Singapore zelf is een groot standbeeld voor Lee Kuan Yew; Nieuwe premier Goh in spoor voorganger

ROTTERDAM, 30 nov. - De Chinese leider Deng Xiaoping heeft er nooit een geheim van gemaakt: zoals Lee Kuan Yew - een Chinees - Singapore heeft opgestuwd in de vaart der volkeren, zo zou het ook met de Volksrepubliek moeten gaan. Lee Kuan Yew (67) had zelf ook graag een groot land willen leiden, maar moest zich 31 jaar behelpen met een ministaat, Singapore, zijn Singapore. Deze week trad Lee vrijwillig af om plaats te maken voor Goh Chok Tong (49). Lee is er de man niet naar om vanaf de tweede rij toe te kijken, 13 jaar lang hield hij Gohs hand vast en die zal hij voorlopig niet loslaten.

Het is geen toeval dat de Chinese communisten jaloers naar Singapore kijken. Veertig jaar geleden bevonden Singapore en China zich op een vergelijkbaar, laag niveau van economische ontwikkeling en kwamen beide landen onder het leiderschap van sterke mannen, China onder Mao, Singapore onder Lee.

China is onder Mao op dat niveau gebleven, Singapore werd met een groeipercentage van 9 procent per jaar het op een (Japan) na rijkste land van Azie en die groei gaat almaar door. Terwijl de communist Mao Zedong zijn Volksrepubliek bestuurde via communes en staatsbevoogding, bouwde Lee Singapore, met de mensen als enige natuurlijke bron, op volgens zijn eigen autoritaire versie van gematigde sociaal-democratie: veel ruimte voor particulier initiatief, maar met een sterke, alles overziende overheid.

Had China ook maar een Lee gehad, moet Deng Xiaoping, die enige jaren na de dood van Mao in 1976 als China's leider overging tot drastische economische hervormingen, vaak bij zichzelf hebben gedacht.

De Britse kroonkolonie Singapore kreeg in 1955 haar eerste wetgevende vergadering en vier jaar later zelfbestuur onder Brits toezicht. Lee Kuan Yew, een in Cambridge opgeleide advocaat en leider van de People's Action Party (PAP), werd door de bevolking gekozen tot premier, de eerste van het land. In 1963 ging Singapore op in de federatie Maleisie, maar Lee was in de ogen van de centrale, door Maleiers gedomineerde regering in Kuala Lumpur een Chinees die te zeer zijn eigen weg wilde gaan. Zo weigerde hij gehoor te geven aan de richtlijn dat Maleiers de belangrijkste posten in de economie moesten innemen. - In Maleisie vormen de Maleiers de grootste bevolkingsgroep met 55 procent en zijn de Chinezen met 35 procent in de minderheid. Singapore heeft 75 procent Chinezen tegen 15 procent Maleiers.

In 1965 werd Singapore uit de federatie gezet, tot groot verdriet van Lee die daarmee zijn aspiraties op een groot leiderschap zag vervluchtigen. Hij riep, noodgedwongen, de republiek Singapore uit, waarin de feitelijke macht niet bij de president maar bij de premier kwam te liggen.

Teruggeworpen op zijn eigen kleine grondgebied, met dat kleine aantal mensen, begon Lee aan een lange, indrukwekkende operatie: het maken van een ideale staat. Confucianisme was de leer en Lee zijn profeet. Hoewel het land steeds een formele democratie is geweest, dwong Lee absolute gehoorzaamheid af van zijn onderdanen in ruil voor de belofte hen rijk te maken.

En de Singaporezen accepteerden Lee's weg, acht maal hadden ze de kans in vrije verkiezingen een andere leider te kiezen, acht maal werd Lee Kuan Yew, weliswaar geholpen door het van de Britten geerfde districtenstelsel, herkozen. Bij de laatste verkiezingen in 1988 kreeg de PAP 62 procent van de stemmen, goed voor 80 van de 81 zetels in het parlement.

De enige opposant in het parlement, Chiam See Tong van de kleine Democratische Partij, moet uiterst voorzichtig opereren. Chiam is niet de eerste volksvertegenwoordiger die het tegen Lee heeft opgenomen, maar zou ook niet de eerste zijn die daarvan de nare gevolgen ondervindt. Chia Thye Poh, parlementslid in het eerste jaar van de republiek, zit al sinds 1966 zonder vorm van proces vast, omdat zijn socialistische ideeen Lee niet aanstaan. In 1981 waagde een andere politicus, J. B. Jeyaretnam, het Lee tegen te spreken. Jeyaretnam werd in het parlement gekozen, waarna Lee het hele overheidsapparaat in werking stelde om hem het leven zuur te maken. De volksvertegenwoordiger werd veroordeeld wegens - onbewezen - criminele activiteiten en uit het parlement gezet. Jeyaretnam ging in 1988 in beroep bij de Britse Kroonraad, nog altijd de hoogste beroepsinstantie van Singapore, die hem volledig in het gelijk stelde. Lee reageerde door de beroepsmogelijkheden in te perken. Zijn belangrijkste verwijt aan het adres van Jeyaretnam: 'Hij is geen confucianist'.

Het is maar de vraag of de machtswisseling zal leiden tot een soepeler opstelling van de overheid. Het was tenslotte Goh Chok Tong die in 1987 de arrestatie van 22 kerkleiders gelastte die werden verdacht van een 'marxistisch complot' en het was ook de nieuwe man die de buitenlandse pers beperkingen oplegde. Met name de Asian Wall Street Journal en de Far Eastern Economic Review, twee Amerikaanse bladen, moeten het in de censuur ontgelden. De uitgever, Dow Jones, besloot deze maand daarom de uitgave in Singapore voorlopig te staken.

Is Singapore onder Lee een klein paradijsje geworden, waarin helaas ook nog een paar duivelse elementen verblijven, of is het een Brave New World? Die vraag lijken sommige Singaporezen zich ook te stellen. Een ieder die dat wil kan in het land een zeer goed materieel bestaan opbouwen, werkloosheid bestaat niet - er is zelfs een gebrek aan arbeidskrachten. Onderwijs, gezondheidszorg en openbaar vervoer zijn tot in de puntjes geregeld. Singapore is een bijna perfect landje. Toch verlieten vorig jaar bijna 5.000 gezinnen Singapore om elders, voornamelijk in de Verenigde Staten of Australie, goed betaalde banen aan te nemen.

Sommige burgers van Singapore zijn kennelijk, ondanks de confucianistische opvoeding van Lee, afgeschrikt door het vele dat niet mag. Op het weggooien van afval staat een hoge boete die kan oplopen tot duizend gulden. Naar een openbaar toilet geweest en niet doorgespoeld? 150 gulden boete. Teveel gegeten in een restaurant? Betalen. Roken in openbare gebouwen, zwart rijden met de metro, te hard gereden, voor elke overtreding moeten de Singaporezen veel meer betalen dan waar ook ter wereld voor soortgelijke vergrijpen. En het zijn geen loze dreigementen, de politie voert haar taak nauwgezet uit. Het regeringsgezinde dagblad Straits Times publiceerde onlangs een foto van een man die door de politie werd opgebracht wegens het niet nakomen van het doorspoel-gebod.

Zo heeft Lee Kuan Yew zijn eigen, sobere puriteinse levenstijl opgelegd aan een heel land. Daarin past ook geen persoonsverheerlijking. In Singapore staan geen beelden van Lee en zijn geen straten naar hem genoemd. Een van de oprichters van de PAP, Sinnathamby Rajaratnam, zei deze week bij de machtsoverdracht dat Lee ook geen standbeeld nodig heeft. 'Singapore is zijn standbeeld.'