President Barre is bereid tot besprekingen

NAIROBI, 5 jan. - De Somalische president, Mohammed Siad Barre, heeft gisteren laten weten bereid te zijn tot besprekingen over een staakt-het-vuren en beloofd zich neer te leggen bij het resultaat van dat overleg.

De president, die in tegenstelling tot eerdere melding nog steeds in zijn presidentiele paleis verblijft, riep gisteren Italie en Egypte op op te treden als waarnemers bij besprekingen tussen vertegenwoordigers van de regering en de diverse rebellengroepen die hem bestrijden. Volgens woordvoerders van de rebellen zijn de afgelopen dagen bij de gevechten in de hoofdstad Mogadishu ongeveer tweeduizend mensen om het leven gekomen en vierduizend gewonden gevallen. Het zou daarbij vooral gaan om burgers. De grote hotels van Mogadishu en veel scholen worden gebruikt voor de opvang van gewonden omdat de ziekenhuizen geen plaats meer hebben.

Een woordvoerder van de oppositiegroep United Somali Congress riep gisteren het Westen op met spoed voedsel en medicijnen naar Mogadishu te sturen. “We hebben zelfs geen water, “ zei hij. “De straten van de stad liggen vol lijken, omdat we de tijd niet hebben ze te begraven.” Het USC liet gisteren weten de strijd te zullen staken als het Internationale Rode Kruis daartoe oproept. De woordvoerder waarschuwde dat een staakt-het-vuren alleen kan zijn bedoeld om de 470 buitenlanders in Mogadishu te evacueren en om voedsel en medicamenten aan te voeren.

Het USC waarschuwde dat de strijd de komende dagen nog heviger kan worden en dat haast moet worden gemaakt met de evacuatie van de buitenlanders. Het brengt op het ogenblik zijn zware artillerie over naar Mogadishu. Het heeft gewaarschuwd dat als de regeringstroepen zich niet overgeven, de stad “volledig kan worden verwoest”.

Een woordvoerder van het Rode Kruis in Geneve meldde gisteren dat een afvaardiging van de organisatie in Mogadishu wordt vastgehouden door “gewapende elementen” waarvan de identiteit niet vaststaat. Een lid van de afvaardiging werd verrast tijdens een telefoongesprek met Geneve. “Ik heb nu een vuurwapen tegen mijn hoofd en kan niets meer zeggen, “ zo stelde de man. Daarop werd de verbinding verbroken en sindsdien is er geen contact meer geweest tussen het Rode Kruis in Geneve en de delagtie in Mogadishu. De delegatie bestaat uit zes Zwitsers.

De “verdwijning” van de delegatie maakt de kansen op een snelle evacuatie van de buitenlanders kleiner. Gisteren mislukte een plan om de buitenlanders naar het vliegveld over te brengen, waar een Italiaans militair transportvliegtuig klaarstond om hen mee te nemen. De Italiaanse ambassadeur slaagde er niet in bij het ministerie van transport de nodige veiligheidsgaranties voor de evacuatie te verkrijgen. (UPI, Reuter, AP)