Tabak: slechte oogst bij toenemende vraag

Met een sterk toenemende vraag en slinkende wereldvoorraden besloten de 24 tabak-exporterende bedrijven van Brazilie om de 120.000 tabaksplanters in het land aan te moedigen door hun begin dit jaar een prijsverhoging van 67 procent aan te bieden. De tabaksexporteurs voorzagen dat het te beplanten gebied zou toenemen, genoeg om tegemoet te komen aan de groeiende vraag.

Maar in werkelijkheid zal er in 1991 niet meer tabak beschikbaar zijn in Brazilie dan de 365.000 ton van dit jaar. Van die hoeveelheid wordt overigens de helft in eigen land verbruikt. Als het slechte weer aanhoudt zou de oogst zelfs slechter kunnen uitvallen. En dat terwijl de vraag, vooral die uit Oost-Europa, veel groter is dan was voorzien.

Ondanks het feit dat de exportprijzen dit jaar vijftien procent worden verhoogd en alle voorraden zijn verkocht, hebben alle tabaksexporteurs die hun hoofdkwartier hebben in Santa Cruz do Sul, in de deelstaat Rio Grande do Sul, dit jaar verlies geleden. Volgens directeur Nelson Bennemann is 1990 voor de tabaksindustrie het slechtste jaar aller tijden geweest.

De industrie is het slachtoffer geworden van de recente serie economische maatregelen, het 'plan Collor', genoemd naar president Fernando Collor. Dit plan had de tabaksindustrie nauwelijks erger kunnen treffen als het speciaal daarvoor ontworpen zou zijn.

De industrie bouwt elk jaar grote voorraden contant geld op om de oogst tussen januari en april te kunnen opkopen. Als de boeren de tabak afleveren voor bewerking worden er contracten afgesloten voor de volgende oogst. Iedere boer produceert exclusief voor een bedrijf dat ook alle benodigde middelen levert. Op 15 maart werden alle bankdeposito's van de tabaksbedrijven voor de komende achttien maanden bevroren en - omdat de ondernemingen geen contant geld hadden - werden ze gedwongen de betalingen aan de boeren te onderbreken.

Net voor het plan-Collor was de cruzado ongeveer vijftig procent overgewaardeerd geweest en men verwachtte dat die ten minste net zoveel zou devalueren onder de nieuwe regering. In feite leidde de liquiditeitscrisis ertoe dat de munt, nu de cruzeiro, steeg ten opzichte van de dollar. Maar in plaats van dat de bedrijven de opbrengsten van de tabaksexport vooruit konden schuiven totdat de koers verbeterde, waren zij gedwongen het geld voortijdig te wisselen om aan hun verplichtingen te kunnen voldoen.

In normale jaren vernieuwt slechts twee procent van de tabaksboeren hun contract met de exporteur niet, maar dit jaar was dat tien procent.

Het bleek mogelijk andere boeren te vinden die de plaats wilden innemen van degenen die niet meer zouden planten. En ook het natuurlijke gebied waar tabak wordt verbouwd - circa 200.000 hectare - werd niet kleiner. Desondanks verminder de produktie doordat nieuwelingen minder produceren dan degenen die al jaren lang tabak planten. Of dit alles nog niet genoeg was, waren de groeicondities voor de oogst van 1990-91 de slechtste sinds vele jaren, waardoor de produktiekosten werden opgedreven.

De winter was extreem lang en ongewoon koud, zodat veel zaailingen doodgingen en er opnieuw moest worden geplant. Het voorjaar en de vroege zomer zijn de natste geweest sinds tijden, met meer dan 1000 millimeter neerslag tussen begin september en midden november in het belangrijkste tabaksgebied. De tabaksbedrijven gaven de boeren gewoonlijk noodvoorraden nitraat-kunstmest die gebruikt kon worden in geval van hevige regenval.

De stortregens spoelden het nitraat dit jaar van de bodem en er waren drie of vier extra bemestingen nodig om de planten te behoeden voor het verwelken. De extra kunstmest moest in grote haast naar de boerderijen worden getransporteerd en is daar niet altijd op tijd aangekomen om de planten te redden.

De tabaksplanten zijn lichter dan normaal en hebben meer bladeren, maar de kwaliteit is verder goed. Betere groeicondities tegen het einde van het jaar hebben iets goed gemaakt van de eerdere schade, maar niet genoeg om voldoende tabak te produceren om aan de vraag te voldoen.

Verscheidene factoren jagen de vraag op. Er zijn op het moment in de hele wereld praktisch geen tabaksvoorraden terwijl de Philip Morris-fabrieken in Brazilie circa 24 miljard sigaretten fabriceren voor de export naar de Sovjet-Unie, een order waarvoor omgeveer 25.000 ton tabak nodig is. Behalve de sigaretten zal de Sovjet-Unie omstreeks 100.000 ton tabak moeten importeren om een tekort aan eigen oogst goed te maken. Die Sovjet-oogst ging 25 procent omlaag na het stopzetten van de subsidies aan de planters.

Hoewel de oogst van de Verenigde Staten dit jaar groter was, zal alle tabak die daar wordt geproduceerd nodig zijn voor de extra sigaretten die de VS nu denken te kunnen exporteren na de waardedaling van de dollar. Import van meer dan 40.000 ton uit Brazilie - het cijfer van vorig jaar - zal misschien ook nodig zijn in 1991.

Alleen Zimbabwe had wat meer tabak te verkopen. Maar het is niet waarschijnlijk dat de produktiestijging van dit jaar in 1991 zal worden herhaald, omdat de opbrengst uit de export van tabak niet is gebruikt om de essentiele irrigatie en andere uitrusting aan te schaffen.

De prijsstijging in Brazilie, van tussen de 50 en 65 procent vergeleken met Amerikaanse tabak, verliep bijna ongemerkt voor alle klanten met uitzondering van die in de VS. Dat kwam door de opwaardering van veel munten van tabaksproducerende landen ten opzichte van de dollar waarin de Braziliaanse tabak is geprijsd. De Brzaliaanse bedrijven zijn van plan de boeren prijzen te bieden voor de oogst van 1992 die zullen garanderen dat zij volgend jaar aanzienlijk meer zullen planten. Optimisme gaat evenwel gepaard met voorzichtigheid omdat men zich afvraagt of de produktie van de Sovjet-Unie zich zal herstellen en of de oogstvermindering permanent zal zijn.

Maar de toekomst met zoveel kritische factoren in Brazilie, vooral van het wisselkoersbeleid en de inflatie, blijft zo onzeker dat het vaststellen van een prijs die meer dan een jaar later moet worden betaald, uitzonderlijk moeilijk is.

Financial Times

    • Patrick Knight