Dameskleding kopen kunnen wij wel vergeten; niks past; Tien vragen aan Karin Brienesse

Ze begon veertien dagen geleden na aankomst in Perth met een zonnebrandcreme factor 20 en is inmiddels van top tot teen gebronsd. Alleen het enthousiasme waarmee Karin Brienesse vooruitblikte op haar favoriete afstand ( “We gaan voor goud op de 4x100 meter vrije slag estafette” ) van de wereldkampioenschappen zwemmen in Australie is deze week enigszins bekoeld. De zwemsters met wie ze goud hoopt te halen kwamen tijdens een selectieprocedure tot zeer matige tijden. “Het zal woensdag sneller moeten want hier redden we het niet mee”, zegt ze. Karin Brienesse (21) over topsport in Nederland, doping en vrouwelijkheid.

Zwemmers die doping afzweren alsof ze terugkomen op een simpele dwaling, een verbeterde controle op het gebruik van verboden stimulerende middelen: dit kampioenschap is de kans voor sportmensen die nooit iets gebruiken.

Pas op voor de Oostduitsers. Er zijn er bij die natuurlijk zullen willen bewijzen dat ze het zonder ook kunnen. Bovendien denk ik echt niet dat iedereen nu ineens clean is, hoor. Je kunt niet gelijk stoppen met het gebruik van dat soort middelen. Dan krijg je toch rare bijverschijnselen. Bij de Goodwill Games in Seattle, toen de stoom al ver van de ketel was, heb ik tegen Oostduitsers gezegd: 'zoals jullie zwemmen, dat kan helemaal niet' en op de man af gevraagd of ze gebruikten of hadden gebruikt. Maar ze zullen het nooit toegeven. Ja, zo'n Raik Hanneman deed het wel. Maar denk je dat hij daar niet gewoon veel geld voor heeft gevraagd. Natuurlijk hebben ze gebruikt. Ik kan me er niet druk over maken. Ik voel me er niet door bedrogen. Zij hadden toch geen andere keus. Het ging om hun wel en wee. Als ik in die situatie had gezeten zou ik het ook hebben gedaan. Hoe het nu met ze zal gaan weet ik niet. Maar vlak ze niet uit. Ze hebben die Duitse mentaliteit. Alles wat ze konden kan niet in een keer weg zijn.

Ben je om die reden zo expliciet in je verklaringen dat je vooral op de estafette voor goud gaat en je doet alsof alle individuele nummers (50, 100, 200 vrije slag en 100 meter vlinderslag) minder belangrijk zijn?

Mensen kijken er van op als ik zeg dat de 4x100 meter vrije slag-estafette het hoofddoel moet zijn. Maar we weten honderd procent zeker dat we op dat nummer een medaillekans hebben, terwijl je bij die individuele nummers niet weet wie er aan de start komen. Niet alleen de Duitsers zijn een vraagteken, ook de Amerikanen en de Chinezen. Pas als je iedereen bezig hebt gezien kun je er wat van zeggen. Op die estafette hebben we het luxeprobleem dat we zeven kandidaten hebben, zoals de 'Muizen', Marieke Mastebroek, Inge de Bruijn, Diana van der Plaats en Manon Masseurs.

Jij was een van de weinigen die aan de limiet voor de wereldkampioenschappen voldeed. Voelde je je niet genomen toen na de selectiewedstrijden in Amersfoort de tickets voor Australie als confetti over de zwemmers en zwemsters werden uitgestrooid die niet aan de eis hadden voldaan?

Ik hoefde door het halen van de limiet niet mee te doen aan de swim-off die woensdag werd gehouden. Daar zat iedereen dicht bij elkaar. De tijden waren trouwens niet snel. Dat zal in de wedstrijd beter moeten, want hier redden we het niet mee. Misschien dat maandag tijdens de individuele wedstrijd sommigen ineens veel harder gaan. Of de bondscoach dan nog van de nu al gemaakte selectie moet afwijken? Ik heb er wel over nagedacht, maar het is zijn zaak. Hij wil toch ook een medaille halen. En mocht-ie de verkeerde beslissing nemen zullen er wel harde woorden vallen, ja.

Jullie zijn hier vorig jaar rond deze tijd op trainingskamp geweest. Je kent het bad inmiddels dus redelijk goed?

De omstandigheden zijn nu anders. Vorig jaar trainden we van vier tot zes. Nu tot zeven uur en het koelt hier 's avonds enorm af. Trainen op starts doe ik bijvoorbeeld niet eens meer, want ik probeer met mijn schouders onder water te blijven. Een verschil met vorig jaar is ook de harde wind. Die heb je bij de eerste vijftig meter recht tegen. De wind is voor iedereen een nadeel. Vooral degenen die op hun techniek zijn aangewezen zullen het aan hun tijden merken. Omdat ik het toch van doodgewoon beuken moet hebben, denk ik dat het nadeel voor mij nog het kleinste is. Maar het blijft zwaar. Je zwemt tegen een barriere aan. Ik denk ook dat dat van invloed is geweest op de matige tijden van die meiden bij de swim-off. Want volgens mij zou zelfs Kristin Otto hier geen 55 of een lage 56 kunnen zwemmen.

Je was tijdens de voorbereidingsperiode in een uitstekende vorm. Had jij die te danken aan ideale trainings- en leefomstandigheden?

Nee hoor. De afgelopen weken voor de selectiewedstrijden heb ik me wel eens afgevraagd: 'Wat doe ik eigenlijk? ' Ik sta 's morgens om vijf uur op, ga trainen, en na de training heb ik twintig minuten om op mijn fiets naar school te crossen. Dat haal ik dan op het nippertje. Tijd om te ontbijten heb ik niet eens. En op school moet ik echt eerst bijkomen. Dan zeg je wel eens tegen je eigen: 'sorry hoor, maar als het zo moet'. Ik heb tot juli een jaar gewerkt bij Perry Sport. Dat was een stuk idealer. De winkel ging om half tien 's ochtends open, waardoor ik na de training nog even op mijn gemak kon zitten en ontbijten. Ik kreeg er ook alle medewerking. Als ik op vrijdag vertelde dat ik zaterdags een wedstrijd had werd het hele werkrooster omgegooid. Maar om daar nu heel mijn leven te slijten... nee. Daarom volg ik nu een opleiding voor doktersassistente. De schooltijden zijn niet ideaal, maar ik ben al blij dat ik het eerste jaar in twee jaar mag splitsen.

Behalve sociale problemen, zijn er ook nog financiele obstakels. Want geld verdien je niet met zwemmen.

Ik denk dat beroepssporters ons uitlachen als ze horen wat voor schijntje wij per maand krijgen en dat nog accepteren ook. Maar je moet ook reeel blijven. Dan had ik maar een andere sport moeten kiezen. Ik ben al tevreden wanneer ik niet elk dubbeltje hoef om te draaien en niet voortdurend op mijn tenen moet lopen om alles rond te krijgen. Ik moet zelf achter sponsors aan. Ja, dan voel ik me wel eens een bedelaar. Ik heb daar nog al moeite mee. Meestal hoor je via via dat iemand geinteresseerd is en dan klop je aan. Ik vraag niet om geld, alleen een badpak.

Als lid van de nationale selectie krijg je toch alle kleding via de zwembond, die net een kledingcontract met een sponsor heeft hernieuwd?

Ze mogen van mij alle T-shirts en trainingspakken houden, als ze me maar een goed badpak geven. Want wat we tot nu toe steeds hebben gekregen... .als ze er een pot vaseline bijgeven wil ik ze wel aantrekken. Ze waren altijd te krap op plaatsen waar ze ruim moesten zitten en wijd waar ze krap moesten zijn. Natuurlijk ben ik verplicht om het materiaal van de bond te dragen, maar ik heb gezegd dat ik in mijn eigen badpak zou zwemmen als zij niet voor goeie spullen zouden zorgen. Dat geloven ze niet, maar ze zullen het wel merken. Kijk, dat er rood, wit en blauw in zit kan ik begrijpen, maar bij de badpakken die ik de afgelopen jaren heb gekregen zat het wit aan de onderkant. Dat bij een badpak zonder binnenbroek, dus alles scheen door. Of het wit zat aan de bovenkant. Dat zijn dingen waar je als bond toch op moet letten. Verder maakt de kleur me niks uit. Je staat op het startblok en duikt in het water. Bij de Olympische Spelen in Seoul hebben we badpakken van de Amerikanen gekregen: skinfits. Vlak voor dit wereldkampioenschap hebben we gezegd: 'die willen we en die andere rommel kunnen jullie houden'. Kwamen ze aanzetten met het goede materiaal, maar het verkeerde model.

Kritiek op de bond is zo oud als bond zelf.

We hebben van de bond een uitgaanstenue gekregen. Van die middelbare vrouwenmode. Ik zoek mijn eigen kleding wel uit. Hoewel dat ook niet makkelijk is. Ten eerste zijn zwemsters niet van die modepoppen. Vlak voordat we weggingen belde Marieke Mastebroek me op die zei: 'Je raadt nooit wat ik gekocht heb. Een rokje... ' Dat had ik ook gedaan. Droegen we met Kerst voor het eerst een rokje en hakken. Dameskleding kopen kunnen wij wel vergeten. Niks past. Ik wilde iets wat een dame, een vrouw, een meisje draagt... Een kolbert, iets getailleerds. Schrijf het maar op je buik. Wij komen er hier (raakt met haar vingertoppen de schouders aan) niet in. En dan ben ik met mijn 1 meter 81 nog de kleinste van het stel. Het enige wat ik aan kan zijn herentruien. Ik koop mijn kleding bij Hij. Het komt regelmatig voor dat ze me, als ik met een winterjas aan met mijn rug naar de toonbank sta, met 'meneer' aanspreken. Vanwege die brede schouders. Hoe ik daaraan kom? Gewoon van het zwemmen. Laatst was er een dokter op de televisie die zei: 'aan die brede schouders kun je zien dat ze doping gebruiken'. Nou, wij hebben allemaal van die schouders en ik durf te zweren: niemand van de Nederlanders gebruikt. Ja, vitaminen. Maar verder niks. Doping? Dat komt bij ons niet eens ter sprake. Als ik tegen de bondscoach zou zeggen dat ik voorlichting over doping wil, zou ie me gek aan staan kijken. Ik let ook niet speciaal op bij medicijnen. Als je die gebruikt op medische gronden is het geen probleem. Wij moeten alleen maar opgeven wat we nemen. Ik heb bijvoorbeeld voortdurend een verstopte neus. Daarvoor heb ik altijd een gewone neusspray gebruikt. Dat is geen probleem. Voor en tijdens toernooien... Zolang de arts maar aangeeft dat het een medische reden heeft.

Behalve met verstopte bijholtes kamp je ook al een hele tijd met een heupblessure waaraan je geopereerd bent. Je hebt nog steeds pijn, maar toch de behandeling uitgesteld. Zitten daar geen risico's aan vast?

Ik ben er al eens aan geopereerd toen ik er verlammingsverschijnselen bijkreeg. Volgens mij weten de artsen niet wat het is. Na het wereldkampioenschap zal ik wel weer bij dokter Strikwerda in Utrecht terechtkomen. Ik heb pijnscheuten in mijn heup. Er zijn bepaalde oefeningen op de training die ik niet meer kan. En de schoolslag zwemmen lukt ook niet meer. Ik leg me er maar bij neer.

Onzekerheden over je heup, weinig financiele steun, een ontwricht sociaal leven. Leuk, die topsport.

Er zijn wel vriendschappen stukgelopen omdat ik topsportster ben. Omdat ze doodgewoon niet begrijpen dat je 's morgens om vijf uur opstaat en er 's avonds om acht uur, half negen weer in moet liggen. Maar als je alles tegen elkaar afweegt vind ik het dat wel waard. In grote lijnen weet je toch wat je te wachten staat. Mijn trainer heeft me op een gegeven moment op de gevolgen gewezen. Dit mag je wel en dit mag je niet. Als vijftienjarige stond ik voor die keuze. Natuurlijk kan mijn trainer me niks verbieden. Al ga ik een week op de hijs. Mijn moeder belde me laatst nog op. Ze had penningen in mijn broekzak gevonden van een discotheek. Want je gaat heus wel uit, alleen moet je weten wanneer je het kunt doen en hoe ver je kunt gaan.

    • Peter de Jonge