Jonge Amerikaanse conservatieven organiseren zich: Yuppies bidden in Wall Street

NEW YORK, 2 jan. - “Wij zijn niet dogmatisch”, zegt de 38-jarige gepensioneerde investeringsbankier George Sim Johnston in zijn appartement aan de statige Park Avenue in New York. In 1981 nam hij ontslag als vice-president bij de firma Salomon Brothers in Wall Street om zich geheel te wijden aan het schrijven van tijdschriftartikelen en een roman.

Elke ochtend staat hij vroeg op om naar de mis te gaan, waarna het ontbijt volgt en een ochtend schrijven in zijn kantoortje op de bovenste verdieping van het appartementsgebouw. Tevens besteedt hij veel tijd aan de zorg voor zijn drie kinderen. Hij deelt die taak met zijn vrouw. “Ik lig tegenwoordig goed bij feministen”, zegt hij. Een vierde is op komst. Johnston: “Ik zou dit niet kunnen doen, als ik geen geld van mijn familie had.”

Hij groeide honderd meter verder op, aan dezelfde Park Avenue.

Johnston is mede-oprichter van een nieuwe New Yorkse salon voor een groep conservatieve schrijvers, redacteuren van opiniepagina's en tijdschriften onder mentoraat van schrijver Tom Wolfe, auteur van 'Het vreugdevuur der IJdelheden'. Die schreef tenminste een warm voorwoord voor een onlangs uitgebrachte bundel van deze groep jongere babyboomers uit de jaren vijftig die zich Vile Body noemen. “Een van de meest innemende aspecten aan de vijftien schrijvers in deze bundel is hun weigering om cliches en conventionele wijsheden te aanvaarden. Het beeld dat ze ons geven van hun eigen soort, de geboortegolvers, komt niet uit de hitte van de politiek of de geldkoorts. Het is de visie over de dageraad van de morgen erna. Ze houden er nog steeds van om over zichzelf te praten. In feite zijn ze er dol op. Maar ze hebben net een koude douche genomen”, aldus Wolfe.

Uit de stukken stijgt overigens wel een behoudende geur op. In tegenstelling tot de eveneens uit New York afkomstige oudere neo-conservatieven, die in de jaren zeventig met veel passie morele vragen stelden over positieve discriminatie, de verzorgingsstaat en ontspanningsbeleid, is de houding van deze 'geboortegolvers' gedistantieerd en vrijblijvend. De bundel bevat sociologische beschrijvingen van zichzelf. Veel neo-conservatieven waren oudgedienden van de strijd om de burgerrechten in de jaren vijftig en zestig, maar deze jongere conservatieven, van wie Johnston de oudste is zijn opgegroeid met de meer consumptieve kant van de jaren zestig.

De naam van de salon, Vile Body, getuigt van zelfironie en herinnert aan Evelyn Waugh's roman over het zinloze bestaan van het briljante deel van de Engelse jeunesse doree in de jaren twintig. Alle leden van de salon, die bijeenkomt in het bruinstenen pand van de conservatieve denktank 'Manhattan Institute' aan de New Yorkse Upper East Side, zijn bewonderaars van Waugh.

Alle mogelijke conservatieve varianten zijn vertegenwoordigd, van atheistische libertijnen tot bijbelvaste anti-isolationisten. “Over de Amerikaanse rol in de Golf zijn de meningen totaal verdeeld”, zegt Johnston die de conservatieven in New York een “belegerde minderheid” acht.

Na het Reagantijdperk en het einde van de Koude Oorlog heeft president Bush het conservatisme voor binnenlands beleid op een laag pitje gezet. Conservatieven debatteren na het einde van de Koude Oorlog onder elkaar over een nieuwe agenda maar keren zich ook af van de politiek. Ook Vile Body doet dat. “Er gebeurt eindelijk iets in Amerika dat grondige aandacht verdient. Het is niet het einde van de geschiedenis (in de zin van ideologische wedijver)”, schrijft mede-oprichter Terry Teachout in de bundel. “Het is het verzwakken van het na-oorlogse Amerikaanse geloof in de macht van de politiek om van de wereld een duidelijk betere plaats te maken.”

“Met uitzondering van abortus (en in toenemende mate positieve discriminatie) schijnt niemand nog ergens boos over te willen worden”, vervolgt hij. Toen Teachout een vrouw in Washington wilde vinden die tegen gelegaliseerde abortus was voor een artikel in Harper's, antwoordde zijn contact in die stad dat hij dergelijke vrouwen niet kon vinden. “De vrouwen zeggen hier wat ze moeten zeggen, maar ze geloven er geen woord van. Als ze moeten kiezen tussen een baby en een betere baan, dan zouden ze altijd de baan nemen”, zou zijn bemiddelaar hebben geantwoord.

De 34-jarige Teachout verwisselde twee jaar geleden zijn redacteurschap van het in hoog aanzien staande maandblad Harper's Magazine voor de functie van hoofdartikelenschrijver bij de sensationele New York Daily News waar hij ondanks de algemene staking, die bij de drukkers begon, blijft werken.

In zijn oude, ruime appartement, hoog boven Park Avenue praat Johnston over een vraagstuk dat veel New Yorkers bezighoudt: de hoge misdaadcijfers, volgens hem voortvloeiend uit het links-liberale karakter van de stadsbesturen van New York, “de instorting van waarden, het verval van de godsdienst”.

Ook de niet-religieuze leden van Vile Body prijzen de rol van godsdiensten in de samenleving.

Ook andere 'geboortegolvers' zijn Johnston gevolgd in zijn religieuze belangstelling. In New York groeien de katholieke kerk en de evangelische kerken. Er is zelfs een speciale bijbelstudiemissie voor Wall-Streetmakelaars. Mannen en vrouwen in krijtstreeppakken en mantelkostuums doen er wekelijks bijbelstudie. Als streng katholiek zet Johnston zich af tegen de vrijblijvende manier waarop zijn generatie kiest uit het menu van de regels die een godsdienst oplegt, en een “geredigeerde versie van de bergrede” volgt. “We leven nu op het kapitaal van het judeo-christendom en dat kapitaal wordt minder”, zegt Johnston. “De meeste mensen improviseren hun waardensysteem. Ze geloven niet in een objectieve waarheid. Dergelijke vraagstukken reiken boven de politiek. Wij zijn doodmoe van politiek.”

Het verval van waarden doet zich volgens Johnston niet alleen voor in de woningwetwoningen van de arme wijken waar families en andere sociale verbanden desintegreren maar ook op Wall Street, waar de zakelijke ethiek is verdwenen. Het befaamde boek 'Het vreugdevuur der ijdelheden', waarvoor Wolfe twee weken lang kennis van het financiele jargon kwam opdoen bij Salomon Brothers, wordt door de leden van Vile Body beschouwd als het conservatieve sluitstuk van de jaren tachtig, zoals het verheerlijkende essay 'Welvaart en armoede' van George Gilder het verlokkelijke, conservatieve begin was.

    • Maarten Huygen