Banengroei Amsterdam blijft achter

AMSTERDAM, 3 JAN. De groei van de werkgelegenheid in de regio Amsterdam met 2, 4 procent in 1990 is achtergebleven bij de groei op landelijk niveau (3, 4 procent). Dit heeft de voorzitter van de Kamer van Koophandel voor Amsterdam, R. S. L. M. de Vilder, gisteren bekendgemaakt in zijn jaarrede.

De Vilder wijt de geringere groei van de werkgelegenheid in de regio Amsterdam onder meer aan een minder sterke ontwikkeling van de omzet van het midden- en kleinbedrijf in de regio. In bedrijven met minder dan 50 werknemers bedroeg de omzetgroei vorig jaar 2, 3 procent, terwijl dit percentage landelijk op 3, 2 uitkwam. De omzet van de ondernemingen met meer dan 50 werknemers nam in de Amsterdamse regio met 6, 8 procent toe. Ook in dit opzicht wijkt het Amsterdam af van het landelijke beeld, waarin de omzet in grotere bedrijven met 2, 2 procent steeg.

Om de economische positie van de regio Amsterdam te versterken is het nodig de bereikbaarheid te vergroten, aldus De Vilder. De aanleg van een noord-zuid metrolijn noemde hij in dit verband een eerste vereiste. “Voor wie dat nog niet wist: een metro kan met de moderne technieken gebouwd worden zonder dat een gebouw hoeft worden afgebroken”. Ook een goede, directe verbinding tussen het Westelijk Havengebied en Schiphol achtte De Vilder noodzakelijk. Over de stagnatie in de ontwikkeling van de IJ-oevers maakte de voorzitter zich zorgen. “Wanneer deze maand geen beslissingen worden genomen, verliezen we de slag”, aldus De Vilder.

De gemeente Amsterdam zou volgens hem voorzichtig moeten zijn bij het stellen van de grondprijzen. Wanneer die te hoog worden zullen bedrijven zich buiten Amsterdam vestigen. Voor het vestigingsklimaat is een groter aanbod van duurdere woningen evenzeer nodig.

Het plan om van de Amsterdamse binnenstad het 17de stadsdeel te maken met een eigen deelbestuur ontraadde De Vilder. “De binnenstad is van te groot belang voor het economisch functioneren van de hele regio, om niet aan het centrale stadsbestuur over te laten.” De Vilder ziet veel in een regionale bestuursvorm voor Amsterdam en omstreken (de ROA), op het gebied van volkshuisvesting, verkeers- en vervoersbeleid, gronduitgiftebeleid en milieu. Zijns inziens moet er voor het ROA-gebied ook een Kamer van Koophandel komen.