen (' Gretel lost again in the fourth, if only by eleven seconds' ). Dit is allemaal echter bijzaak. Waar het om gaat, zijn de foto's. De Valkyrie III onder vol tuig, dat loom uitzakt in een lichte bries; de Endeavour die met zo'n razende vaart op de kijker lijkt af te stormen dat deze onwillekeurig vreest in het voorbijgaan een klap van de giek te krijgen. En, gelukkig, mijn lievelingsfoto: jachtontwerper Charles Nicholson aan het roer van de Candida, een van zijn creaties. Hij laat haar zo schuin door de zee klieven dat de wild bruisende hek golf zijn elegante bottines tot op centimeters nadert. De grootschoot staat strak gespannen, en het is evident dat Nicholson hoog spel speelt met geweldige krachten. Het is hem niet aan te zien. Hij staat, onberispelijk gekleed in stropdas, blazer en kapiteinspet, ontspannen achter het stuurrad. En nu ik deze foto voor het eerst sterk uitvergroot zie, kan ik vaststellen dat een flauwe glimlach om zijn lippen speelt.