Psychische stoornissen en psychotherapie in Japan

Japan is geindustrialiseerd in een andere cultuur dan de Westerse. Japanners kennen daarom andere psychische problemen dan wij. Psychotherapie, in het Westen alom geaccepteerd, is in Japan vrijwel afwezig.

Dr. J. J L. Derksen is verbonden aan de Katholieke Universiteit Nijmegen; drs. A. J. M. Klein Herenbrink aan het Psychiatrisch Centrum Venray. Zij zijn beiden klinisch psycholoog.

In Kobe, Japan, kwam een meisje van 15 jaar een paar seconden te laat aan bij de poort van haar school. Een leraar deed, zoals gebruikelijk, de ijzeren poort exact op tijd dicht, met als gevolg dat deze precies tegen het hoofd van het meisje terecht kwam. Zij overleed aan de gevolgen hiervan.

Dit incident groeide uit tot een publiek thema. De leraar werd ontslagen, maar verder gebeurde er niet veel. De protesten van een hoogleraar die onderzoek doet naar lijfstraffen op middelbare scholen in Japan, richten zich erop dat het gebeuren als een geisoleerd incident wordt behandeld in plaats van een structureel probleem in het Japanse schoolsysteem. De leraar zelf verzucht: “ Ik heb afgelopen jaar maar twee vrije dagen genomen. Waarom moet mij nu zo'n tragedie overkomen, terwijl ik zo toegewijd aan het werk ben?”

Vioolconcert

Tijdens de openingsceremonie van een Internationaal Congres voor Toegepaste Psychologie in Kioto, werden we verrast op een vioolconcert door een honderdtal kinderen, waarvan een groot aantal nog maar net een viool kon vasthouden. Vanaf hun vroegste jeugd worden sommige kinderen al getraind in het bespelen van dit instrument. Voor baby's, peuters en kleuters is de sfeer bijzonder kindvriendelijk. Zodra het kind op een leeftijd komt dat de opvoeding een belangrijke rol gaat spelen, worden enkele regels van stal gehaald. De druk waaronder kinderen en ook volwassenen staan, is veel groter dan dat wij in Nederland gewend zijn.

Een van die regels is: men moet harmonieus zijn, mag geen ruzies maken of dwarsliggen. Uit een enquete bleek dat 50% van de Japanners het een van de belangrijkste dingen in het leven vindt: de ander niet tot last zijn. Men bidt ervoor dat dit niet zal gebeuren. Daarom hopen Japanners ook op een plotselinge dood als ze oud zijn geworden, zodat ze de familie niet met een lang ziekbed of dementie hoeven te belasten.

De volwassen Japanner zal zelden een verzoek direct afwijzen. Hetgeen wij hier assertiviteit noemen kennen zij nauwelijks, ze voelen zich primair lid van een sociale groep en zijn gericht op aanpassing.

Alles uit het hoofd

Een volgende richtlijn schrijft voor dat het geheugen goed getraind moet worden, ze moeten zoveel mogelijk alles uit het hoofd leren. Voorts is het van belang dat alles waarmee men begint ook wordt afgemaakt. De prestatiemotivatie is sterk en geboden kansen moeten benut worden.

Creativiteit en spontaniteit tellen in veel mindere mate mee dan wij gewend zijn. Voor sommige kleuterscholen wordt al een soort toelatingsexamen afgenomen en van groot belang is dan een goede schoolkeuze, want een goede kleuterschool vergroot de kansen om op een goede lagere school te komen. Deze leidt weer tot een beter uitzicht op een goede middelbare school en ten slotte is dat de beste route voor een universiteit met een goede naam.

Zodra dit laatste station is gepasseerd is het een kwestie van afstuderen en dan is het juiste kaartje voor een goede baan in het bedrijfsleven gekocht. De grootste druk gaat uit van toelatingsexamens. Ouders gaan ervan uit dat geluk gelijk staat aan een goed diploma en dit brengen ze op hun kinderen over.

Schoolfobie

Intussen is de schoolfobie tot een waar sociaal probleem uitgegroeid. Volgens dr. Hiroko Mori, die ook zeven jaar als psycholoog in de Verenigde Staten werkte en onderzoek deed, is dit een typisch Japans probleem. De school en de ouders verlangen conformiteit aan regels en prestaties. De leerlingen staan onder een grote werkdruk en een sterke groepsdruk. De schoolkleding moet precies op lengte zijn, de haardracht moet beantwoorden aan allerlei eisen.

Een verschil met dit type problemen in het westen is dat kinderen bij ons sneller drop-outs worden, ze gaan spijbelen, zoeken conflicten, etc. De Japanse kinderen daarentegen ontwikkelen een fobie, ze worden angstig en lijden er meer onder dan de jeugd hier. De fobieen duren meestal lang (van een tot drie jaar) en zijn maar moeilijk te behandelen.

Volgens Japanse psychologen is een ander groot probleem de zogenaamde 'antropofobia'. In onze terminologie zouden we dit waarschijnlijk een sociale fobie noemen: mensen hebben angsten in het sociale contact, ze zijn vaak niet opgewassen tegen de eisen die dit contact stelt en de tegenstrijdigheid hiervan met datgene wat ze traditioneel vanuit hun opvoeding hebben meegekregen.

De gebrekkige sociale vaardigheden van de Japanner gaan tevens gepaard met zorgen over hoe de ander over hen denkt. Koste wat kost moet de harmonie in het contact blijven bestaan en om dat te bereiken neigt men er toe in sterke mate tegemoet te komen aan de verwachtingen die men bij die ander aanwezig vermoedt.

Perfectionisme

Behalve de neiging tot aanpassing is ook het perfectionisme van de Japanner bekend. Dit wordt op individueel niveau nogal eens teveel, met als gevolg dat een veel voorkomende persoonlijkheidsstoornis de dwangmatige is. Mensen met deze, ook wel obsessief-compulsieve stoornis genoemd, kenmerken zich door een patroon van perfectionisme en inflexibiliteit. Hoe goed een prestatie objectief ook is, het is nooit goed genoeg, men is voorts gepreoccupeerd met regels, efficientie, triviale details, procedures, etc.

In deze stoornis wint werk het altijd van ontspanning en er bestaat een onvermogen tot genieten. Het nemen van beslissingen wordt uitgesteld. Dit probleem komt op zo'n grote schaal voor dat er momenteel van overheidswege programma's worden gelanceerd die de burgers ontspanning en een betere levensstijl moeten bijbrengen. De Japanners nemen te weinig vakantie, als ze die hebben gedragen ze zich net zoals de Japanse toerist die wij kennen uit de groepsreizen, ze kunnen niet echt genieten van rust.

De ongewenste gevolgen hiervan krijgen steeds meer aandacht zoals blijkt uit het fenomeen 'plotselinge dood op het werk'. Een comite van advocaten en artsen heeft hiervoor een telefoonlijn geopend en kreeg in een jaar 1390 telefoontjes te verwerken. Op dit moment is het zover dat vrouwen, waarvan de man dood bleef op de werkplek, wettelijk maatregelen nemen tegen werkgevers die te hoge eisen stelden. Er zijn bedrijven die van hun werknemers verlangen dat ze 3000 uur per jaar aanwezig zijn. Ter vergelijking: in West-Duitsland is dit gemiddeld 1655 uur en in de Verenigde Staten 1924 uur.

Bij vrouwen doen zich eerder eetstoornissen voor, zowel anorexia nervosa als bulimia (vreetaanvallen met gewichtsschommelingen) worden vaak gesignaleerd.

Echtscheiding

Het percentage echtscheidingen is traditioneel laag in Japan, minder dan een op de tien huwelijken eindigt in een scheiding.

Vrouwen werden steeds een op onderwerping gerichte rol bijgebracht, maar dit verandert nu onder invloed van de feministische beweging. In het toenemend aantal echtscheidingen vallen twee pieken op: jong gehuwden komen tot de conclusie dat ze een verkeerde keuze hebben gemaakt en breken hun huwelijk na een paar jaar op.

Een opvallender groep vormen de vrouwen van tussen de vijftig en zestig. De kinderen zijn het huis uit en hun man gaat op 55-jarige leeftijd met pensioen. Vrouwen richtten zich altijd vooral op de kinderen en de mannen op hun werk. Deze mannen worden spottend 'kakkerlak-man' genoemd, ze komen thuis, kunnen niets in de huishouding, doen ook niets en zitten er maar, tot toenemende ergernis van hun eega. Hun persoonlijke relatie blijkt dan zo mager te zijn dat gespreksonderwerpen uitblijven. Dit duurt dan net zo lang totdat de vrouw des huizes de benen neemt.

Haar risico is niet gering, gezien het feit dat het merendeel zichzelf, na zo'n stap, financieel zal moeten bedruipen. Van de kant van het bedrijfsleven worden nu programma's ontworpen om mannen voor te bereiden op deze problemen. Voor de jongere generaties lijkt dit probleem in mindere mate op te gaan.

Introvert

In de psychische stoornissen die in Japan veel voorkomen valt op dat deze aansluiten bij de typische Japanse psychologische stijl: introvert. In het westen zien we juist het omgekeerde: steeds meer gedragsproblemen ontstaan waarbij drop-out en acting-out een belangrijke rol spelen, hier worden psychische conflicten toenemend uitgeleefd in de sociale omgeving. Voorbeelden: spijbelen van school, druggebruik, alcoholmisbruik en geweldsdelicten.

Vooral in de Verenigde Staten, maar toenemend ook in Europa, gaat dit gepaard met de typische extraverte psychologische stijl. Mensen met extraverte trekken hebben minder intrapsychische remmingen, zij worden meer door hun omgeving gecorrigeerd dan door hun eigen waarden en normensysteem.

In Japan is juist dit waarden- en normensysteem sterk ontwikkeld en dat heeft gevolgen voor de psychische huishouding en de stoornissen. Druggebruik en geweldsdelicten komen in Japan veel minder voor. De Japanse psycholoog Mori vergeleek in een studie de identiteitsvorming onder Japanse studenten met Amerikaanse. De Japanners bleken hoog te scoren op identiteitsconflicten; hierbij stonden twijfels tussen individualistische neigingen en de verwachtingen van de samenleving (collectivisme) centraal. De Amerikanen ervoeren veel minder identiteitsconflicten, waren meer egocentrisch en trokken zich minder van andermans problemen aan. De Japanners bleken pas omstreeks hun dertigste jaar beide attitudes beter te integreren in hun persoonlijk leven.

Vuile was

Oppervlakkig gesproken lijkt er in de Japanse samenleving veel plaats voor psychologen die zich richten op het diagnostiseren en behandelen van psychische stoornissen. Psychotherapie is echter niet erg populair. In de Japanse cultuur is het gezinsverband hecht, de individualiseringstendens, die in het westen sterk tot uiting komt, leeft hier nog minder. Praten over problemen doe je in de familie, je vuile was hang je niet buiten, want je wilt in ieder geval geen smet werpen op je familie.

Als er wel deskundigen in de arm genomen moet worden, blijken deze zeer beperkt beschikbaar. Er zijn ongeveer 10.000 psychologen op een bevolking van 120 miljoen zielen. Het aantal psychologen dat zich met psychische stoornissen en de behandeling bezighoudt is minder dan een derde van dit totaal.

Voorts zijn de moderne psychotherapieen nog maar mondjesmaat voorradig. Japanners kennen wel hun eigen traditionele therapieen, afkomstig uit het zen-boeddhisme, bijvoorbeeld de 'Morita'- en de 'Nikan'-therapie. Beide vormen sluiten aan bij de introverte stijl van de Japanner.

Centraal staan hierin het 'jezelf terugvinden', de introspectie en het tot rust komen. Gedurende dit proces komt dan van tijd tot tijd de therapeut langs om een en ander met de client door te nemen. Van de westerse psychotherapieen is het niet verwonderlijk dat de Rogeriaanse (oftewel client-centered therapie) enige invloed heeft gehad. Deze worden echter niet op grote schaal toegepast.

De traditionele Japanse waarden, ingegeven door de overheersende religies Shintoisme en Boeddhisme, lijken klem geraakt te zijn in de structuren van een moderne industriele grootmacht, die geheel eigen eisen stelt. De economie is veel harder gegroeid dan de gedragsvormen tussen de mensen. Tegelijkertijd kon de economische expansie mede ontstaan door juist deze psychologische karakteristieken van de gemiddelde Japanner.

De overheersende psychische problemen in Japan lijken tamelijk direct samen te hangen met de maatschappijke context. De vraag kan dan ook worden gesteld of individuele psychologische oplossinggen wel de meest geschikte zijn - misschien is het wel zo dat de Japanse samenleving eerder in sociaal opzicht een herstructurering behoeft. (Dit alles uiteraard bezien door Westerse ogen. Omgekeerd kan men zich ook voorstellen dat Japanners het hunne denken van de richting waarin de Westerse psychologische problemen zich ontwikkelen: een toename van narcisme, extraversie, minder gewetensdruk, minder sociale angsten, minder remmingen, meer agressie en seksualiteit, meer individualisme, etc., een en andere waarschijnlijk samenhangend met een verminderde invloed van religies.)

De Japanse samenleving staat nu voor de complexe opgave om de evidente voordelen van nu te conserveren en toch de veranderingen door te maken die noodzakelijk zijn om in de pas te blijven met andere westerse grootmachten.

    • Jan Derksen Ankie Klein Herenbrink A. J. Dunning