SEKSE- VERSCHILLEN

Wat ik in het artikel van Constant Vecht, 'Sekseverschillen in het brein', Boekenbijvoegsel 1-12, toch wel mis, en evenzo in het door hem besproken boek van Moir en Jessel, 'Het grote verschil tussen man en vrouw', is serieuze aandacht voor de evolutionair-ecologische achtergronden van deze seksendifferentiatie, dus de levensomstandigheden van de oermens, die immers bepalend waren voor de biologische verschillen nu. Als je je beperkt tot de zogenaamde proximate factoren, zoals de hersenstructuren en de toch altijd wat moeilijk op nature- en nurture-invloeden te wegen huidige gedragsverschillen tussen de geslachten, dan blijft op zijn minst de beeldvorming in deze nog altijd omstreden materie wat vaag. Dat er relaties zijn tussen hersenanatomie en gedragingen, zal niet dadelijk iedereen aanspreken, zeker niet als je denken gevormd is in de sociologische (nurture) disciplines.

Daarentegen moet koppeling van verschillen in ruimtelijke orientatie, abstract denkvermogen, agressie- en dominantieneiging, wedijver, taalvermogens, intimiteitsbehoefte, emotiebeleving, waarin het mannelijk en vrouwelijk geslacht zich gemiddeld kennelijk onderling onderscheiden blijkens tal van onderzoekingen, met de ultimate factoren van het menselijk evolutieverhaal iedereen toch wel tot de (ook wetenschappelijke) verbeelding spreken! Die ultimate factoren zijn de selectiekrachten die tijdens meerdere miljoenen jaren leidden van de nog vrij aapachtige prehominiden (Ramapithecus) via Australopithecus afarensis, Homo habilis en H. erectus naar onze Homo sapiens. Ook de huidige verschillen tussen man en vrouw zullen toen hun in de chromosomen gelegen (nature) vorm hebben gekregen, verschillen die niet in enkele eeuwen zonder noemenswaardige selectie zijn weg te poetsen, althans niet zonder (nurture) vervreemding, ook niet door feminisme of marxisme.

Welke waren die ultimate leefomstandigheden die ook voor een groot deel van ons huidig gedrag een beslissende selectie uitoefenden op de oermens en zijn voorouders? De voorgeslachten gingen van bos naar bosrand en savanne, en daarbij van hoofdzakelijk vegetarierschap naar consumptie van zowel plantaardig als dierlijk voedsel. Mannen en vrouwen werden toen miljoenen jaren lang differentieel geselecteerd, respectievelijk op de savannejacht en op het (veel vreedzamere) dichter bij de tijdelijke onderkomens verzamelen van vruchten, zaden, en wortels. Voeg daarbij nog de verschillen tussen enerzijds het voeren van de (mannelijke) strijd tegen gevaarlijke dieren (predatoren) en vijandelijke stammen, en anderzijds het (vrouwelijke) zogen en verzorgen van de kinderen, en iedereen moet het duidelijk worden, waarom we nu nog (vrij definitief) zitten met (gemiddelde) verschillen in ruimtelijk inzicht, taalvermogen, dominantiehierarchie, emotiebeleving, enz. tussen man en vrouw!!

    • Dirk Prins