Italie gaf Barre miljarden guldens hulp

ROME, 3 jan. - Italie heeft gisteren vier militaire transportvliegtuigen en twee marineschepen richting Somalie gestuurd in een poging buitenlanders te evacueren die het land uitwillen nadat daar felle gevechten zijn uitgebroken.

Twee Hercules C-130 transportvliegtuigen en twee kleinere G-222 transporttoestellen van Italiaanse makelij zijn naar Nairobi vertrokken. Vandaar zullen zij naar Mogadishu gaan zodra de situatie het toelaat. Twee marineschepen die in de Golf waren, hebben koers gezet naar Somalie voor een eventuele evacuatie over zee.

Italie, dat voor miljarden guldens hulp heeft gegeven aan president Barre, heeft ook een dertigtal parachutisten meegestuurd. Maar hun taak is volgens Buitenlandse zaken alleen te helpen bij de evacuatie.

Onderzocht wordt of een eventuele evacuatie kan gebeuren onder auspicien van het Rode Kruis. Vittorio Surdo, woordvoerder van de Farnesina, het Italiaanse ministerie van buitenlandse zaken, zei dat Italie ook bereid is de evacuatie alleen te verzorgen.

Onder de buitenlanders in Somalie, ontstaan door de samenvoeging van Britse en Italiaanse kolonies en tot de onafhankelijkheid in 1960 tien jaar bestuurd onder Italiaans mandaat, zijn de Italianen in de meerderheid. De meesten van hen zijn betrokken bij ontwikkelingsprojecten. In de hoofdstad Mogadishu, waar het felst wordt gevochten, zijn volgens een schatting van de Farnesina 300 Italianen. Elders in het land zijn er nog vijftig.

Italie heeft zich ook bereid verklaard andere buitenlanders te evacueren. Ongeveer honderd Duitsers, Fransen en Amerikanen zouden zich hiervoor hebben aangemeld bij de Italiaanse ambassade.

De Somalische ambassade in Rome heeft geirriteerd gereageerd op het Italiaanse initiatief. In een niet-ondertekend communique dat gisteren werd uitgegeven, wordt gewaarschuwd tegen een militaire interventie onder het mom van een evacuatie-poging. Italiaanse inmenging kan leiden tot “een oorlog met onvoorspelbare consequenties”, aldus het communique.

Later op de dag verklaarde de Somalische zaakgelastigde in Rome dat het communique een persoonlijk initiatief van de consul was en dat “de Somalische diplomaten in Rome proberen de excellente relaties die tussen de twee landen bestaan, te versterken”.

Die goede betrekkingen zijn vooral het gevolg van de royale hulp die Rome aan zijn voormalige kolonie heeft gegeven. Somalie is 'concentratieland' nummer een voor Italie, en een derde van de hulp die Somalie tussen 1984 en 1987 heeft ontvangen, kwam uit Italie. In totaal wordt de hulp die Italie de afgelopen jaren heeft gegeven, geschat op twee biljoen lire, ruim drie miljard gulden.

Zowel in Italie als in Somalie is die hulp omstreden, omdat Rome hiermee het regime van president Barre, door Amnesty International omschreven als een van de meest wrede dictators van Afrika, in het zadel zou hebben gehouden. Een belangrijk verwijt daarbij is dat de regering in Rome alle kaarten op Barre heeft gezet.

“Barre is zeker niet erger dan andere dictators in de Derde wereld en er zijn geen geloofwaardige alternatieven voor het regime”, heeft de socialistische minister van buitenlandse zaken Gianni De Michelis gezegd. Zijn partij is sinds begin jaren tachtig, nadat Somalie zich had afgekeerd van de Sovjet-Unie en betere contacten begon te zoeken met de Westerse landen, de belangrijkste gesprekspartner van het bewind in Mogadishu. In de jaren zestig was de christen-democratische partij de geprivilegieerde partner, en na het aantreden van Barre waren dat de communisten. Maar de afgelopen tien jaar zijn de meeste van de besluiten over de banden met Somalie genomen door socialistische bestuurders.

Daarbij is ook vaak het verwijt gevallen dat de Italiaanse ontwikkelingshulp werd gebruikt als een voortzetting van het clientelisme dat in eigen land hoogtij viert. De Italiaanse hulp is volgens een vaak-gehoorde kritiek nauwelijks ten goede gekomen aan de bevolking van Somalie, maar heeft vooral goede winsten opgeleverd voor de Italiaanse bedrijven die de hulpprojecten mochten uitvoeren.

Italiaanse oppositiepartijen als de communisten en de Groenen, maar ook een kleine coalitiepartner als de Republikeinse partij, hebben de regering verweten te lang een dictatoriaal regime te hebben gesteund. Zij willen dat Rome nu duidelijk afstand neemt van Barre.